wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Basiskennis methodologie

Total questions: 5

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.
Reuvers en Rijbroek beschrijven een onderzoek naar de waarde van een tweede echo als vervolgstap na een niet-eenduidige uitslag van een eerste echografie bij patiënten met klinische aanwijzingen voor acute appendicitis.[Reuvers]  
Wat is de aard van dit onderzoek?
a)
Therapeutisch
b)
Etiologisch
c)
Prognostisch
d)
Diagnostisch
2.
Selectiebias kan ontstaan door het selectief includeren van deelnemers in een onderzoek, of door selectieve uitval van deelnemers. Als in een gerandomiseerd onderzoek selectiebias ontstaat, dan is dit waarschijnlijk het gevolg van:
a)
Selectieve deelname
b)
Selectieve uitval
c)
De combinatie van selectieve deelname én selectieve uitval
d)
Geen van beide; door randomisatie komt in dergelijk onderzoek geen selectiebias voor
3.
Waarom wordt de validiteit van een onderzoek naar de waarde van een nieuwe diagnostische test niet beïnvloedt door confounding?
a)
Confounding is alleen van toepassing op onderzoek naar oorzakelijke verbanden
b)
Het gebruik van de diagnostische test is onafhankelijk van de aan- of afwezigheid van de ziekte die wordt bestudeerd
c)
Diagnostisch onderzoek is doorgaans cross-sectioneel onderzoek, waarbij confounding nooit een rol speelt.
d)
Diagnostisch onderzoek wordt meestal uitgevoerd in de vorm van gerandomiseerde trial, wat dé onderzoeksopzet is om confounding te voorkomen
4.
Welke vorm van bias is het minst waarschijnlijk in een gerandomiseerd onderzoek naar de effectiviteit van orale anticoagulantia op het voorkomen van een beroerte bij patiënten met boezemfibrilleren?
a)
Bias door ontbrekende waarnemingen
b)
Bias door meetfouten
c)
Confounding
d)
Dat valt niet te zeggen op basis van de gegeven informatie
5.
Stel dat in een onderzoek naar de effecten van een oraal antidiabeticum het geneesmiddel bij vrouwen leidt tot een verhoogd risico op heupfracturen. Bij mannen is er geen relatie tussen het gebruik van het geneesmiddel en heupfracturen.
 
Dit is een voorbeeld van:
a)
Bias
b)
Confounding
c)
Effect modificatie
d)
Meetfouten