wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

DISK bellen en mailen

Total questions: 25

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.
Je mag niet eten .................. de les.
a)
gedurende
b)
de uitzondering
c)
later
d)
beter
2.
Je moet ................. van je ouders hebben om naar het feest te gaan. 
a)
de uitzondering
b)
toestemming
c)
breedte
d)
verantwoordelijkheid
3.
Ik ben goed in basketballen, maar ik ben ............ in volleyballen.
a)
hoogte
b)
gedurende
c)
later
d)
beter
4.
Ik zit in de klas .............. jas. 
a)
zonder
b)
later
c)
zomaar
d)
verzetten
5.
Ik kan helaas niet naar de afspraak komen. Kan ik de afspraak.........?
a)
uitzondering
b)
verzetten
c)
eindigen
d)
opbellen
6.
Ik heb heel veel ........... aan mijn hand.
a)
's ochtends
b)
zonder
c)
laag
d)
pijn
7.
Ik loop ........... de straat.
a)
over
b)
door
c)
later
d)
gedurende
8.
.................... ga ik om 15.00 naar huis. 
a)
Vanmiddag
b)
Middag
c)
Vanmorgen
d)
Vanavond
9.
Ik ben om 16.20 ......... Dan ga ik naar huis. 
a)
maar
b)
eindig
c)
vrij
d)
maximaal
10.
Je moet altijd naar school. Alleen als je ziek bent hoef je niet naar school. Dat is een..............
a)
uitzondering
b)
verantwoordelijkheid
c)
zelfstandig
d)
afwezig
11.
Wil je jouw naam ...........?
Ja hoor. S-I-M-B-A
a)
spellen
b)
zeggen
c)
fluisteren
d)
praten
12.
Je moet soms ............ werken. Je kan niet altijd samenwerken.
a)
zomaar
b)
gedurende
c)
zelfstandig
d)
uitzondering
13.
Als je lang ziek bent, dan moet je naar ........................
a)
de huisarts
b)
school
c)
de tandarts
d)
de politie
14.
Mijn bus is er nog niet, dus ik kom vandaag een beetje ............ op school.
a)
vroeger
b)
zomaar
c)
later
d)
breedte
15.
Ik geef je ............. een cadeau. Je bent niet jarig, maar ik vind je lief. 
a)
gedurende
b)
zelfstandig
c)
zomaar
d)
helaas
16.
Wat is het werkwoord?
Wij lopen op de straat naar de bakker. 
a)
lopen
b)
bakker 
c)
naar
d)
straat
17.
Je mag niet met vuur spelen. Dat is ...................
a)
Gevaarlijk
b)
toestemming
c)
verantwoordelijkheid
d)
gedurende
18.
Spreek mijn ............ in na de piep.. pieeeeeeeep
a)
voicemail
b)
bericht
c)
eten
d)
e-mail
19.
Ik ben ...................... jullie zijn de leerlingen.
a)
de docent
b)
het docent
c)
de dosent
d)
het dosent
20.
Het is vandaag donderdag. .............. is het zaterdag. 
a)
over morgen
b)
overmorgen
c)
morgen
d)
gisteren
21.
Als je ziek bent, dan moet je de school..............
a)
verzetten
b)
komen
c)
opbellen
d)
vragen
22.
We ........... deze week met een thematoets over bellen en mailen.
a)
gedurende
b)
uitzondering
c)
zomaar
d)
eindigen
23.
Vandaag is meneer Satijn.................
a)
pijn
b)
handtekening
c)
bezoeker
d)
afwezig
24.
Iedereen is............... op school!
a)
welkom
b)
verantwoordelijkheid
c)
opbellen
d)
verzetten
25.
Het jouw.............. om je huiswerk te maken en Nederlands te leren.
a)
handtekening
b)
verantwoordelijkheid
c)
zelfstandig
d)
bezoeker