NEW
Font size
S
M
L
XL
WorksheetsGaMMa Lj1 OBLV T5-t6
Total questions: 14
Worksheet time: 7mins
Name
Class
Date
1.
Wat is niet één van de vier reliëf soorten?
a)
laagland
b)
gebergte
c)
middelgebergte
2.
Welk reliëf soort zie je op de foto?
a)
Laagland
b)
Heuvelland
c)
Middelgebergte
d)
Hooggebergte
3.
Welk reliëf soort zie je op de foto?
a)
Laagland
b)
Heuvelland
c)
Middelgebergte
d)
Hooggebergte
4.
Welk reliëf soort zie je op de foto?
a)
Laagland
b)
Heuvelland
c)
Middelgebergte
d)
Hooggebergte
5.
Welk reliëf soort zie je op de foto?
a)
Laagland
b)
Heuvelland
c)
Middelgebergte
d)
Hooggebergte
6.
Wat is een polis?
a)
Een Griekse stad
b)
Een Griekse stadstaat
c)
Een Griekse kolonie
7.
Waar of niet waar. Barbaren waren voor de Grieken ruwe onbeschaafde mensen.
a)
Waar
b)
Niet waar
8.
De goden die in het oude Griekenland werden vereerd.
a)
Griekse goden
b)
Infrastructuur
c)
Olympische Spelen
d)
Tempel
9.
Alle verbindingen die door de mens zijn aangelegd.
a)
Griekse goden
b)
Infrastructuur
c)
Olympische Spelen
d)
Tempel
10.
Spelen voor alle Grieken die vanaf 776 v. Chr. tot 393 na Chr. ter ere van de oppergod Zeus in Olympia werden gehouden.
a)
Griekse goden
b)
Infrastructuur
c)
Olympische Spelen
d)
Tempel
11.
Gebouw waarin een of meer goden worden vereerd.
a)
Griekse goden
b)
Infrastructuur
c)
Olympische Spelen
d)
Tempel
12.
Gebied lager dan 200 meter.
a)
Laagland
b)
Heuvelland
c)
Middelgebergte
d)
Hooggebergte
13.
Gebied tussen 200 en 500 meter.
a)
Laagland
b)
Heuvelland
c)
Middelgebergte
d)
Hooggebergte
14.
Gebied dat hoger ligt dan 1500 meter.
a)
Laagland
b)
Heuvelland
c)
Middelgebergte
d)
Hooggebergte
Reset
