NEW
Font size
S
M
L
XL
WorksheetsStevigheid & beweging
Total questions: 35
Worksheet time: 1hrs 10mins
Name
Class
Date
1.
Welk bot wordt met 8 aangegeven?
a)
Opperarmbeen
b)
Schouderblad
c)
Pijpbeen
d)
Scheenbeen
2.
Welk van deze botten is GEEN onderdeel van de voet?
a)
Teenkootjes
b)
Hielbeen
c)
Voetwortelbeentjes
d)
Kuitbeen
3.
Een ander woord voor skelet is...
a)
Panster
b)
Geraamte
c)
Graat
4.
Uit welke 3 onderdelen bestaat de schedel?
a)
Platbeenderen, gewricht en mondbot
b)
Kop, scharnier en kaak
c)
Schedelbeenderen, bovenkaak, onderkaak
5.
Wat ligt er in de ruggenwervel?
a)
Ruggenmerg (zenuw)
b)
Kraakbeen
c)
Spieren
d)
Lucht
6.
Beenweefsel bevat veel...
a)
Lijmstof
b)
Kalk
7.
Welk onderdeel behoort NIET tot de borstkast?
a)
Borstbeen
b)
Ribben
c)
Schouderblad
8.
Hoe heet bot 10?
a)
Handwortelbeentjes
b)
Vingerkootjes
c)
Middenhandsbeentjes
d)
Ellepijp
9.
Aan de kant van de pink bevind zich...
a)
De ellepijp
b)
Het spaakbeen
10.
De 4 functies van het skelet zijn stevigheid, vorm, beweging en...
a)
Hardheid
b)
Zo blijft er nog iets achter als je dood gaat
c)
Bescherming
11.
welk bot is gebroken?
a)
Hielbeen
b)
Voetwortelbeentjes
c)
Teenkootjes
d)
Middenvoetbeentjes
12.
Hoe heet bot 20?
a)
Knieschijf
b)
Kogelgewricht
c)
Plat been
d)
Bovenbeen been
13.
Met wat voor een beenverbinding zitten de botten van het heiligbeen aan elkaar?
a)
Aan elkaar vergroeid
b)
Met kraakbeen
c)
Met een gewricht
d)
Met een naad
14.
Op welke plaatsen zit GEEN kraakbeen in je lijf?
a)
In je oren
b)
In je neus
c)
Tussen gewrichten
d)
In je nagels
15.
Kraakbeenweefsel bevat veel...
a)
Lijmstof
b)
Kalk
16.
Hoe heet het groene bot?
a)
Heupbeen
b)
Dijbeen
c)
Bilbeen
17.
Hoe heet bot 2?
a)
Spaakbeen
b)
Ellepijp
c)
Opperarmbeen
18.
Welk bot is gebroken?
a)
Schouderblad
b)
Sleutelbeen
c)
Rib
d)
Opperarmbeen
19.
Hoe heet onderdeel 6?
a)
Gewrichtskogel
b)
Gewrichtskom
20.
Waardoor kunnen botten in een gewricht gemakkelijk langs elkaar bewegen?
a)
Door gewrichtssmeer
b)
Door beenverbindingen
c)
Door gewrichtsbanden
21.
Waar komt een rolgewricht voor?
a)
Tussen het spaakbeen en de ellepijp
b)
In je knieën
c)
In je heup
22.
Welke beenderen kunnen niet bewegen?
a)
1
b)
1 & 2
c)
2
d)
3
23.
Hoe zitten de spieren vast aan botten?
a)
Met pezen
b)
Met lijmstof
c)
Met spiervezels
24.
Een kippenbotje wordt in het zoutzuur gelegd, wat gebeurt er met het botje?
a)
De kalk gaat hierdoor uit het bot, hij wordt dus heel erg buigbaar.
b)
De lijmstof gaat hierdoor uit het bot, hij wordt dus heel erg breekbaar.
25.
De biceps en de triceps zijn wat van elkaar?
a)
Antagonisten
b)
Vrienden
c)
Pezen
d)
Gewrichten
26.
Wat voor een soort skelet heeft dit dier?
a)
Een inwendig skelet
b)
Een uitwendig skelet
c)
Een pantser
27.
Welk onderdeel is nummer 2?
a)
Spierbundel
b)
Spier
c)
Spierschede
d)
Pees
28.
Welk onderdeel wordt aangegeven met nummer 1?
a)
Spier
b)
Pees
c)
Spierschede
d)
Spierbundel
29.
Welk soort gewricht zit in de knie?
a)
Scharniergewricht
b)
Kogelgewricht
c)
Rolgewricht
30.
Welk soort gewricht zit in de schouder?
a)
Kogelgewricht
b)
Scharniergewricht
c)
Rolgewricht
31.
Met welke beenverbinding zitten de wervels aan elkaar?
a)
Met kraakbeen
b)
Met naden
c)
Met gewrichten
d)
Ze zijn vergroeid
32.
Wat voor een beenderen zijn dit?
a)
Pijpbeen
b)
Platbeen
33.
Wat voor een beenderen zijn dit?
a)
pijpbeen
b)
platbeen
34.
Wat voor een beenderen zijn dit?
a)
platbeen
b)
pijpbeen
35.
Hoe heet onderdeel 10?
a)
Wervel
b)
Staartbeen
c)
Heupbeen
d)
Pijpbeen
Reset
