wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Natuurrampen en de Ring van Vuur

Total questions: 17

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Wat wordt bedoeld met de Ring van Vuur?

a)

Een boog rondom de Grote Oceaan met veel vulkanen en aardbevingen

b)

Een cirkel van bergen in Europa met veel sneeuw en lawines

c)

Een keten van eilanden in de Atlantische Oceaan met zachte aardbevingen

d)

Een ring van woestijnen rond Azië met extreem hete gebieden

2.

Waarom komen in Japan zo vaak aardbevingen voor?

a)

De eilanden zijn te klein om stabiel te blijven

b)

Het klimaat veroorzaakt scheuren in de aardkorst

c)

Het heeft veel hoge bergen die gemakkelijk instorten

d)

Het ligt op de grens van meerdere bewegende tektonische platen

3.

Wat gebeurt er bij subductie?

a)

Een zwaardere oceanische plaat duikt onder een lichtere continentale plaat

b)

Twee continentale platen schuiven over elkaar zonder te zakken

c)

Een plaat breekt in stukken en vormt een nieuwe oceaanrug

d)

Twee platen botsen en blijven tegen elkaar zonder beweging

4.

Welke eigenschap past het best bij een stratovulkaan?

a)

Vlakke top en continu rustig uitstromende lava

b)

Steile hellingen en lagen van lava en as

c)

Flauwe hellingen en dun, snel stromend lava

d)

Grote kratermeren en weinig erupties

5.

Waarom zijn uitbarstingen van stratovulkanen vaak explosief?

a)

Het magma is dik en stroperig en houdt gasdruk vast

b)

Het magma is dun en loopt snel weg zonder druk

c)

De vulkaan ligt ver van plaatgrenzen en koelt sneller af

d)

De uitbarsting vindt plaats onder ondiep water

6.

Wat is een trog in zee?

a)

Een cirkelvormige krater op de oceaanbodem door meteorieten

b)

Een diepe kloof in de oceaan bij een subductiezone

c)

Een brede zandbank bij de kust door golfwerking

d)

Een ondiepe richel ontstaan door vulkanische eilanden

7.

Welke reeks beschrijft het ontstaan van vulkanen bij Japan het best?

a)

Platen botsen frontaal, korst dikker, plooiingsgebergte vormt zich

b)

Oceanische plaat duikt weg, korst smelt, magma stijgt, stratovulkaan ontstaat

c)

Continentale plaat schuurt, bergen eroderen, lava koelt, schildvulkaan groeit

d)

Twee platen trekken uit elkaar, nieuwe korst vormt, rustige lava stroomt

8.

Welke uitspraak beschrijft endogene krachten het best?

a)

Krachten die door mensen worden veroorzaakt

b)

Krachten die door plantenwortels ontstaan

c)

Krachten die door wind en water ontstaan

d)

Krachten die van binnenuit de aarde komen

9.

Wat zijn convectiestromen in de aardmantel?

a)

Stromingen van koud zeewater langs ruggen

b)

Trillingen die uit aardbevingen voortkomen

c)

Bewegingen van lucht rond hoge gebergten

d)

Bewegingen van heet en afgekoeld mantelgesteente

10.

Welk proces hoort bij exogene krachten in berggebieden?

a)

Kringloop van hitte in de aardkern

b)

Opbouw van mid-oceanische ruggen

c)

Vorming van magma in de mantel

d)

Verwering door temperatuur en water

11.

Welke zin past bij divergentie van aardplaten?

a)

Platen zinken samen de mantel in

b)

Platen schuiven langs elkaar zonder botsing

c)

Platen botsen en bergen worden opgestuwd

d)

Platen bewegen uit elkaar en magma vult ruimte

12.

Wat is de lithosfeer volgens de beschrijving?

a)

Een schil van verschillende platen en schollen

b)

Alleen de oceanische korst zonder breuken

c)

Een vloeibare laag met stromend magma

d)

Een enkel massief stuk continentale korst

13.

Waarom ontstaat een mid-oceanische rug bij uit elkaar drijvende platen (divergentie)?

a)

Wind en golfslag bouwen lange ruggen op

b)

Koude oceanische korst duwt platen samen

c)

Sedimenten hopen zich op door stromingen

d)

Magma komt omhoog en stolt tussen platen

14.

Welke term hoort bij platen die uit elkaar bewegen en nieuwe oceaanbodem vormen?

a)

Divergentie bij mid-oceanische rug

b)

Convergentie met trogvorming

c)

Transforme beweging langs breuk

d)

Subductie onder continentale plaat

15.

Wat gebeurt er meestal wanneer een zwaardere oceanische plaat een lichtere continentale plaat ontmoet?

a)

De continentale plaat zinkt onder de oceaanplaat

b)

Beide platen bewegen uit elkaar: spreiding

c)

De oceanische plaat duikt omlaag: subductie

d)

De platen schuiven langs elkaar zonder duiken

16.

Welke verschijnsel hoort het best bij een grens waar platen langs elkaar schuiven?

a)

Aardbevingen langs transformbreuk

b)

Bergen uit botsende continenten

c)

Jonge korst op oceaanrug

d)

Vulkanische boog met diepe trog

17.

Wat is een mid-oceanische rug het best omschreven als?

a)

Een diepe kloof in de oceaanbodem

b)

Een langgerekte bergketen door spreiding

c)

Een rand waar platen samenpersen

d)

Een star blok van continentale korst