
werkwoordspelling 2: persoonsvorm t.t.
Authored by Maaike Bouwkamp
World Languages
10th - 12th Grade
Used 795+ times

AI Actions
Add similar questions
Adjust reading levels
Convert to real-world scenario
Translate activity
More...
Content View
Student View
15 questions
Show all answers
1.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
1 min • 1 pt
Wat is waar over de persoonsvorm? Geef het beste antwoord.
De persoonsvorm past bij het werkwoord.
De persoonsvorm verandert als je de tijd verandert.
De persoonsvorm is bijvoorbeeld 'ik' of 'jij'.
De persoonsvorm is een soort persoon.
2.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
1 min • 1 pt
Wat is waar over de persoonsvorm? Geef het beste antwoord.
De persoonsvorm verandert als je het aantal van het onderwerp, verandert.
Als er meer personen zijn, is het altijd meervoud.
De persoonsvorm hoort bij personen in de enkelvoud.
Een persoonsvorm is altijd alleen.
3.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
1 min • 1 pt
Wat is waar over de persoonsvorm? Geef het beste antwoord.
De persoonsvorm kan alleen de tegenwoordige tijd aangeven.
De persoonsvorm is onveranderlijk.
Bij een vraagzin, verhuist een persoonsvorm naar de eerste plaats.
Een persoonsvorm zit altijd vast aan het onderwerp.
4.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
1 min • 1 pt
Op welke plek is gebruik gemaakt van een persoonsvorm?
Ik(1) kan(2) soms(3) dansen(4), springen(5) en zingen(6) tegelijk.
1
2
3, 4, 5, 6
2, 3, 4, 5, 6
5.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
1 min • 1 pt
Op welke plek is gebruik gemaakt van een persoonsvorm?
Op maandag is(1) de winkel gesloten(2).
Alleen bij 1.
Alleen bij 2.
Bij 1 en bij 2 want het is een samengestelde zin.
In deze zin staat geen persoonsvorm want 'de winkel' is een ding, geen persoon.
6.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
1 min • 1 pt
Vul de persoonsvorm goed in:
Als Bas naar huis (willen) om te (eten), dan (helpen) je hem om zijn jas (aantrekken) te (aantrekken).
wil, hielp
wilde, help, aantrekken
will, helpt
wil, help
7.
MULTIPLE CHOICE QUESTION
1 min • 1 pt
Vul de persoonsvorm goed in:
Koen (worden) dinsdag 15 jaar.
(Willen) jij later docent worden?
Ik (houden) veel van mijn huisdieren.
word, wilt, houdt
wordt, will, houdt
wordt, wil, houd
word, wilt, houd
Access all questions and much more by creating a free account
Create resources
Host any resource
Get auto-graded reports

Continue with Google

Continue with Email

Continue with Classlink

Continue with Clever
or continue with

Microsoft
%20(1).png)
Apple
Others
Already have an account?