wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Vwo 4 - hoofdstuk 2 en hoofdstuk 3

Total questions: 28

Worksheet time: 2hrs 52mins

Name
Class
Date
1.

Welk percentage van de date valt tussen twee standaardafwijkingen van het gemiddelde?

a)

68%

b)

99.7%

c)

95%

d)

98%

2.

Welk percentage van de data valt binnen één standaardafwijking van het gemiddelde?

a)

67%

b)

65%

c)

72%

d)

68%

3.

De regels met 68% en 95% kan alleen toegepast worden als data...

a)

normaal verdeeld is

b)

Uniform verdeeld is

c)

Scheef verdeeld is

4.

Gebruik bij de volgende vraag de regels van een normaalverdeling:


De leeftijden van golfers zijn normaal verdeeld met een gemiddelde van 38 en een standaardafwijking van 4. Bereken hoeveel procent van de golfers tussen de 30 en 46 jaar oud is

a)

68%

b)

94%

c)

95%

d)

99.7%

5.

Een autoband gaat gemiddeld 30,000 km mee. De standaardafwijking is 2000 km.

68% van alle autobanden gaan tussen de ___________ km en __________ km mee

a)

 28,000 km en 32,000 km

b)

24,000 km en 34,000 km.

c)

26,000 km en 34,000 km.

d)

27,000 km en 31,000 km.

6.

Het symbool X\overline{X}  wordt gebruikt voor

a)

Het 95%-betrouwbaarheidsinterval

b)

Het populatiegemiddelde

c)

Het steekproefgemiddelde

d)

De steekproefstandaardafwijking

7.

Van een steekproef onder 200 volwassen Nederlandse mannen is de gemiddelde lengte 181 cm.

Het 95%-betrouwbaarheidsinterval is 181 ±\pm  6 cm.

Wat betekent dit?

a)

95% Van de volwassen mannen in Nederland heeft een lente tussen 175 en 187 cm.

b)

De standaardafwijking bedraagt 6 cm.

c)

Met een zekerheid van 95% geldt dat de lengte van een Nederlandse volwassen man ligt tussen 175 en 187 cm.

d)

95% Van de volwassen Nederlandse mannen heeft een lengte van 181 cm.

8.

Zet de centrummaten van klein naar groot bij een rechtsscheve verdeling

a)

gemiddelde-modus-mediaan

b)

mediaan-modus-gemiddelde

c)

modus-mediaan-gemiddelde

d)

modus-gemiddelde-mediaan

9.

Van een groep volwassenen is de schoenmaat normaal verdeeld met gemiddelde is 39 en de standaardafwijking is 2. Hoeveel procent van de volwassenen heeft een schoenmaat groter dan 41.

a)

2,5%

b)

13,5%

c)

16%

d)

34%

10.

Bij welke verdeling is de standaardafwijking het kleinst?

a)

Rood

b)

Groen

c)

Blauw

d)

Paars

11.

Welke verdeling is getekend?

a)

Links scheve verdeling

b)

Symmetrische verdeling

c)

Rechts scheve verdeling

d)

Meertoppige verdeling

12.

Met wat voor soort verdeling heb je hier te maken?

a)

Links scheve verdeling

b)

Rechts scheve verdeling

c)

Meertoppige verdeling

d)

Symmetrische verdeling

13.

Hiernaast zie je de verdelingskromme van een rechts-scheve verdeling. Welke uitspraken zijn juist?

a)

De modus is kleiner dan de mediaan.

b)

Het gemiddelde is groter dan de modus.

c)

De mediaan is het kleinst.

d)

Het gemiddelde is kleiner dan de mediaan.

14.

Wat is de modale klasse bij de meisjes?

a)

165 - 170

b)

180 - 185

c)

180

d)

Er is geen modale klasse

15.

Hoeveel uur is er bij gehouden hoeveel zelfscanners er zijn?

a)

2+5+7+5+8+9+3+1 = 40

b)

5+6+7+8+9+10+11+12 = 68

c)

5*2+6*5+ ... = 336

16.

Een zwembad van 6 bij 10 meter wordt gevuld met een laag water van 50 cm. Hoeveel liter water zit er uiteindelijk in het zwembad?

(a)  

17.

De wielrenner fietst gemiddeld 39,6 km per uur

Hij doet 6 uur over de gehele etappe

Hoe lang is de lengte van de etappe?

(a)  

18.
Wouter doucht elke dag 1 keer. Per keer gebruikt hij gemiddeld 16 liter. Hoeveel m3 water gebruikt Wouter per jaar?
a)
5840 m3
b)
5,84 m3
c)
58,4 m3
d)
584 m3
19.

De prijs van een telefoon neemt toe van 812 euro naar 915 euro. Wat is de procentuele toename?

(a)  

20.

Lisa loopt de marathon (42 km) in 3 uur en 45 minuten. Bereken de gemiddelde snelheid in km per uur van Lisa.

(a)  

21.

Bram loopt de 100 m sprint in 20,12 seconden. Bereken zijn snelheid in km per uur. Rond af op twee decimalen.

(a)  

22.

Je doucht elke dag 15 minuten. Per seconde komt er 100 ml water uit de douche. Hoeveel liter water verbruik je in een week tijd?

(a)  

23.

Een regendouche verbruikt per 5 minuten 75 liter. Een gewone douche verbruikt per minuut 6 liter water. Hoeveel procent meer water verbruik je als je een regendouche hebt t.o.v. een normale douche?

(a)  

24.

Kevin, Mees en Lars moeten in totaal 5,8 km afleggen van huis naar school. De afstand die zij moeten fietsen is in de verhouding 18 : 6 : 5, waarbij Kevin het verst moet fietsen en Lars het minst ver. Hoeveel km moet Mees fietsen?

(a)  

25.

Herleid: 2x3y3x\frac{2x}{3y}\cdot\frac{3}{x}   (denk aan vereenvoudigen)

a)

6x3xy\frac{6x}{3xy}  

b)

2y\frac{2}{y}  

c)

18xy29xy2\frac{18xy^2}{9xy^2}  

d)

kan niet

26.

Herleid: x3:3\frac{x}{3}:3  

a)

x9\frac{x}{9}  

b)

x1\frac{x}{1}  

c)

xx  

d)

kan niet

27.

15xy3y+20xyz5yz\frac{15xy}{3y}+\frac{20xyz}{5yz}  

a)

9x

b)

35xyz8xyz\frac{35xyz}{8xyz}  

c)

5xyy+4xyzyz\frac{5xy}{y}+\frac{4xyz}{yz}  

d)

kan niet

28.

4a+6\frac{4}{a}+6  

a)

4+6aa\frac{4+6a}{a}  

b)

10aa\frac{10a}{a}  

c)

10a\frac{10}{a}  

d)

kan niet