Font size
WorksheetsHst 1 en 2 kennisquiz: Nieuw Nederlands 2BK
Total questions: 39
Worksheet time: 19mins
Elke tekst gaat ergens over. Dat noem je
alinea
onderwerp
tussenkopje
Een goede tekst bestaat uit een: inleiding, middenstuk en slot.
juist
onjuist
Deelonderwerpen staan meestal in
de inleiding
het middenstuk
het slot
In het slot wordt vaak
een nieuw onderwerp besproken
het belangrijkste uit de tekst nog eens herhaald
een conclusie gegeven
Wat is een synoniem?
Een woord met ongeveer dezelfde betekenis
Een tegenstelling
Een werkwoord
Wat is een synoniem van circa?
rondje
ongeveer
een beetje
Wat is een synoniem van echter?
ook
terwijl
en
maar
Wat is een synoniem voor verrichten?
ver gooien
plassen
doen
tekenen
Wat is een tegenstelling van uitreiken?
geven
pakken
maken
gooien
De persoonsvorm is altijd een
persoon
werkwoord
vraag
Om de persoonsvorm te vinden maak je
een vraagzin en dan pak je het eerste woord
een vraagzin en dan pak je het eerste werkwoord
Woorden als: hoe laat, wanneer, waarom kunnen geen persoonsvorm zijn.
juist
onjuist
Het onderwerp vind je door de volgende vraag te stellen:
Waarom+ persoonsvorm
Hoe+ persoonsvorm
Wie/ wat + persoonsvorm
Vul in de tt: Hoeveel avonturen (beleven) een mens in zijn leven?
beleefd
beleeft
beleevt
belevt
Noteer in de tt: Hoeveel avonturen heb jij (beleven)?
beleeft
beleefd
beleevt
beleevd
Noteer in de tt: Hub (braden) het vlees vandaag.
braad
braadt
bradt
braat
Noteer in de tt: (beantwoorden) jij deze vraag?
Beantwoord
beantwoord
Beantwoordt
Beantwoort
Vul in: Er zijn mensen die altijd pijn l...den. Die mensen l...den vaak geen leuk leven.
lijden en leiden
leiden en lijden
Een tekst bestaat uit hoofdzaken en bijzaken. Bijzaken zijn
heel belangrijk
niet zo belangrijk
In de kernzin staat de belangrijkste informatie van
de tekst
een alinea
Wat betekent: reguliere?
ongewone
gewone
Wat betekent: in principe?
verschillende
als er niet tussenkomt
gewone
Wat betekent: toeslaan?
plotseling opkomen
dicht gaan
met geld steunen
Een voorvoegsel heeft een eigen betekenis.
juist
onjuist
Wat zijn voorvoegsels?
ex, min, on, her
ex, mis, wan, non
inter, ex, in, op
Wat betekent: wantrouwen?
iemand vertrouwen
niet trouwen met iemand
iemand niet vertrouwen
verdrietig zijn om iets
Wat doe je als je op non-actief staat?
Naar het klooster gaan
Heel hard werken
(Een tijdje) niet meer werken
Een verhaal verzinnen
Wat is een streefcijfer?
Het hoogste cijfer
Het cijfer dat je graag wilt halen
Welke van de onderstaande zinnen is een samengestelde zin?
Mieke is vandaag jarig. Ze verwacht veel bezoek.
Mieke is vandaag jarig en ze verwacht veel bezoek.
Noteer de vt: In de vakantie (blijven) alle post in de brievenbus liggen.
blijft
bleven
bleef
blijvde
Noteer in de vt: Ik (verbranden) mijn hand aan het strijkijzer.
verbrand
verbrande
verbrandde
verbrandden
Noteer de vt: Mijn broers (pesten) mij altijd vroeger.
pesten
pestten
pesden
pestden
Noteer de vt: Tijdens het wandelen (zweten) hij heel erg.
zweete
zwete
zweette
zweetten
Noteer het voltooid deelwoord: Ik heb (verven).
geverft
geverfd
gevervd
gevervt
Noteer de vt: De kinderen (knippen) het blaadje uit.
knippen
knipden
knipten
kniptten
Goed of fout: sympathiek
goed
fout
Goed of fout: themperatuur
goed
fout
Goed of fout: jufrouw
goed
fout
Goed of fout: wenkbrauwen
goed
fout
