Search Header Logo
Formatieve evaluatie - introductiethema 3e klas

Formatieve evaluatie - introductiethema 3e klas

Assessment

Presentation

World Languages

KG - 12th Grade

Hard

leerdoel 2, leerdoel 1, regelmatige werkwoorden -er, présent

+11

Standards-aligned

Created by

Linde Prins

Used 34+ times

FREE Resource

1 Slide • 54 Questions

1

Formatieve Evaluatie

​leerdoel 1Je kent de regelmatige werkwoorden - ER/IR/RE in de tegenwoordige tijd & passé composé. 

​leerdoel 2Je beheerst de onregelmatige werkwoorden 'avoir', 'être', 'faire', 'aller', 'pouvoir', 'vouloir'.

2

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -er, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Elle (adorer) les pizzas.

3

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -er, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Ma classe (travailler) dur.

4

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -er, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Nous (regarder) temptation island.

5

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -er, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

les garçons (parler) fort.

6

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -er, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Tu (chanter) beaucoup?

7

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -er, passé composé.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Ils ___ ___ (voyager) en France

8

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -er, passé composé.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Vous ___  ___ (travailler) beaucoup?

9

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -er, passé composé.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Tu ___ ___ (regarder) un film.

10

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -ir, présent

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

       Les soeurs (grandir) ensemble.

11

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -ir, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Madame, vous (finir) à quelle heure ?

12

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -ir, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes.

Je (choisir) un dessert.

13

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -ir, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Il (rougir) souvent.

14

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -ir, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Nous (remplir) la déclaration de vol.

15

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -ir, passé composé.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Mon frère ___  ___(remplir) la fiche.

16

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -ir, passé composé.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Les filles ___ ___ (choisir) un cadeau.

17

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -ir, passé composé.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

J’___  ___ (finir) mes devoirs.

18

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -re, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Nous (attendre) le bus.

19

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -re, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Il (vendre) son scooter.

20

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -re, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Tu me (rendre) le livre ?

21

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -re, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Vous (attendre) devant le ciné ?

22

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -re, présent.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Ils (répondre) à un questionnaire.

23

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -re, passé composé.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Elles ___ ___ (attendre) jusqu’à minuit.

24

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -re, passé composé.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Maurice ___ ___ (vendre) le vase.

25

Fill in the Blank

Regelmatige werkwoorden -re, passé composé.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord tussen haakjes. 

Elle ___ ___(rendre) le livre ?

26

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'avoir'.

Nous ...

27

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'avoir'.

Ils ...

28

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'avoir'.

Tu ...

29

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'avoir'.

La classe ...

30

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'avoir'.

Fréderique et Charlotte ...

31

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'être'.

Je ...

32

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'être'.

Philip ...

33

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'être'.

Les parents ...

34

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'être'.

Vous ...

35

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'être'.

Nous ...

36

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'faire'.

Je ...

37

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'faire'.

Vous ...

38

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'faire'.

Tu ...

39

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'faire'.

Carla ...

40

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'faire'.

Les filles ...

41

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'aller'.

Ils ...

42

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'aller'.

Il ...

43

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'aller'.

Nous ...

44

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'aller'.

Je ...

45

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'aller'.

Vous ...

46

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'vouloir'.

Je ...

47

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'vouloir'.

On ...

48

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'vouloir'.

Vous ...

49

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'vouloir'.

Tu ...

50

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'vouloir'.

Il ...

51

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'pouvoir'.

Je ...

52

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'pouvoir'.

Ils ...

53

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'pouvoir'.

Nous ...

54

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'pouvoir'.

Vous ...

55

Fill in the Blank

de zes onregelmatige werkwoorden.

Vul de juiste vorm in van het werkwoord 'pouvoir'.

Elle ...

Formatieve Evaluatie

​leerdoel 1Je kent de regelmatige werkwoorden - ER/IR/RE in de tegenwoordige tijd & passé composé. 

​leerdoel 2Je beheerst de onregelmatige werkwoorden 'avoir', 'être', 'faire', 'aller', 'pouvoir', 'vouloir'.

Show answer

Auto Play

Slide 1 / 55

SLIDE