WorksheetsAT1 Taalschat blok 5 & 6 oefenquiz
Total questions: 20
Worksheet time: 10mins
Name
Class
Date
1.
reclame maken
a)
absorberen
b)
vibreren
c)
promoten
d)
opiniëren
2.
kunstmatig vervaardigd
a)
synthetisch
b)
conservatief
c)
actuele
d)
illegale
3.
het overplanten van een aantal erfelijke eigenschappen
a)
biomassa
b)
fuseren
c)
genetisch manipuleren
d)
genereren
4.
kleine verschillen aanbrengen
a)
nuanceren
b)
opiniëren
c)
suggereren
d)
articuleren
5.
lekkernij
a)
vaccin
b)
premie
c)
opponent
d)
delicatesse
6.
woongebied van dieren
a)
terrarium
b)
parterre
c)
territorium
d)
criterium
7.
opvoedkunde
a)
psychologie
b)
pedagogiek
c)
didactiek
d)
discipline
8.
behoudend
a)
conversatie
b)
controversieel
c)
contraproductief
d)
conservatief
9.
norm
a)
criterium
b)
conversatie
c)
epicentrum
d)
magnaat
10.
aardbevingsmeter
a)
terragraaf
b)
telegraaf
c)
paragraaf
d)
seismograaf
11.
groep personen van ongeveer dezelfde leeftijd
a)
kudde
b)
signalement
c)
teambuilding
d)
generatie
12.
inzien dat dingen betrekkelijk zijn
a)
nuanceren
b)
jeremiëren
c)
opiniëren
d)
relativeren
13.
iemand op een gedachte brengen
a)
nuanceren
b)
suggereren
c)
relativeren
d)
consumeren
14.
benedenverdieping
a)
parterre
b)
obstakel
c)
profiteur
d)
precisie
15.
gokken
a)
suggereren
b)
fuseren
c)
nuanceren
d)
speculeren
16.
heeft tot doel
a)
is gespeend van
b)
beoogt
c)
faalt
d)
relativeert
17.
opslorpen, opnemen
a)
manipuleren
b)
evalueren
c)
absorberen
d)
emigreren
18.
nabespreken
a)
evalueren
b)
evolueren
c)
emigreren
d)
speculeren
19.
onderminister
a)
magnaat
b)
parlementariër
c)
senator
d)
staatssecretaris
20.
plaats in de aardkorst waar een aardbeving begonnen is
a)
seismograaf
b)
epicentrum
c)
opponent
d)
criterium
100 %
