wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Organismen uit vier rijken

Total questions: 16

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Twee levenskenmerken zijn stofwisseling en voortplanting. Over welke gaat het in de tekst hierboven?

a)

alleen stofwisseling

b)

alleen voortplanting

c)

beide

d)

geen van beide

2.

De Aziatische en Afrikaanse olifant lijken op elkaar, maar behoren niet tot dezelfde soort. Waarom niet?

a)

Omdat ze verschillende uiterlijke kenmerken hebben

b)

omdat ze geen nakomelingen kunnen krijgen

c)

omdat ze geen vruchtbare nakomelingen kunnen krijgen

3.

Tot welk rijk behoren de champignon en de inktzwam?

a)

tot de bacteriën

b)

tot de schimmels

c)

tot de planten

d)

tot de dieren

4.

Torren, kreeften en spinnen behoren alle tot dezelfde afdeling van het dierenrijk. Wat hebben deze drie soorten overeenkomstig?

a)

gelede poten

b)

inwendig skelet

c)

uitwendig skelet

d)

8 poten

5.

Je ziet hier een determinatietabel en een foto van een dier. Wat is de naam van dit dier? (gebruik de tabel)

a)

dennensnuitkever

b)

oorwurm

c)

langpootmug

d)

stinkende kortschildkever

6.

Hiernaast zie je een plantencel. Welk onderdeel hoort bij nummer 2?

a)

celkern

b)

vacuole

c)

cytoplasma / celplasma

d)

celwand

7.

Wat is de juiste volgorde van groot naar klein?

a)

cel-weefsel-orgaan-orgaanstelsel-organisme

b)

organisme-orgaan-orgaanstelsel-cel-weefsel

c)

organisme-orgaanstelsel-orgaan-weefsel-cel

d)

orgaanstelsel-organisme-weefsel-cel-orgaan

8.

Wat is de juiste definitie van het begrip "weefsel"?

a)

het kleinste deel van een organisme met 1 of meer functies

b)

een groep organen die samen 1 functie hebben

c)

twee cellen die samen een functie hebben

d)

een groep cellen met dezelfde vorm en functie

9.

Een cel onder de microscoop heeft een celwand en een celkern. Tot welke rijken kan deze cel behoren?

a)

bacteriën

b)

schimmels

c)

planten

d)

dieren

10.

Een bacterie deelt zich elke 15 minuten. Hoeveel bacteriën zijn er dan na 1,5 uren?

a)

32

b)

64

c)

128

d)

12

11.

Welk orgaanstelsel is hier te zien?

a)

bloedvatenstelsel

b)

zintuigenstelsel

c)

zenuwstelsel

d)

ademhalingsstelsel

12.

Hoe heet de bovenste lens van een microscoop?

a)

het diafragma

b)

het objectief

c)

het revolver

d)

het oculair

13.

Welke organismen hieronder behoren tot de producenten?

a)

algen

b)

broodschimmels

c)

bacteriën

d)

paardebloemen

14.

Welk voedingsmiddel wordt gemaakt met bacteriën?

a)

bier

b)

yoghurt

c)

Franse brie

15.

Op welke manier is dit koffiepak geconserveerd?

a)

gesteriliseerd

b)

gekoeld

c)

gepasteuriseerd

d)

gevacumeerd

16.

Welk proces zie je hier en welke stof wordt er gemaakt?

a)

fotosynthese / energie

b)

fotosynthese / glucose

c)

verbranding / energie

d)

verbranding / glucose