wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Lineaire Formules 2 vmbo basis

Total questions: 9

Worksheet time: 45mins

Name
Class
Date
1.

De kosten voor een bezoek aan een attractiepark kun je berekenen met de formule: aantal attracties × 2,50 + 5 = kosten.

Hoeveel euro kost iedere attractie?

a)

€2,50

b)

€5,00

c)

€7,50

d)

Het goede antwoord staat er niet tussen.

2.

De kosten voor een bezoek aan een attractiepark kun je berekenen met de formule: aantal attracties × 2,50 + 5 = kosten.

Wat is de entreeprijs van het attractiepark?

a)

€2,50

b)

€5,00

c)

€7,50

d)

Het goede antwoord staat er niet tussen.

3.

Robin doet mee aan een sponsorloop.

Zijn opa sponsort hem.

Hij gebruikt de formule aantal rondjes × 0,50 + 7,50 = bedrag.

Neem eerst voor jezelf de tabel over op een blaadje en vul de tabel in.

Hoeveel cent krijgt Robin per rondje?

a)

€0,50

b)

€7,50

c)

€8,00

d)

Het goede antwoord staat er niet tussen.

4.

Jochem vult de vijver bij met een tuinslang.

Het aantal liter water in de vijver kun je berekenen met de formule

aantal minuten × 4 + 60 = aantal liter.

Hierbij is aantal minuten het aantal minuten dat de kraan openstaat.

Hoeveel liter water zat er al in de vijver, voordat Jochem begon met vullen?

a)

0 Liter

b)

4 Liter

c)

60 Liter

d)

76 Liter

5.

Jochem vult de vijver bij met een tuinslang.

Het aantal liter water in de vijver kun je berekenen met de formule

aantal minuten × 4 + 60 = aantal liter.

Hierbij is aantal minuten het aantal minuten dat de kraan openstaat.

Is de grafiek bij deze tabel lineair?

a)

Ja

b)

Nee

6.

Bij bowlingbaan 'Strike' betaal je voor het huren van de baan en voor je drankjes.

De formule hierbij is aantal drankjes × 2 + 20 = bedrag in euro's.

Welke van de 2 grafieken hoort bij de formule?

a)

Grafiek A

b)

Grafiek B

c)

Geen van beide

d)

Allebei

7.

Eline spaart volgens de formule aantal maanden × 15 + 180 = bedrag in euro's.

Hoeveel euro heeft Eline al op de bank voordat ze begint met sparen?

a)

€0,00

b)

€15,00

c)

€180,00

d)

€195,00

8.

Eline spaart volgens de formule aantal maanden × 15 + 180 = bedrag in euro's.

Welke tabel hoort bij deze formule?

a)

Tabel 1

b)

Tabel 2

c)

Allebei

d)

Geen van beide

9.

Eline spaart volgens de formule aantal maanden × 15 + 180 = bedrag in euro's.

Kies welke uitspaak juist is bij het spaarplan van Eline?

a)

Het hellingsgetal is 180

b)

De formule is een lineaire formule

c)

Bij de formule hoort een dalende rechte lijn

d)

Alle uitspraken zijn juist