wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Bronchitis, asmta en COPD

Total questions: 18

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Welke diagnostische test wordt gebruikt voor bronchitis?

a)

Slijmonderzoek

b)

CT-scan

c)

Urinetest

d)

Bloedtest

2.

Wat draagt bij aan chronische bronchitis naast roken?

a)

Atmosferische vervuiling en een koud vochtig klimaat

b)

Zonnig weer

c)

Droog klimaat

d)

Hoge hoogte

3.

Een tijdelijke ontsteking van de slijmvliezen die de luchtpijp en de bronchiale doorgangen bekleden; veroorzaakt een hoest die slijm kan produceren.

a)

longontsteking

b)

acute bronchitis

c)

COPD

d)

chronische bronchitis

4.

Een langdurige ademhalingsaandoening waarbij de luchtwegen van de longen worden belemmerd door ontsteking van de bronchiën en overmatige slijmproductie.

a)

acute bronchitis

b)

hyperventilatie

c)

chronische bronchitis

d)

emfyseem

5.

Een ziekte van de longen gekenmerkt door terugkerende episodes van luchtwegontsteking die bronchospasmen en verhoogde slijmproductie veroorzaken.

a)

Longontsteking

b)

acute bronchitis

c)

chronische bronchitis

d)

astma

6.

COPD is een verzamelnaam voor twee aandoeningen.

Welke aandoeningen worden aangeduid met COPD?

a)

Astma

b)

Chronische bronchitis

c)

longemfyseem

7.

Jeroen heeft soms een aanval van ernstige benauwdheid. Hij heeft dit vooral als er huisdieren in de buurt zijn. Na een tijdje gaat de benauwdheid over en kan hij weer normaal ademhalen.

Van welke aandoening heeft Jeroen waarschijnlijk last?

a)

Astma

b)

Chronische bronchitis

c)

Hooikoorts

d)

Longemfyseem

8.

Bij een astma-aanval worden de luchtwegen nauwer. Daarom moeten mensen met astma bij een astma-aanval medicijnen gebruiken.

Bij welke manier van toedienen zal het medicijn het snelst werken?

a)

Bij het inslikken van de pil

b)

bij injecteren

c)

bij innemen met een inhalator

9.

Als je stopt met roken, kunnen je longen zich herstellen.

a)

Waar

b)

Niet waar

10.
Bronchitis is meestal een ontsteking bij letter
a)
A
b)
B
c)
C
d)
D
11.
Welke doorsnede hoort bij een astma-aanval
a)
de linker
b)
de rechter
c)
allebei
d)
geen van twee
12.

Wat is 'longemfyseem'?

a)

Slappe en verwijde longblaasjes bij COPD

b)

Schade aan het strottenhoofd bij COPD

c)

Schade aan de keelholte

13.

Wordt astma veroorzaakt door roken? En COPD?

a)

Geen van beide wordt door roken veroorzaakt

b)

Alleen astma wordt door roken veroorzaakt

c)

Alleen COPD wordt door roken veroorzaakt

d)

Zowel astma als COPD worden door roken veroorzaakt

14.

bronchitis =

a)

verkoudheid

b)

longontsteking

c)

ontsteking van de luchtpijptakken

d)

ontsteking van de longblaasjes

15.

Een astma-patiënt gebruikt een puffer bij een aanval zodat

a)

de bronchiën weer verder opengaan

b)

de longblaasjes weer meer zuurstof kunnen opnemen

c)

de luchtpijp weer ontspant

d)

de lucht beter wordt gezuiverd

16.

In de afbeelding zijn vier typen longen schematisch weergegeven.

Welke long is afkomstig van een zoogdier?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

17.

Wat voor medicatie wordt gebruikt om een astma aanval te behandelen?

a)

Hoestprikkel demper

b)

luchtwegverwijders

c)

ontstekingsremmers

18.

Bij jonge kinderen wordt astma vaak veroorzaakt door .....

a)

Een bovenste luchtweginfectie van het slijmvlies in de neus en keel.

b)

Een onderste luchtweginfectie van de luchtpijp en de luchtpijpvertakkingen.