wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Voortplanting basisstof 6 t/m 9

Total questions: 23

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

Van wanneer tot wanneer loopt ongeveer de vruchtbare periode in de cyclus van de vrouw?

a)

Van ongeveer 2 dagen voor de ovulatie tot 3 dagen erna

b)

Van ongeveer 3 dagen voor de ovulatie tot 2 dagen erna

c)

Van ongeveer 1 dag voor de ovulatie tot 1 dag erna

d)

Geen van de 3 antwoorden is goed

2.

Hoe noem je de anticonceptiemethode waarbij de man en vrouw geen geslachtsgemeenschap hebben in de vruchtbare periode?

a)

Coïtus interruptus

b)

Voor het zingen de kerk uit

c)

Periodieke onthouding

d)

Seksuele onthouding

3.

Is onderbroken geslachtsgemeenschap (coïtus interruptus) een betrouwbare manier om zwangerschap te voorkomen??

a)

Ja!

b)

Nee!

4.

Voor extra betrouwbaarheid kun je beter twee condooms over elkaar aan doen. Juist of onjuist?

a)

Juist!

b)

Onjuist!

5.

Wat voorkomt de pil?

a)

Er vindt geen ovulatie plaats

b)

Er vindt geen bevruchting plaats

c)

Er vindt geen innesteling plaats

d)

Geen van bovenstaande antwoorden

6.

Tot wanneer kan een abortus in Nederland worden uitgevoerd?

a)

7e week

b)

13e week

c)

23e week

d)

27e week

7.

Waar in het lichaam van de vrouw vindt de bevruchting van de eicel plaats?

a)

Eierstok

b)

Baarmoederhals

c)

Baarmoeder

d)

Eilieder

8.

Hoe wordt het embryo de eerste weken van de zwangerschap gevoed?

a)

Via de placenta

b)

Via de moederkoek

c)

Via de navelstreng

d)

Via het baarmoederslijmvlies

9.

Stroomt het bloed in een latere fase van de zwangerschap door het embryo/de foetus?

a)

Ja

b)

Nee

10.

Hoeveel vruchtvliezen zitten er om het embryo?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

11.

Wat is de functie van het vruchtwater?

a)

Het beschermt tegen stoten

b)

Het beschermt tegen uitdroging

c)

Het isoleert

d)

Alle antwoorden zijn goed

12.

Wat is de juiste volgorde tijdens een bevalling?

a)

weeën-uitdrijving-persweeën-ontsluiting-nageboorte

b)

persweeën-ontsluiting-weeën-uitdrijving-nageboorte

c)

weeën-ontsluiting-persweeën-uitdrijving-nageboorte

d)

persweeën-uitdrijving-weeën-ontsluiting-nageboorte

13.

Waardoor wordt chlamydia veroorzaakt?

a)

Een virus

b)

Een schimmel

c)

Een parasiet

d)

Een bacterie

14.

Je kunt een soa krijgen door uit hetzelfde glas te drinken als iemand die een soa heeft. Feit of fabel?

a)

Feit

b)

Fabel

15.

Je kunt een soa krijgen door een injectienaald die ook is gebruikt bij iemand met een soa. Feit of fabel?

a)

Feit

b)

Fabel

16.

Soa's kun je alleen krijgen aan je geslachtsorganen. Feit of fabel?

a)

Feit

b)

Fabel

17.

Sommige SOA's kunnen via de handen van het ene geslachtsdeel naar het andere worden overgebracht. Feit of fabel?

a)

Feit

b)

Fabel

18.

Sommige soa's kun je krijgen via tongzoenen. Feit of fabel?

a)

Feit

b)

Fabel

19.

Je geslachtsorganen wassen na seks biedt bescherming tegen soa's. Feit of Fabel?

a)

Feit

b)

Fabel

20.

Als je seropositief bent, heb je aids. Feit of fabel?

a)

Feit

b)

Fabel

21.

Wat is de werking van de Nuva ring?

a)

Het voorkomt ovulatie

b)

Het voorkomt bevruchting

c)

Het voorkomt innesteling

22.

Wat is de werking van het koperspiraaltje?

a)

Het voorkomt bevruchting

b)

Het voorkomt innesteling

c)

Het voorkomt beiden

d)

Het voorkomt geen van beiden

23.

Wat voorkomt het hormoonspiraaltje?

a)

Het voorkomt bevruchting

b)

Het voorkomt innesteling

c)

Het voorkomt beiden

d)

Het voorkomt geen van beiden