wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Communicatie en Groepsfasen

Total questions: 10

Worksheet time: 3mins

Name
Class
Date
1.

Wat betekent in de communicatietheorie “betrekkingsniveau” van een boodschap?

a)

De letterlijke boodschap

b)

Hoe de relatie is tussen zender en ontvanger

c)

De feedback die op een boodschap volgt

d)

In hoeverre de boodschap begrepen wordt

2.

Wat betekent “ruis” in de communicatieleer?

a)

Een verstoorde machtsverhouding tussen twee partijen

b)

Dat de verbale en non-verbale communicatie niet overeenkomen met elkaar

c)

Factoren die ervoor zorgen dat de boodschap niet aankomt of ontvangen wordt zoals bedoeld

d)

Een hinderlijk geluid op de achtergrond tijdens een gesprek

3.

Wat betekent "effectieve communicatie"?

a)

Als er overeenstemming is tussen de zender en de ontvanger

b)

Als er op een prettige manier overlegd wordt

c)

Als er overeenstemming is tussen vraag en antwoord

d)

Als men snel verder kan naar het volgende gespreksonderwerp

4.

Wat betekent actief luisteren?

a)

Het letterlijk kunnen navertellen wat iemand gezegd heeft

b)

Een gesprek voeren tijdens een activiteit

c)

Iemand laten uitpraten

d)

Door je in de ander te verplaatsen echt te begrijpen wat iemand zegt

5.

Welke fase komt na de oriëntatiefase?

a)

De affectiefase

b)

De autonome fase

c)

De machtsfase

d)

De voorfase

6.

Hoeveel groepsfasen zijn er te onderscheiden, de voorfase meegerekend?

a)

4

b)

5

c)

6

d)

7

7.

De studenten kijken nog wat afwachtend om zich heen en weten niet wat ze te wachten staat. In welke fase zitten deze studenten?

a)

De affectiefase

b)

De voorfase

c)

De oriëntatiefase

d)

De machtsfase

8.

In welke fase komen de meeste conflicten voor?

a)

In de oriëntatiefase

b)

In de voorfase

c)

In de affectiefase

d)

In de machtsfase

9.

De oriëntatiefase wordt ook weleens “inclusiefase” genoemd. Wat betekent dit?

a)

In deze fase vragen groepsleden zich af of ze wel bij de groep horen

b)

In deze fase vormen de groepsleden doorgaans een hechte groep

c)

In deze fase wordt bepaald wie de leider is van de groep

d)

In deze fase worden er groepslijsten gemaakt en gecommuniceerd

10.

Bij welke onderstaande situatieschets hoort de fase van de autonome groep?

a)

De groep heeft na harde inspanning en de nodige onderlinge strijd de opdracht ingeleverd. Men wacht in spanning op de beoordeling.

b)

De groep kibbelt er op los en men vraagt zich af wie het voor het zeggen heeft.

c)

De groep heeft elkaar nog nooit gezien, een lijst met de leden plus adresgegevens is verstuurd per mail

d)

Er worden complimenten aan elkaar gegeven en men weet al een beetje wat men aan elkaar heeft