Worksheets1 kader woordsoorten H3H4 terugblik
Total questions: 16
Worksheet time: 3mins
Marie Louise fiets naar haar nieuwe school.
bijvoeglijk naamwoord in deze zin is:
nieuwe
fietst
school
de
Marie Louise fietst naar de school.
fietst is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
bijvoeglijk naamwoord
Marie Louise fiets naar de school.
Marie Louise is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
bijvoeglijk naamwoord
Marie Louise fiets naar de school.
de is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
bijvoeglijk naamwoord
Geef je ’t lekkere snoepje aan mij?
geef is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
bijvoeglijk naamwoord
Geef je ’t lekkere snoepje aan mij?
't is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
bijvoeglijk naamwoord
Geef je ’t lekkere snoepje aan mij?
geef is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
stoffelijk bijvoeglijk naamwoord
Ga jij maar even ’n papieren briefje halen.
ga is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
stoffelijk bijvoeglijk naamwoord
Ga jij maar even ’n papieren briefje halen.
papieren is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
stoffelijk bijvoeglijk naamwoord
Ga jij maar even ’n papieren briefje halen.
halen is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
stoffelijk bijvoeglijk naamwoord
Wil jij de telefoon in de katoenen tas doen?
wil is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
stoffelijk bijvoeglijk naamwoord
Wil jij de telefoon in de katoenen tas doen?
de is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
stoffelijk bijvoeglijk naamwoord
Wil jij de telefoon in de katoenen tas doen?
katoenen is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
stoffelijk bijvoeglijk naamwoord
Ik heb een nieuwe ganzenveren pen.
ganzenveren is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
stoffelijk bijvoeglijk naamwoord
Ik heb een nieuwe ganzenveren pen.
pen is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
stoffelijk bijvoeglijk naamwoord
Ik heb een nieuwe ganzenveren pen.
nieuwe is een
lidwoord
zelfstandig naamwoord
werkwoord
bijvoeglijk naamwoord
