wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H5P1-3 Havo 1 De geo

Total questions: 19

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Europa ligt in de luchtstreek van de:

a)

Polen

b)

Tropen

c)

Gematigde zone

2.

In West-Europa waait er vaak een:

a)

aflandige wind

b)

harde wind

c)

aanlandige wind

d)

koude wind

3.

Het water uit de Golfstroom komt uit:

a)

De Zwarte zee

b)

De Middellandse Zee

c)

De Golf van Mexico

d)

De Golf van Biskaje

4.

Zee warmt sneller op dan land

a)

Fout

b)

Goed

5.

De temperatuurverschillen tussen zomer en winter zijn in Oost-Europa:

a)

groot

b)

klein

c)

niet aanwezig

6.
Noorwegen is kouder dan Spanje. Welke temperatuurfactor speelt hier de belangrijkste rol?
a)
hoogteligging
b)
breedteligging
c)
ligging aan zee
d)
aanvoer van warmte door wind
7.
Als water verdampt, ontstaat het onzichtbare gas.
a)
Stoom
b)
Watergas
c)
Condens
d)
Waterdamp
8.
Welke omschrijving past het Nederlandse klimaat?
a)
In Nederland is het warm en vochtig
b)
In Nederland is het droog en koud
c)
In Nederland is het overdag warm en 's nachtig koud
d)
Nederland heeft koele zomers en milde winters.
9.
Wat is een schiereiland? 
a)
Een stuk land omringt door zee. 
b)
Een stuk land met aan twee kanten zee.
c)
Een stuk land met aan drie kanten zee. 
d)
Een stuk land dat niet aan zee ligt. 
10.

Wat heeft géén invloed op de temperatuur in een plaats

a)

Reliëf

b)

Windrichting

c)

Breedteligging

d)

Bevolkingsdichtheid

11.

Welk klimaat komt niet in Europa voor?

a)

Zeeklimaat

b)

Mediterrane klimaat

c)

Hooggebergte klimaat

d)

Landklimaat

e)

Tropisch regenwoudklimaat

12.

Welk klimaat is in deze diagram te zien?

a)

Zeeklimaat

b)

Landklimaat

c)

Toendraklimaat

d)

Savanneklimaat

13.

De Alpen zijn een voorbeeld van een?

a)

Een land

b)

Heuvellandschap

c)

Hooggebergte

d)

Een gelede kust

14.

Aan welke zijde van de berg valt er geen of weinig regen?

a)

De loefzijde

b)

De lijzijde

15.

Een kust met heel veel inhammen en stroken water landinwaarts noem je een ....

a)

Gelede kust

b)

Gedeeltelijke kust

c)

Gebroken kust

d)

Gevormde kust

16.

In welk klimaat komen gletsjers voor?

a)

Hooggebergteklimaat

b)

Toendraklimaat

c)

Sneeuwklimaat

17.

Welke kant van een berg ligt in de regenschaduw

a)

Lijzijde

b)

Loefzijde

18.

Wat is de goede volgorde?

a)

Loofboomgrens, rotsgrens, alpenweide, naaldboomgrens

b)

Loofboomgrens, naaldboomgrens, alpenweide, rotsgrens

c)

Naaldboomgren, rotsgrens, loofboomgrens, alpenweide

d)

Rotsgrens, alpenweide, naaldboomgrens, loofboomgrens

19.

Loofbomen groeien vooral in het noorden van Europa.

a)

Juist

b)

Onjuist