Search Header Logo
Vaktechniek schilderen basis 1

Vaktechniek schilderen basis 1

Assessment

Presentation

Other

1st - 10th Grade

Medium

Created by

Alexander Eimers

Used 9+ times

FREE Resource

1 Slide • 30 Questions

1

Vaktechniek schilderen basis.

Kennistoets

Slide image

2

Multiple Choice

Question image

Houtsoorten delen we in in:

1

Hardhout en plaatmateriaal.

2

Duurzaamheidsklasse en gewicht.

3

Naaldhout/ loofhout en duurzaamheidsklasse.

4

Vurenhout en meranti.

3

Multiple Choice

Question image

Enkele voorbeelden steenachtige ondergronden zijn:

1

Beton, baksteen, stucwerk en gipskarton.

2

Wanden, vloeren en plafonds.

3

Gips, beton en plaatmateriaal.

4

Multiple Choice

Question image

Wat betekenen deze gevarensymbolen?

1

Ontvlambaar, giftig en bijtend.

2

Ontvlambaar, gezondheidsgevaar lange termijn en explosief.

3

Bijtend, explosief en ontvlambaar.

4

Giftig, niet mengen en bijtend.

5

Multiple Choice

Question image

Op de bouwplaats draag je altijd:

1

Een veiligheidsbril

2

Je hoofdtelefoon

3

Veiligheidsschoenen

4

Een stofmasker

6

Multiple Choice

Question image

Hoe noemen we dit plamuurmes?

1

Engels plamuurmes

2

Duoflex plamuurmes

3

Duits plamuurmes

7

Multiple Choice

Question image

De hoofd bestanddelen van verf zijn?

1

Kleurstof, hulpstof, water en bindmiddel.

2

Terpentine, bindmiddel, kleurstof en hulpstoffen.

3

Oplosmiddel, bindmiddel, krijt en vulstoffen.

4

Bindmiddel, oplosmiddel, pigment en hulpstoffen.

8

Multiple Choice

Waarom gebruiken we binnen bijna altijd watergedragen verf?

1

Omdat het gebruik van oplosmiddelhoudende verf binnen verboden is.

2

Omdat watergedragen verf beter vloeit.

3

Omdat watergedragen verf sneller droogt.

4

Omdat watergedragen verf minder stinkt,

9

Multiple Choice

Question image

Als je klaar bent met je werkzaamheden:

1

Vraag je de klant of hij tevreden is.

2

Gooi je afval bij de klant in de grijze container.

3

Ga je zo snel mogelijk naar de werkplaats.

4

Ruim je je werkplek op en neem je afval mee naar de werkplaats.

10

Multiple Choice

Hoe hoger de luchtvochtigheid, hoe:

1

Sneller de verf droogt.

2

Meer de verf glanst.

3

Harder de verf wordt.

4

Langzamer de verf droogt.

11

Multiple Choice

Question image

Waarom moet je kaal hout altijd eerst gronden?

1

Om de hechting te bevorderen.

2

Omdat je dan beter kunt schuren.

3

Voor een betere dekking en hechting.

4

Omdat de eindlaag dan meer zal glimmen.

12

Multiple Choice

Question image

Grenen en vurenhout zijn voorbeelden van:

1

Loofhout en duurzaamheidsklasse 2.

2

Loofhout en naaldhout.

3

Duurzaamheidsklasse 4 en loofhout.

4

Naaldhout en duurzaamheidsklasse 4.

13

Multiple Choice

Question image

Pigment in verf zorgt voor:

1

Dekking

2

Kleur

3

Hechting

4

Vloei

14

Multiple Choice

Question image

Waarom moeten we een onbehandelde stenen ondergrond altijd voorstrijken?

1

Om de hechting te bevorderen.

2

Om de zuiging op te heffen.

3

Om de dekking te bevorderen.

4

Om de kleur te verbeteren.

15

Multiple Choice

Question image

Water, inkt en nicotinevlekken moet je eerst:

1

Schoonmaken en schuren.

2

Schoonmaken en repareren.

3

Schoonmaken en isoleren.

4

Overschilderen met acrylaatverf.

16

Multiple Choice

Question image

Noem enkele belangrijke oorzaken van vochtproblemen in houten bouwdelen:

1

Slechte hechting van verflagen. Scherpe kanten. Een volledig damp remmend systeem aan de binnenzijde.

2

Openstaande verbindingen. Slechte houtkwaliteit. Transparant verfsysteem.

3

Inwaterende verbindingen en en kitvoegen. Onvoldoende ontluchting beglazingssysteem. Onvoldoende beschermend verfsysteem buitenzijde.

4

Slechte stopverf. Ventilerend geplaatste beglazing. Dampdoorlatend verfsysteem buitenzijde.

17

Multiple Choice

Wat zijn vluchtige bestanddelen?

1

Bindmiddelen.

2

Vulstoffen.

3

Pigmenten.

4

Verdunningsmiddelen.

18

Multiple Choice

Question image

Waarom schuren we?

1

Om rotte delen te verwijderen.

2

Om oneffenheden te verwijderen en de hechting te bevorderen.

3

Om overgangen vlak te maken.

4

Om scharen te verwijderen.

19

Multiple Choice

Question image

je kunt je schuursysteem het beste als volgt opbouwen:

1

P200, P400, P600

2

P280, P200, P120

3

P120, P180, P220

4

P80, P120, P80

20

Multiple Choice

Question image

Noem enkele voordelen van neuslatten:

1

Bescherming onderdorpel, hardhout, ventilerend, ronde kant,

2

Beter schuurbaar, betere dekking.

3

Ronde kant, beter schuurbaar, afwaterend.

4

Voorkomt houtrot.

21

Multiple Choice

Question image

Spijkergaten in hout kun je het beste afdichten met:

1

Acrylaat plamuur.

2

2 componenten plamuur.

3

Siliconenkit.

4

Acrylaatkit.

5

Stopverf.

22

Multiple Choice

Question image

Wat wordt bedoeld met capilaire werking?

1

Het vermogen om vocht af te staan.

2

Het vermogen om vocht op te zuigen.

3

Het vermogen om vocht tegen te houden.

4

Het vermogen om waterdamp aan te trekken.

23

Multiple Choice

Question image

Welk reparatiemiddel heeft na uitharding een sterk zuigend karakter?

1

Lakplamuur.

2

Stopverf.

3

2 componenten plamuur.

4

Polyester plamuur.

24

Multiple Choice

Question image

Welk vulmiddel is het meest geschikt bij een transparant verfsysteem?

1

Stopverf.

2

Kneedbaar hout.

3

2 componenten vulmiddel.

4

Kit.

25

Multiple Choice

Question image

Met welke middelen kun je bestaande verflagen het beste reinigen?

1

Water, zeep en een doek.

2

Water, amoniak en een (schuur)spons.

3

Water, st. Marc/ universol en (schuur)spons.

4

Terpentine en (schuur)spons.

26

Multiple Choice

Question image

Wat betekend dit symbool?

1

Je gebruikt 8 blikken verf voor 10 m2.

2

Je gebruikt ongeveer 10 liter verf.

3

Het blik weegt ongeveer 10 kg.

4

Om 10 m2 te schilderen heb je ongeveer 1 liter nodig.

27

Multiple Choice

Question image

Om de hechting van een verflaag te controleren gebruiken we?

1

Een kruissnede, (stanley)mes en hechtingstape.

2

Een verfkrabber en föhn.

3

Afbijtmiddel en verfkrabber.

4

Een schuurmachine.

28

Multiple Choice

Question image

Welke situatie vraagt om het meeste onderhoud?

1

Naaldhout, donkere kleur op het zuiden.

2

Hardhout, donkere kleur op het noorden.

3

Hardhout, lichte kleur op het zuiden.

4

Naaldhout, lichte kleur op het zuiden.

29

Multiple Choice

Question image

Wat is het maximale houtvocht percentage om te kunnen schilderen?

1

7%

2

12%

3

17%

4

20%

30

Multiple Choice

Question image

De droge laagdikte van verf wordt gemeten in?

1

Aantal milimeters per meter.

2

Micrometers (um)

3

Aantal kg per meter.

4

De hoeveelheid lagen.

31

Multiple Choice

Question image

Een vlakke deur kun je het beste schuren met?

1

De hand.

2

Een bandschuurmachine.

3

Een vibrerende schuurmachine.

4

Een (excentrische) roterende schuurmachine.

Vaktechniek schilderen basis.

Kennistoets

Slide image

Show answer

Auto Play

Slide 1 / 31

SLIDE