Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Huid pathologie onderkoeling en decubitus

Total questions: 28

Worksheet time: 16mins

Name
Class
Date
1.

Wat is decubitus?

a)

een beschadiging van de huid die ontstaat door langdurige druk

b)

een beschadiging van de huid die ontstaat door schuif- en wrijfkracht

c)

een beschadiging van de huid die ontstaat door een combinatie van langdurige druk en schuifkracht

d)

niet wegdrukbare roodheid

2.

Decubitus ontstaat meestal op plaatsen waar het botweefsel zich diep onder de huid bevindt

a)

Juist

b)

Onjuist

3.

Wat zijn bij bedlegerige cliënten de twee plaatsen waar decubitus het meest voorkomt?

a)

stuit en hielen

b)

stuit en schouders

c)

schouders en hielen

d)

oorlel en hielen

4.

Wat is de belangrijkste oorzaak voor het ontstaan van decubitus op een specifieke plaats?

a)

diabetes

b)

eiwittekort in de voeding

c)

te hoge druk op de huid

d)

weinig beweging

5.

Van binnen naar buiten is de huid opgebouwd uit de volgende lagen:

a)

subcutis, dermis, epidermis

b)

epidermis, dermis, subcutis

c)

dermis, epidermis, subcutis

6.

Er zit een rode niet wegdrukbare plek op de hiel van een cliënt. Wat doe je?


a hiel vrij leggen

b katoenen sok aantrekken

c schapenvacht eronder

d massage en antidecubitus crème gebruiken

a)

a is juist

b)

b en c zijn juist

c)

a en b zijn juist

d)

d is juist

7.

Decubitus kent verschillende maten van ernst. Er worden 4 categorieën onderscheiden. Uitgebreide weefselschade of necrose aan spieren, botweefsel of ondersteunende weefsels met of zonder schade aan opperhuid of lederhuid is:

a)

categorie I

b)

categorie II

c)

categorie III

d)

categorie IV

8.

Het wezenlijke verschil tussen categorie I en categorie II is:

a)

de uitgebreidheid van de roodheid

b)

categorie II is donkerder rood

c)

categorie I is geen wond

d)

categorie II is niet wegdrukbare roodheid

9.

Het risico op decubitus neemt toe als iemand koorts heeft.

a)

Juist

b)

Onjuist

10.

Welke stelling is juist?

a)

bij een liggende cliënt ontstaat sneller decubitus dan bij een zittende cliënt

b)

cliënten die geen of minder pijn ervaren, ontvangen geen signalen over het comfort van hun houding

c)

de weefseltolerantie bepaalt niet het effect van de druk- en schuifkrachten

d)

cliënten die een decubituswond hebben, lopen een verhoogd risico op meer Decubituswonden

11.

Wat is de beste preventieve maatregel bij een zieke, bedlegerige cliënt?

a)

risicoscorelijst invullen en aanvullende voeding

b)

collega’s informeren en protocol in het dossier

c)

cliënt folder geven over decubitus en mantelzorg informeren

d)

dagelijks huidinspectie en druk opheffen

12.

De huid bestaat uit.......

a)

2 lagen

b)

5 lagen

c)

1 laag

d)

3 lagen

13.

Geef de Nederlandse benaming voor dermis

(a)  

14.

In welke laag van onze huid bevinden zich de talgkliertjes?

a)

Hypodermis

b)

Epidermis

c)

Dermis

15.

Welke lichaamsdelen kunnen makkelijk bevriezen? (meerdere antwoorden kunnen goed zijn)

a)

Vingers en tenen

b)

Neus en oren

c)

Buik en billen

d)

Benen en armen

16.

Hoe ziet een eerstegraads bevriezing eruit?

a)

Bleekgrijze en pijnlijke huid

b)

Bleekgrijze huid met blaren

c)

Spierwitte en gevoelloze huid

17.

Wat doe je NIET bij een bevriezing?

a)

Op warmen met water van maximaal 40 graden

b)

Blaren heel laten

c)

Wrijven over de huid om op te warmen

18.

Wat is de eerste hulp bij bevriezing?

a)

Warm bevroren lichaamsdelen 20 tot 30 minuten op met (bij voorkeur) warm water (max. 40 graden).

b)

Direct een dekverband aanleggen met daarover een isolatiedeken om constant op te warmen.

c)

Het slachtoffer voor 30 minuten onder een hete douche zetten.

19.

Hoe kan je zien dat een baby licht onderkoeld is?

a)

De baby rilt

b)

De baby heeft soms een blauwe verkleuring rond de mond

c)

De baby wil sokjes aan hebben

20.

Welke verschijnselen horen bij een ernstige onderkoeling? (Meerdere antwoorden kunnen goed zijn)

a)

Het slachtoffer rilt

b)

Het slachtoffer rilt niet meer

c)

Het slachtoffer praat onsamenhangend

d)

Het slachtoffer vertoont bizar gedrag

21.

Wat is de meest voorkomende oorzaak van brandwonden bij kinderen?

a)

Elektriciteit

b)

Vuur

c)

Chemische stoffen

d)

Hete vloeistof

22.

Wat is een brandwonde?

a)

Alleen een oppervlakkige wonde

b)

Alleen schade door vuur

c)

Een snee in de huid

d)

Beschadiging van huidweefsel door warmte, elektriciteit of chemische stoffen

23.

De handpalm van iemand stelt hoeveel procent van zijn lichaam voor?

a)

5%

b)

10%

c)

0,5%

d)

1%

24.

Hoe meer huidlagen beschadigd zijn, hoe ...

a)

lager de graad

b)

sneller de genezing

c)

kleiner de kans op littekens

d)

hoger de graad

25.

Wat hoort bij een brandwonde van 1ste graad?

a)

Blaren en vochtige huid

b)

Witte huid, geen pijn

c)

Littekenvorming

d)

Rood, pijnlijk, geen blaren

26.

Wat is typisch bij een oppervlakkige 2de graadsbrandwonde?

a)

Droge wonde

b)

Witte huid, geen pijn

c)

Littekenvorming

d)

Blaren, heel pijnlijk, vochtige huid

27.

Wat voel je meestal bij een 3de graadsbrandwonde?

a)

Heel veel pijn

b)

Jeuk

c)

Tintelingen

d)

Weinig of geen pijn

28.

Wat is vaak het gevolg van een 4de graadsbrandwonde?

a)

Blaren

b)

Jeuk

c)

Roodheid

d)

Amputatie