

Economie - H5 - klas 2
Presentation
•
Education
•
6th - 8th Grade
•
Practice Problem
•
Medium
Wim Smalbrugge
Used 2+ times
FREE Resource
1 Slide • 11 Questions
1
Instructie:
Bij elke open vraag zo specifiek mogelijk antwoorden, anders kan het fout worden gerekend.
Bij rekenvragen ook de berekening noteren!
Winnaar krijgt chocolademelk, koffie of iets anders!
____________________________________________________________________________________________________
2
Open Ended
Leg in maximaal 1 zin uit wat omzet betekent.
3
Multiple Choice
De winkelier is diegene die iets bij de winkel koopt.
waar
niet waar
4
Multiple Choice
De inkoopprijs is hoger dan dan de verkoopprijs door......
de brutowinstopslag
de betaling van bedrijfskosten
het willen hebben van winst
Deze stelling klopt niet.
5
Open Ended
Een grotere afzet heeft invloed op de omzet. Leg dit uit.
6
Multiple Choice
Doke Schmidt is op zoek naar Virgil Misidjan. Virgil heeft Doke het bos in gestuurd en aangegeven dat er in het bos Broodjes Twenteham worden verkocht. Dit broodje kost per stuk €5,50. De inkoopprijs van het broodje is €3,00. Doke wil voor de hele selectie van SC Cambuur trakteren (23 spelers). Bereken de omzet van de broodjes op deze dag.
€28,50
€69,00
€126,50
€195,50
7
Multiple Choice
Gaat de volgende beschrijving over vraag of aanbod:
Rick gaat iedere week naar FC Twente. Zijn fiets is helaas kapot gegaan en is dus op zoek naar een nieuwe fiets.
vraag naar product
vraag naar dienst
aanbod van product
aanbod van product
8
Open Ended
Jutta is op zoek naar een nieuw paar schaatsen . Bij een winkel in de buurt van Thialf komt ze schaatsen tegen die ze echt graag wil hebben. Op het kaartje staat dat ze €129,99 kosten. De brutowinstopslag van de winkel is €50,99.
Bereken de inkoopprijs.
9
Open Ended
Meneer Alp heeft op vrijdagochtend weer enorme trek. Hij heeft zin in frikandellen. De jumbo koopt frikandellen in voor €1,50 per doos. De brutowinstopslag is 60%.
Hoeveel euro moet Meneer Alp betalen in de Jumbo voor 1 doos frikandellen?
10
Multiple Choice
Vorige week kocht Steijn een blikje Coca Cola voor €1,50. De kantine had dit blikje voor €0,75 gekocht bij de groothandel.
Je kan dus zeggen dat de kantine €0,75 eraan heeft verdiend doordat Damon dit blikje heeft gekocht.
waar
niet waar
11
Multiple Choice
De markt waar op afgesproken tijd goederen worden verhandeld, noem je ....
concrete markt
abstracte markt
12
Multiple Choice
Naar welk begrip ben ik op zoek:
'Alles wat bedrijven doen om hun product te verkopen'
omzet
winst
marketing
korting
Instructie:
Bij elke open vraag zo specifiek mogelijk antwoorden, anders kan het fout worden gerekend.
Bij rekenvragen ook de berekening noteren!
Winnaar krijgt chocolademelk, koffie of iets anders!
____________________________________________________________________________________________________
Show answer
Auto Play
Slide 1 / 12
SLIDE
Similar Resources on Wayground
10 questions
LA VERDAD
Presentation
•
KG
7 questions
Le théâtre
Presentation
•
KG
9 questions
Los adjetivos
Presentation
•
7th Grade
6 questions
LECCION: LEYENDA
Presentation
•
6th - 8th Grade
8 questions
Literatura de Cordel
Presentation
•
7th Grade
11 questions
Conociendo a mis hijos
Presentation
•
KG
10 questions
Análisis de casos: rúbricas USIL
Presentation
•
KG
9 questions
I.L Caragiale D-l Goe
Presentation
•
6th - 8th Grade
Popular Resources on Wayground
10 questions
Safety Day 2026 – Student Review
Quiz
•
9th Grade
21 questions
Continents and Oceans
Quiz
•
6th Grade
20 questions
Parts of Speech
Quiz
•
5th Grade
16 questions
Subject & Predicate
Quiz
•
5th Grade
25 questions
Multiplication Facts
Quiz
•
5th Grade
12 questions
Map Skills
Quiz
•
3rd Grade
22 questions
Continents and Oceans
Quiz
•
5th Grade
15 questions
Rounding Decimals
Quiz
•
5th Grade
Discover more resources for Education
21 questions
Continents and Oceans
Quiz
•
6th Grade
20 questions
Context Clues
Quiz
•
6th Grade
10 questions
Columbus Day and Indigenous People's Day
Interactive video
•
5th - 8th Grade
20 questions
Rational and Irrational Numbers
Quiz
•
8th Grade
16 questions
Proportional and Non Proportional Relationships in Tables, Graphs, and Equations
Quiz
•
7th Grade
20 questions
Newton's Laws of Motion
Quiz
•
8th Grade
20 questions
Constant of Proportionality
Quiz
•
7th Grade
20 questions
Halloween Trivia
Quiz
•
7th Grade