wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

quiz science warmte

Total questions: 24

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.
Wat is bij deze verbranding de brandstof?
a)
de vlam
b)
het kaarsvet
c)
de zuurstof 
2.
Waarom gaat het vlammetje van de kaars uit?
a)
De koolstofdioxide in het potje raakt op
b)
De zuurstof in het potje raakt op
c)
Het lontje is te kort
d)
Het kaarsvet raakt op
3.

Wanneer je een vlam in de pan hebt blus je dit door:

a)

er water over te gooien

b)

het te laten branden

c)

er een deksel op te leggen

d)

er een blusdeken over te leggen

4.

Verbranding schrijf je als de volgende formule:

a)

Brandstof + water --> zuurstof + verbrandingsproducten (rook, CO2, water) + energie

b)

Brandstof + zuurstof --> water + verbrandingsproducten (rook, CO2, water) + enerigie

c)

Energie + zuurstof --> water + brandstof + verbrandingsproducten (rook, CO2, water)

d)

Energie + brandstof --> Water + zuurstof + verbrandingsproducten (rook, CO2, water)

5.

Waar in het huis ontstaan de meeste branden?

a)

De garage

b)

De woonkamer

c)

De keuken

d)

De slaapkamer

6.

Welke vorm of vormen van warmtetransport zijn er bij de verwarming in je huis?

a)

Geleiding

b)

Stroming

c)

Straling

7.

Wanneer lucht wordt opgewarmd door een radiator

a)

Stijgt de lucht op. (warmte lucht gaat omhoog)

b)

Daalt de lucht neer. (warme lucht zakt naar de grond)

8.

Wat is warmtestroming?

a)

Warmte die zich verplaatst via vaste stoffen

b)

Warmte die wordt doorgegeven door straling

c)

Warmte die wordt meegenomen door stromende lucht of vloeistof

d)

Warmte die helemaal niet beweegt

9.

Wat gebeurt er met lucht als het opgewarmd wordt door een radiator?

a)

Warme lucht zakt naar beneden

b)

Warme lucht blijft stilstaan

c)

Warme lucht stijgt op

d)

Warme lucht verandert in kou

10.

Waarom is stilstaande lucht een goede isolator?

a)

Omdat stilstaande lucht warmte snel doorgeeft

b)

Omdat stilstaande lucht warmte slecht doorgeeft

c)

Omdat stilstaande lucht altijd kouder is dan warme lucht

d)

Omdat stilstaande lucht warmte straalt

11.

Welk materiaal maakt gebruik van stilstaande lucht om te isoleren?

a)

Aluminiumfolie

b)

Metaal

c)

Ovenwanten

d)

Glas

12.

Bij welke materialen gaat warmtegeleiding het snelst?

a)

Kunststoffen

b)

Hout

c)

Metaal

d)

Glaswol

13.

Wat gebeurt er bij warmtegeleiding?

a)

Warmte wordt door luchtstromen verplaatst

b)

Warmte verplaatst zich door een vaste stof

c)

Warmte wordt via straling overgedragen

d)

Warmte beweegt niet

14.

Waarom wordt een metalen panhandvat snel heet?

a)

Omdat metaal warmte slecht geleidt

b)

Omdat metaal warmte goed geleidt

c)

Omdat metaal luchtstroming veroorzaakt

d)

Omdat metaal warmtestraling opwekt

15.

Welke van deze is een warmte-isolator?

a)

Koper

b)

IJzer

c)

Hout

d)

Zilver

16.

Wat is warmtestraling?

a)

Warmte die via vaste stoffen wordt doorgegeven

b)

Warmte die via vloeistoffen wordt verplaatst

17.

Welke vorm van warmtetransport gebruikt de zon om de aarde te verwarmen?

a)

Warmtestroming

b)

Warmtegeleiding

c)

Warmtestraling

d)

Warmtepersing

18.

Waarom kan warmtestraling door de ruimte reizen?

a)

Omdat er veel lucht in de ruimte is

b)

Omdat straling geen stof nodig heeft om zich te verplaatsen

c)

Omdat de zon de lucht opwarmt

d)

Omdat warmte altijd naar koude plekken stroomt

19.

Waarom zit er aluminiumfolie op radiatorfolie?

a)

Omdat aluminium warmte goed geleidt

b)

Omdat aluminium warmtestraling terugkaatst

c)

Omdat aluminium de radiator warm houdt

d)

Omdat aluminium elektriciteit geleidt

20.

Waar vindt verbranding in het menselijk lichaam plaats?

a)

in de longen

b)

In elke cel

c)

Alleen in de spieren

d)

in het hart

21.

Waarom ga je sneller ademen tijdens het hardlopen?

a)

Je lichaam heeft meer water nodig

b)

Je spieren hebben meer zuurstof en brandstof nodig

c)

Je wil koolstofdioxide vasthouden

d)

Je longen werken te langzaam

22.

Welke dieren zijn warmbloedig?

a)

Zoogdieren en vogels

b)

Reptielen en vissen

c)

Amfibieën en insecten

d)

Alle dieren

23.

Wat gebeurt er bij koudbloedige dieren in de winter?

a)

Hun lichaamstemperatuur blijft constant

b)

Ze worden actiever

c)

Hun lichaamstemperatuur daalt en ze worden minder actief

d)

Ze produceren extra warmte

24.

Wat gebeurt er tijdens een winterslaap?

a)

De lichaamstemperatuur stijgt tot 37 °C

b)

De stofwisseling wordt lager en het dier koelt af tot ongeveer 8 °C

c)

Het dier blijft actief maar eet minder

d)

Het hart stopt tijdelijk