wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Computer architectuur

Total questions: 72

Worksheet time: 43mins

Name
Class
Date
1.

ROM staat voor

a)

Read Only Memory

b)

Risk On Matrix

c)

Routine Outcome Monitoring

d)

Read Outcome Memory

2.

Het RAM-geheugen

a)

Wordt gewist als de stroom uitvalt.

b)

Onthoudt alles wanneer je de computer netjes afzet.

c)

Is gelijk aan het interne geheugen.

d)

Wordt gebruikt voor opslag documenten.

3.
Wat is geen voorbeeld van inwendig geheugen?
a)
ROM
b)
RAM
c)
RUM
4.

Wat is geen voorbeeld van hardware?

a)

Beeldscherm

b)

Toetsenbord

c)

Windows

d)

CPU

e)

Processor

5.
Dit is ...
a)
een harde schijf.
b)
4GB ram geheugen.
c)
een moederbord.
d)
een processor.
6.
Wat klopt er niet: De processor
a)
bestuurt de hele computer.
b)
is niet noodzakelijk voor een computer om te werken.
c)
is de belangrijkste chip en zit op het moederbord.
d)
bepaalt voor een groot deel de snelheid van de computer.
7.

Welk onderdeel doet het denkwerk van de computer ?

a)

Het moederbord

b)

De processor

c)

De harde schijf

d)

De modem

8.

Hoe ziet de processor van een computer eruit?

a)
b)
c)
d)
9.

Hoe ziet de harde schijf van een computer eruit?

a)
b)
c)
d)
10.

Hoe ziet het RAM van een computer eruit?

a)
b)
c)
d)
11.

Hoe ziet de grafische kaart van een computer eruit?

a)
b)
c)
d)
12.

Het RAM wordt ook wel het ... genoemd.

a)

opslaggeheugen

b)

werkgeheugen

c)

automatisch geheugen

d)

actiegeheugen

13.
Welk onderdeel van de computer is hier op deze foto afgebeeld? 
a)
De processor
b)
De computerkast
c)
De voeding
d)
De harde schijf
14.
Hoe noemt men de centrale printplaat met elektronica die alle componenten met elkaar verbindt?
a)
De netwerkkaart
b)
De processor
c)
Het werkgeheugen
d)
Het moederbord
15.
Wat is een andere naam voor de centrale verwerkingseenheid?
a)
SSD
b)
CPU
c)
HDD
d)
RAM
16.

In een computeradvertentie staat: "HDD 2 TB". Wat bedoelt men met "2 TB"?

a)

kloksnelheid van de processor

b)

grootte van de harde schijf

c)

grootte van het RAM-geheugen

d)

snelheid van harde schijf

e)

snelheid van het RAM-geheugen

17.

Een databus bestaat uit 64 draadjes. Hoeveel bytes kunnen er tegelijkertijd verstuurd worden.

a)

Helemaal niets - want dat is niet de functie van een bus

b)

64 - voor elk draadje één byte

c)

128

d)

32

e)

8

18.

Wat bepaald de capaciteit van de bus?

a)

De lengte van de bus en materiaal

b)

Materiaal van de bus en voltage

c)

Voltage en breedte

d)

Breedte en bussnelheid

e)

Bussnelheid en lengte

19.

Welke 3 soorten bussen zijn er te vinden in een computer?

a)

Er zijn geen 3 er is er maar één.

b)

De adresbus, databus en controlbus

c)

De verzendbus, ontvangbus en controlbus

d)

De processorbus, CPU bus en schijfbus

e)

De interne bus, externe bus en gecombineerde bus

20.

Wat is een assambleertaal?

a)

Low- level programmeertaal die machine code in letters en cijfers weergeeft

b)

Low- level programmeertaal die letters en cijfers weergeeft in binary code

c)

High level programmeertaal die code weergeeft in letters en cijfers

d)

High level programmeertaal die letters en cijfers weergeeft in binary code

21.

Wat is een interpreter?

a)

Die zet high-level programmeercode om in assembleertaal

b)

Die zet binary code om naar programmeercode

c)

Die zet high-level programmeercode om in machinecode

d)

Die vertaalt machine code naar assembleertaal

22.

Wat is een compiler

a)

High level programmeertaal dat een programma uitvoert.

b)

Geschreven in assembleertaal om high-level programmeertaal om te zetten in uitvoerbaar programma.

c)

Vertaler van machinecode naar high-level programmeer code.

d)

Vertaler van binary code naar machinecode.

e)

Geschreven in machinecode om assembleertaal uit te voeren.

23.

Wat is een bus in een computer?

a)

Een circuit dat een deel van de CPU verbindt met andere componenten.

b)

Een type langetermijngeheugen.

c)

Een type permanent geheugen.

d)

Die zit niet in de computer, die sluit je aan op de computer.

e)

Een computer ingang (aansluiting).

24.

Hoe beïnvloedt kloksnelheid de prestaties van de computer?

a)

Hoe hoger de kloksnelheid, des te langzamer de computer zal werken.

b)

Het verbetert het aantal gegevens dat u op de computer kunt opslaan.

c)

Hoe hoger de kloksnelheid, hoe beter de prestaties.

d)

Het maakt het laden van het programma trager.

e)

Media worden nu standaard sneller afgespeeld.

25.

Het hebben van een grotere cachegrootte op de CPU kan de prestaties van de computer verbeteren.

a)

waar

b)

niet waar

26.

Wat verbindt de processer met het geheugen?

a)

Bussen

b)

Cache

c)

NIC

d)

Control Unit

e)

BIOS

27.

The CPU cache bewaard het volgende

a)

Alleen de instructies

b)

Documenten

c)

Vaak gebruikte gegevens en instructies

d)

Een lijst van IP addressen

28.

Dit onderdeel slaat de gegevens op die momenteel worden gebruikt door het computersysteem. Delen van het besturingssysteem bijvoorbeeld of geopende programma's en bestanden.

a)

CPU

b)

RAM

c)

Hard drive

d)

ROM

29.

Deze component zal gegevens en instructies ophalen, decoderen en uitvoeren.

a)

CPU

b)

RAM

c)

Hard drive

d)

ROM

30.

Wat gebeurt er als je meer draadjes (lijntjes) zou toevoegen aan een databus?

a)

Hiermee kunnen meer gegevens in één klokcyclus worden verwerkt, waardoor de systeemprestaties verbeteren

b)

Hiermee kunnen meer locaties in het hoofdgeheugen worden geadresseerd (gebruikt)

c)

Hiermee kunnen meer gegevens in één klokcyclus worden overgebracht naar de CPU-registers

d)

Hiermee kunnen meer gegevens worden overgedragen naar back-upopslag in één klokcyclus

31.
Wat is een IP-adres en waarom is het belangrijk?
a)
Verandert elke dag
b)
Noodzakelijk voor internetverbinding
c)
Gebruikt voor het versturen van e-mails
d)
Uniek identificatienummer voor apparaten
32.
Wat zijn de voordelen van glasvezelkabels ten opzichte van koperen kabels?
a)
Meer kosten
b)
Minder gevoelig voor elektromagnetische interferentie
c)
Hogere snelheden
d)
Lager signaalverlies
33.
Welke technologieën worden gebruikt voor satellietcommunicatie?
a)
LoRa
b)
WiFi
c)
Satellietverbindingen
d)
Bluetooth
34.
Wat zijn de voor- en nadelen van het gebruik van cloudopslag in relatie tot privacy?
a)
Kostenbesparing
b)
Risico op datalekken
c)
Beperkte controle over data
d)
Toegankelijkheid
35.
Wat zijn de mogelijke gevolgen van privacy-inbreuken?
a)
Verlies van vertrouwen
b)
Identiteitsdiefstal
c)
Verbeterde beveiliging
d)
Financiële schade
36.
Welke zwakheden kunnen gebruikers vormen in beveiliging?
a)
Phishing
b)
Gebruik van sterke wachtwoorden
c)
Social engineering
d)
Onveilige netwerken
37.
Wat zijn zwakheden in de architectuur van het drielagenmodel?
a)
Gebrek aan back-ups
b)
Onvoldoende beveiliging tussen lagen
c)
Gebrek aan encryptie
d)
Fysieke toegang tot hardware
38.
Hoe werkt een DDoS-aanval en wat is het effect?
a)
Overbelast server met veel verkeer
b)
Verstoort de normale werking van een website
c)
Wordt gebruikt voor hacking
d)
Verwijdert data permanent
39.
Wat zijn de drie kernbegrippen van informatiebeveiliging en waarom zijn ze belangrijk?
a)
Snelheid
b)
Beschikbaarheid
c)
Integriteit
d)
Vertrouwelijkheid
40.
Welke lagen behoren tot het 3-lagenmodel in architectuur
a)
Transportlaag
b)
Fysieke laag
c)
Toepassinglaag
d)
Logische laag
41.
Hoe werken draadloze verbindingen zoals WiFi
a)
Gebruik van infrarood
b)
Gebruik van radiogolven
c)
Gebruik van satellieten
d)
Gebruik van kabels
42.
Welke kabels worden gebruikt voor snelle datatransmissie en wat zijn hun kenmerken?
a)
Twisted-pair kabels
b)
Ethernet kabels
c)
Glasvezel
d)
Draadloos
43.
Wat is het verschil tussen het surface web
a)
Deep web bevat niet-geindexeerde data
b)
Dark web wordt vaak gebruikt voor illegale activiteiten
c)
Surface web is zichtbaar voor zoekmachines
d)
Alleen het dark web is toegankelijk via TOR
44.
Welke besturingssystemen worden veel gebruikt en wat zijn hun eigenschappen?
a)
Linux
b)
Mac
c)
ChromeOS
d)
Windows
45.
Welke functies heeft een besturingssysteem?
a)
Beveiliging en privacy
b)
Uitvoeren van applicaties
c)
Verwerken van internetverkeer
d)
Beheer van hardware
46.
Wat is ESD en waarom is het belangrijk bij het werken met hardware?
a)
Voorkomt schade aan elektronische componenten
b)
Is niet relevant voor hardware
c)
Elektrostatische ontlading
d)
Verhoogt de snelheid van de CPU
47.
Welke onderdelen van hardware worden gebruikt voor het verwerken en opslaan van gegevens?
a)
CPU
b)
Hard Drive
c)
Motherboard
d)
Grafische kaart
48.
Wat zijn de voordelen van IoT en wat zijn de nadelen?
a)
Verhoogde privacyrisico's
b)
Beperkte connectiviteit
c)
Hogere kosten
d)
Automatisering en efficiëntie
49.
Hoe beïnvloedt de kloksnelheid van de CPU de algehele systeemprestaties?
a)
Meer GHz verhoogt de snelheid, maar warmte, stroomverbruik en cores zijn ook van belang
b)
Meer GHz maakt een computer altijd sneller, ongeacht andere factoren
c)
Meer GHz vermindert altijd de warmte en het stroomverbruik van de processor
d)
GHz-waarden alleen hebben geen invloed, aangezien de prestaties alleen afhankelijk zijn van het geheugen
50.
Waarom kan te weinig RAM een computer aanzienlijk vertragen tijdens multitasking?
a)
Omdat de internetverbinding elk geopend programma vertraagt
b)
Omdat de CPU volledig stopt met werken wanneer het geheugen vol is
c)
Omdat het besturingssysteem gegevens moet overzetten naar tragere SSD- of HDD-opslagruimte
d)
Omdat de GPU oververhit raakt en de hoofdprocessen overneemt
51.
Waarom verbetert het gebruik van een SSD in plaats van een HDD de computerprestaties?
a)
SSD's bieden snellere toegang, wat het opstarten van het besturingssysteem en het laden van apps versnelt.
b)
SSD's zijn goedkoper en altijd betrouwbaarder in elke toepassing.
c)
HDD's verbruiken minder stroom, waardoor het systeem veel sneller wordt.
d)
HDD's gaan nooit kapot, waardoor ze stabieler zijn voor applicaties.
52.
Wat is het belangrijkste effect van een lage busbandbreedte op de systeemprestaties?
a)
De CPU moet langer wachten op gegevens, wat leidt tot aanzienlijke vertragingen.
b)
De GPU kan geen graphics renderen of complexe programma's uitvoeren.
c)
De RAM-modules verhogen automatisch de snelheid om dit te compenseren.
d)
De netwerkverbinding verbetert omdat er minder gegevens worden verplaatst.
53.
Wat is de belangrijkste rol van een GPU in moderne computersystemen?
a)
Hij verwerkt graphics en parallelle berekeningen efficiënt.
b)
Hij slaat het besturingssysteem en alle belangrijke programmabestanden op.
c)
Hij reguleert de CPU-koeling en voorkomt oververhitting.
d)
Hij beheert het netwerkverkeer en controleert internetprotocollen.
54.
Wat gebeurt er als de CPU-koeling van een werkende computer uitvalt?
a)
De CPU raakt oververhit en gaat trager werken of wordt uitgeschakeld, met risico op een storing
b)
De CPU begint sneller en efficiënter te werken dan normaal
c)
Het RAM-geheugen verdubbelt automatisch de snelheid om de processor te ondersteunen
d)
De GPU vervangt de CPU direct om berekeningen voort te zetten
55.
Wat is het gevolg van het gebruik van een netwerkkaart met beperkte snelheid?
a)
Internettoepassingen kunnen niet goed functioneren en worden trager
b)
De CPU raakt oververhit omdat de gegevensoverdracht inconsistent wordt
c)
Het RAM-geheugen raakt beschadigd door netwerktime-outs
d)
De GPU valt volledig uit omdat de kaart de rendering blokkeert
56.
Waarom is een voeding (PSU) essentieel voor een computer?
a)
Het biedt stabiele energie en bescherming tegen stroompieken
b)
Het houdt het moederbord koel door de luchtstroom rechtstreeks te stimuleren
c)
Het verhoogt de internetsnelheid door de netwerkbelasting te reguleren
d)
Het slaat gebruikersbestanden en applicaties op voor langdurig gebruik
57.
Hoe bepaalt het besturingssysteem welk proces CPU-tijd krijgt?
a)
Door planning met prioriteiten te gebruiken om de efficiëntie te verbeteren
b)
Door taken willekeurig toe te wijzen aan beschikbare processorkernen
c)
Door de gebruiker te laten kiezen welke taak elke seconde moet worden uitgevoerd
d)
Door hardware automatisch te laten kiezen zonder regels
58.
Wat is het verschil tussen een compiler en een interpreter?
a)
Een compiler zet broncode om in machinecode voordat deze wordt uitgevoerd
b)
Een compiler voert programma's regel voor regel uit terwijl ze worden vertaald
c)
Een interpreter maakt elk programma sneller dan gecompileerde code
d)
Een interpreter bouwt altijd uitvoerbare bestanden vanuit de codebasis
59.
Wat biedt een virtuele machine (VM) in de computerwereld?
a)
Het simuleert hardware, voegt isolatie toe maar verlaagt de snelheid
b)
Het geeft programma's altijd directe toegang tot fysieke hardware
c)
Het zorgt altijd voor een hogere uitvoeringssnelheid dan het hostbesturingssysteem
d)
Het biedt nieuw echt geheugen en opslagruimte aan de computer
60.
Hoe maakt een databasemanagementsysteem (DBMS) query's sneller?
a)
Door gegevens in het RAM te cachen en indexen te gebruiken voor snel zoeken
b)
Door geheugen te negeren en alleen te werken met directe schijftoegang
c)
Door uitsluitend te vertrouwen op CPU-cycli zonder tussenkomst van de schijf
d)
Door query's te beperken tot kleine datasets, ongeacht de behoeften
61.
Hoe zorgt een besturingssysteem voor veilige multitasking?
a)
Door processen te isoleren en geheugen effectief te beheren
b)
Door al het geheugen en de CPU-tijd aan slechts één programma toe te wijzen
c)
Door achtergrondprogramma's te negeren totdat de gebruiker ze sluit
d)
Door slechts één programma tegelijk te laten draaien
62.
Waarom zijn drivers essentiële componenten in de logische laag?
a)
Ze vertalen softwareopdrachten naar hardwaresignalen
b)
Ze vertragen verbonden hardware altijd voor stabiliteit
c)
Ze slaan gebruikersgegevens op lange termijn op voor snellere toegangstijden
d)
Ze regelen de stroomvoorziening en koeling van apparaten
63.
Hoe is Spotify afhankelijk van zowel het besturingssysteem als de hardware?
a)
Het gebruikt het besturingssysteem voor netwerk en opslag, hardware voor uitvoer
b)
Het communiceert rechtstreeks met hardware zonder tussenkomst van het besturingssysteem
c)
Het omzeilt het besturingssysteem voor een snellere verbinding ion en geheugen
d)
Het draait volledig in het RAM-geheugen zonder toegang tot harde schijven
64.
Waarom kan een veeleisende game haperen op een snelle processor?
a)
Omdat de RAM- of GPU-bronnen mogelijk onvoldoende zijn
b)
Omdat de CPU geen elektriciteit kan gebruiken voor berekeningen
c)
Omdat het netwerk altijd instabiel is tijdens het gamen
d)
Omdat de voeding erg krachtig is en overbelasting veroorzaakt
65.
Waarom kan het afspelen van YouTube haperen of haperen tijdens gebruik?
a)
Omdat de bandbreedte, caching of CPU/GPU mogelijk beperkt zijn
b)
Alleen omdat het systeem onvoldoende RAM-geheugen heeft
c)
Altijd omdat de apparaatstuurprogramma's verouderd zijn
d)
Omdat er te veel USB-apparaten op de poorten zijn aangesloten
66.
Hoe wordt een muisklik uitgevoerd door de hardwarelaag?
a)
De app roept het besturingssysteem aan, dat instructies naar de CPU stuurt
b)
De app wijzigt de CPU-spanning rechtstreeks om de actie te activeren
c)
Hardwarecomponenten voeren instructies uit vóór de invoer van het besturingssysteem
d)
De GPU selecteert welke opdracht naar de processor wordt verzonden
67.
Waar kan encryptie van gegevens plaatsvinden in computersystemen?
a)
In software zoals het besturingssysteem en hardware zoals de CPU of netwerkkaart
b)
Uitsluitend in applicatieprogramma's in de bovenste laag
c)
Uitsluitend in RAM-geheugen tijdens de uitvoering
d)
Uitsluitend op schijfruimte bij het opslaan van documenten
68.
Hoe kan authenticatie zoals een wachtwoord of vingerafdruk mislukken?
a)
Door zwakke wachtwoorden, bugs of fysieke exploits
b)
Omdat zwakke computerhardware altijd inlogpogingen blokkeert
c)
Omdat de stroomvoorziening de inlogprocedure verstoort
d)
Omdat het RAM-geheugen vol raakt en alle opgeslagen inloggegevens worden verwijderd
69.
Wat betekent integriteit van digitale gegevens in de computerwereld?
a)
Gegevens moeten ongewijzigd blijven, fouten bedreigen de betrouwbaarheid
b)
Gegevens worden altijd sneller verwerkt als ze worden opgeslagen op solid state drives
c)
Gegevens moeten worden gecodeerd, ongeacht de gevoeligheid
d)
Gegevens worden altijd geback-upt door het besturingssysteem
70.
Hoe kan een virus in de applicatielaag lagere lagen beïnvloeden?
a)
Door OS-functies te corrumperen en hardware te misbruiken
b)
Door alle geheugenmodules te verwijderen die door de processor worden gebruikt
c)
Door alleen GPU-renderingprocessen in games te blokkeren
d)
Door de internetsnelheid te verlagen zonder tussenkomst van het besturingssysteem
71.
Waarom is beschikbaarheid afhankelijk van zowel software als hardware?
a)
Omdat een storing in een van beide lagen het systeem kan laten crashen
b)
Omdat hardware altijd onafhankelijk van software werkt
c)
Omdat software altijd belangrijker is dan onderdelen
d)
Omdat de voedingseenheid zowel programma's als RAM aanstuurt
72.
Waarom vormt het aansluiten van een onveilige USB-stick een beveiligingsrisico?
a)
Het kan malware injecteren die het besturingssysteem en applicaties infecteert
b)
Het koelt de CPU door de bedrijfsspanning te verlagen
c)
Het versnelt het besturingssysteem en vermindert fouten
d)
Het voorkomt automatisch alle toekomstige virusinfecties