wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H1c

Total questions: 30

Worksheet time: 14mins

Name
Class
Date
1.

Op welke sport zit Justin

a)

Hockey

b)

boksen

c)

tennis

d)

voetbal

2.

op welke sport zit merlijn

a)

badminton

b)

tennis

c)

voetbal

d)

boksen

3.

op welke school heeft Noah eerst gezetten

a)

CKS De borg

b)

CKC De Borg

c)

CDS De borg

d)

CDS en CKC De borg (naam is verandert)

4.

Hoe heet onze LO Leeraar

a)

MR. Betting

b)

MVR. Betting

c)

MR. Kuils

d)

MVR. Kuils

5.

in welke straat zat Quintus eerst

a)

DRNassaulaan

b)

nassaulaan

c)

drnassaucollegelaan

d)

drnassaucollegestraat

6.

No komen vragen van vakken

a)

Yes

b)

nog meer vragen

7.
Hoeveel landen zitten er in de EU?
a)
51
b)
43
c)
28
d)
19
8.

Waar of niet waar:

Bij zelfstandige naamwoorden die eindigen op een -a, -o, -u, -i of -y, schrijf je 's in het meervoud.

a)

Waar

b)

Niet waar

9.

Welke figuur hieronder is een ruimte figuur?

a)

Rechthoek

b)

Balk

c)

Cirkel

d)

Driehoek

10.
Wat doe je als je een tekst globaal leest?
a)
Je bekijkt de tekst en je leest de eerste alinea. 
b)
Je leest de tekst van begin tot eind helemaal door.
c)
Je scant de tekst om achter bepaalde informatie te komen.
d)
Je leest de eerste en de laatste zin van elke alinea. 
11.
Je ogen goed de kost geven
a)
goed om je heen kijken
b)
Je hebt veel honger (kost)
c)
Er zit een korst op je ogen
12.
Wat is politiek?
a)
Het nemen van beslissingen en het maken van keuzes voor het Land, Provincie en  Waterschap
b)
Het nemen van beslissingen en het maken van keuzes voor het Land, Provincie en Gemeente
c)
Het nemen van beslissingen en het maken van keuzes voor het Land, Provincie en Ruimtelijke Ordening.
d)
Het nemen van beslissingen en het maken van keuzes voor het Land, Provincie en Wijken
13.
Ierland was vroeger onderdeel van een ander Europees land. Welk land was dat?
a)
Nederland 
b)
Engeland 
c)
Schotland
d)
Wales
14.

1 vierkante meter (1m2) is hetzelfde als ... dm2.

a)

1

b)

10

c)

100

d)

1000

15.

Wat is de oppervlakte van de bodem van deze kubus?

a)

6 cm2

b)

16 cm2

c)

18 cm2

d)

36 cm2

16.

Wat is de inhoud van deze kubus?

a)

6 cm2

b)

216 cm2

c)

216 cm3

d)

36 cm3

17.

Is dit een prisma?

a)

ja

b)

nee

18.

Waarom is dit geen prisma?

a)

omdat je er geen gelijke plakken van kunt snijden

b)

omdat je er geen twee op elkaar kunt stapelen

19.

zwaartekracht is gelijk aan

a)

massa in kg : 10

b)

massa in kg x 10

c)

massa in kg x 100

d)

massa in kg : 100

20.

Welk woord moet op de puntjes staan?

Il ....... quel âge?

a)

As

b)

Ai

c)

A

d)

Ont

21.

Je travaille dans .................

a)

La chaise

b)

La chambre

c)

Le balcon

d)

Le jardin

22.

Seulement =

a)

Slechts

b)

kosten

c)

al

d)

wat

23.

welke kleur is deze tekst?

a)

Jaune

b)

blanc

c)

Rose

d)

Vert

24.

Ils/elles........

a)

Avons

b)

Avez

c)

Ont

d)

As

25.
Een Organisme is......
a)
Iets wat nooit geleefd heeft
b)
Een levend wezen
c)
Een onderdeel van het menselijk lichaam
d)
De leer van het leven
26.
Deze houten tafel is.....
a)
Levend
b)
Levenloos
c)
dood
d)
geen van de genoemde 3
27.
Iets wat nooit geleefd heeft noemen we...... 
a)
dood
b)
levenloos
c)
levend
d)
geen van de 3 
28.
Tot de levenskenmerken behoren.......
a)
groeien,ademhalen,ruiken
b)
ademhalen,zich voeden,lopen
c)
uitscheiden,bewegen,ademhalen
d)
voortplanten,groeien,horen
29.
6 x 13 =
a)
78
b)
72
c)
84
d)
18
30.
Hoeveel is 35 - 19?
a)
26
b)
16
c)
6
d)
17