wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Periode 3 toets N4

Total questions: 27

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Om netvervuiling tegen te gaan moet men de oorzaak aanpakken.

De oorzaak kan zijn:

a)

Slechte bedrading.

b)

Belasting niet goed verdeeld.

c)

Netfilters toegepast.

d)

Bij het ontwerp van de installatie geen rekening gehouden met de harminuschen.

2.

Een veiligheidsketen is een hulpstroomketen waarin zijn opgenomen één of meer:

a)

Veiligheidscontacten

b)

Contacten van elektrische beveiligingsmiddelen.

c)

Contacten van relais of contactors die niet door veiligheidscontacten of elektrische beveiligingsmiddelen worden aangestuurd.

3.

Het wattage aangegeven op een elektromotor is het?​ ​ vermogen.​ ​ (a)  

Choose from the below words
Opgenome​
Afgegeven
Blind
4.

Zet de juiste formules bij elkaar

a)

1.

Driehoek

b)

2.

Ster

c)

3.

Schijnbaar vermogen

d)

4.

Blind vermogen

e)

5.

Werkelijk vermogen

5.

Bij welke opstelling hoort dit.

a)

Ster opstelling

b)

Driehoek opstelling

6.

Wat is een kenmerk van een TN-S stelsel?

a)

De aarde is gecombineerd met de nulleider

b)

Er is geen verbinding met de aarde

c)

Er is een aparte beschermingsleiding

d)

De nulleider is niet geaard

7.
a)
Waar
b)

Niet waar

8.

Hogere harmonischen worden vaak veroorzaakt door onder andere:

a)

Computers

b)

Voedingen

c)

Elektronisch geregelde lasapparaten

d)

Spaarlampen

9.

Om netvervuiling tegen te gaan moet men de oorzaak aanpakken.

De oorzaak kan zijn:

a)

Slechte bedrading.

b)

Belasting niet goed verdeeld.

c)

Netfilters toegepast.

d)

Bij het ontwerp van de installatie geen rekening gehouden met de harmonische.

10.

Een veiligheidsketen is een hulpstroomketen waarin zijn opgenomen één of meer:

a)

Veiligheidscontacten

b)

Contacten van elektrische beveiligingsmiddelen.

c)

Contacten van relais of contactors die niet door veiligheidscontacten of elektrische beveiligingsmiddelen worden aangestuurd.

11.

Wat is de formule om het werkelijk vermogen te berekenen?

(a)  

12.

Welke twee aspecten geeft een installatietekening weer?

4 lines
13.

Waar hoort deze stroomvorm bij?

a)
b)
c)
d)
14.

  Welke van de onderstaande bewering zijn juist

 

Bewering 1: Arbeidsfactor van een motor heeft alles te maken met Cosinus phi.

Bewering 2: Bij een draaistroom motor met een ster-punt dient er altijd een Nul geleider te worden aangesloten.

Bewering 3: Of een draaistroom motor in Ster of Driehoek word aangesloten heeft alles te maken met de wens van de klant.

a)

Bewering 1 is juist. Bewering 2 en 3 zijn onjuist

b)

Bewering 1 en 3 zijn juist. Bewering 2 is onjuist

c)

Bewering 2 en 3 zijn juist. Bewering 1 is onjuist

d)

Bewering 2 is juist. Bewering 1 en 3 zijn onjuist

15.

Welke formule hoort bij een batterij.

a)

U=I×RU=I\times R

b)

E=Uk+UvE=Uk+Uv

c)

Ri=UvIRi=\frac{Uv}{I}

d)

Uk=I×RLUk=I\times RL

16.

Match het volgende

a)

1.

Aanrecht

b)

2.

zitbad

c)

3.

closet

d)

4.

Eenpersoonsbed

e)

5.

Fornuis

17.

Wat stelt onderstaand symbool voor?

a)

LED

b)

Diode

c)

Condensator

d)

Zoemer

18.

Meet en regeltechniek bestaat uit drie stappen.

a)

Invoer

b)

Uitvoer

c)

Verwerking

d)

Aan en uit regeling

e)

Proces

19.

Noem de vier hoofdonderdelen in een automatische regelkring?

a)

Proces, automatische regelaar, corrigerend orgaan, opnemer

b)

Proces, opnemer, corrigerend orgaan, proceswaarde

c)

Productie, corrigerend orgaan, automatische regelaar, meting

d)

Productie, corrigerend orgaan, automatische regelaar, uitvoer

20.

De taken van de BHV'er zijn:

a)

Het verlenen van eerste hulp, brandbestrijding en evacuatie

b)

Het beheren van de administratie

c)

Het uitvoeren van marketingstrategieën

d)

Het ontwikkelen van software

21.

Kies de juiste brandklasse voor een brand veroorzaakt door vaste stoffen zoals hout, papier en textiel.

a)

Brandklasse A

b)

Brandklasse B

c)

Brandklasse C

d)

Brandklasse D

22.

Wat is de inhoud van een sproeischuimblusser?

a)

A) Water en een vloeibaar schuimvormend middel

b)

B) Koolstofdioxide

c)

C) Metaalzouten

23.

Match de omschrijving van brandbare stoffen met de juiste brandklasse:

a)

Gasvormige stoffen die branden

1.

C

b)

Vetten die branden

2.

F

c)

Vaste stoffen die branden

3.

A

d)

Metalen die branden

4.

D

e)

Vloeistoffen die branden

5.

B

24.

Dit is een handbrandmelder die de.....

a)

Blusgasinstallatie activeert

b)

Slow whoop activeert

c)

Blusgasinstallatie blokkeert

d)

Deur ontgrendeld

25.

Dit is een....

a)

Sprinkler

b)

Optische rookmelder

c)

Maximaal melder

d)

Ionisatiemelder

26.

Met deze handmelder.....

a)

Ontgrendeld u de deur

b)

Alarmeert u de brandweer

c)

Zet u de slow whoop aan

d)

Activeert u de blusgasinstallatie

27.

U ziet hier een

a)

Sprinklerinstallatie

b)

Blusschuiminstallatie

c)

Bluspoederinstallatie

d)

Blusgasinstallatie