wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

EVH (deel 1)

Total questions: 12

Worksheet time: 24mins

Name
Class
Date
1.

Volgens welk elektrotechnisch voorschrift wordt er gewerkt binnen de HTM?

a)

EVH

b)

RLN00128

c)

BEI

2.

Voor wie geld het EVH?

a)

Voor iedereen die zich op het terrein van de HTM bevind;

b)

Alleen voor alle werknemers van HTM;

c)

Voor alle werknemers van HTM en voor iedereen die werkzaamheden voor of in opdracht van HTM uitvoert.

3.

Waar moet het EVH worden toegepast?

a)

Het EVH geldt voor alle elektrische infrastructurele installaties waar aan, met of nabij, door of namens de HTM wordt gewerkt;

b)

Het EVH geldt voor alle elektrische infrastructurele installaties waar aan, met of nabij, door of namens de OVERHEID wordt gewerkt;

c)

Het EVH geldt voor alle elektrische infrastructurele installaties waar aan, met of nabij, door of namens de GEMEENTE DEN HAAG wordt gewerkt.

4.

Noem twee gevaren van elektriciteit:

a)

Verstikking en blindheid;

b)

Duizeligheid en misselijkheid;

c)

Elektrocutie en lichamelijk letsel;

d)

Doofheid en overgeven.

5.

Geef antwoord op de volgende stelling: 400v wisselspanning en 800v gelijkspanning vallen beide onder het begrip laagspanning.

a)

De stelling is juist;

b)

De stelling is onjuist.

6.

Wat wordt verstaan onder laagspanning?

a)

Spanning die normaal niet hoger is dan 1000V bij gelijkspanning óf 1500V bij wisselspanning;

b)

Spanning die normaal niet hoger is dan 1500V bij zowel gelijkspanning als bij wisselspanning;

c)

Spanning die normaal niet hoger is dan 1500V bij gelijkspanning óf 1000V bij wisselspanning;

7.

Wat wordt verstaan onder hoogspanning?

a)

Spanning die normaal hoger is dan 1000V bij gelijkspanning óf 1500V bij wisselspanning;

b)

Spanning die normaal hoger is dan 1500V bij gelijkspanning óf 1000V bij wisselspanning;

c)

Spanning die normaal hoger is dan 1500V bij zowel gelijkspanning als bij wisselspanning;

8.

Wie stelt de schakelbrief op?

a)

De installatieverantwoordelijke (IV-er);

b)

De ploegleider (PL);

c)

De werkverantwoordelijke (WV-er).

9.

Maken de spoorstaven deel uit van de elektrische installatie?

a)

Ja;

b)

Nee.

10.

Wie is er verantwoordelijk voor de uitgifte van sleutels die toegang hebben tot de hoogspanningsruimten?

a)

Een ploegleider (PL):

b)

Een werkverantwoordelijke (WV-er);

c)

De installatieverantwoordelijke (IV-er).

11.

Indien elektrotechnische werkzaamheden hebben geleid tot een wijziging van de elektrische installatie, binnen welke termijn moet de IV-er zorgen dat de tekeningen zijn bijgewerkt en centraal en decentraal (op locatie) zijn vervangen?

a)

3 maanden voordat de werkzaamheden gereed zijn;

b)

Binnen 1 maand nadat de werkzaamheden gereed zijn;

c)

Binnen 3 maanden nadat de werkzaamheden gereed zijn.

12.

Wie is verantwoordelijk voor het aanleveren van veiligheidsmiddelen zoals testers en kortsluitgarnituren?

a)

De opdrachtgever;

b)

De werkgever;

c)

De uitvoerder.