Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Sport

Total questions: 16

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.
hoelang duurt een voetbal wedstrijd
a)
45 min
b)
90 min
c)
70 min
d)
80 min
2.
Van welke sport zie je hier het veld?
a)
tennis
b)
badminton
c)
tafeltennis
d)
Volleybal
3.

Basketbal is een...

a)

denksport

b)

krachtsport

c)

watersport

d)

balsport

4.

Schaken is een...

a)

paardensport

b)

atletiek

c)

denksport

d)

balsport

5.

Welke zin is goed?

a)

Ik gaan voetballen

b)

Ik ga voetballen

c)

Hij gaan voetballen

d)

Wij ga voetballen

6.

Wat is GEEN sport?

a)

Wielrennen

b)

judo

c)

Stoelendans

d)

paardrijden

7.

Wat heb je nodig om te sporten?

a)

sportkleding

b)

regels

c)

sport spullen

d)

Een sportplek

8.

Schaatsen is een ...

a)

Krachtsport

b)

Atletiek

c)

Wielersport

d)

Wintersport

9.

Hardlopen hoort bij...

a)

Atletiek

b)

Vechtsport

c)

Wintersport

d)

Denksport

10.

Bij darten gooi je 10 + 20. Hoeveel punten heb je in totaal?

a)

10

b)

20

c)

30

d)

40

11.

Je fietst 1 rondje in 1 minuut. Hoeveel rondjes fiets ik in 2 minuten?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

12.

Bij darten wordt 100 + 10 gegooid. Dat is samen...

a)

100

b)

110

c)

120

d)

1000

13.

Je rent eerst 7 rondjes en dan nog 6. Hoeveel heb je er gerend?

a)

10

b)

11

c)

12

d)

13

14.

Welke zin is goed

a)

Ik ga morgen zwemmen

b)

Ga ik zwemmen morgen

c)

Morgen zwemmen ik ga

d)

Zwemmen ik ga morgen

15.

Jan heeft 30 punten

Piet heeft 10 punten

Henk 20 punten

Wie heeft de meeste punten?

a)

Jan

b)

Piet

c)

Henk

d)

Jan, piet en Henk

16.

Als je tweede wordt krijg je...

a)

Goud

b)

Brons

c)

Zilver

d)

Bruin