wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

GWP; Europa na 1945

Total questions: 100

Worksheet time: 2hrs 40mins

Name
Class
Date
1.

Wat voegde Jozef Stalin toe aan de communistische ideologie van de Sovjet-Unie?

a)

Het streven naar een wereldrevolutie

b)

Afwijzing van de parlementaire democratie

c)

Bevorderen van een klasseloze samenleving

d)

Een totalitair besturingssysteem

2.

Wat stond na WOII centraal in zowel het politieke als economische model van het Westen?

a)

Kapitalisme

b)

Democratie

c)

Vrijheid

d)

Individualisme

3.

Uit welk jaar kan deze bron afkomstig zijn?

a)

1940

b)

1944

c)

1947

d)

1951

4.

De Conferentie van Potstdam legde onderlinge verschillen bloot in de geallieerde visie op...

a)

Militaire strategie

b)

Berechting van nazi-leiders

c)

Politieke verhoudingen

d)

Herstelbetalingen

5.

Welk begrip past het beste bij deze bron?

a)

Marshallhulp

b)

Trumandoctrine

c)

Kapitalisme

d)

Democratie

6.

Wat was de aanleiding voor Stalins blokkade van Berlijn?

a)

Aansluiting BRD bij NAVO

b)

Uittreding DDR uit Warschaupact

c)

Weigering geallieerden uit West-Berlijn te vertrekken

d)

Invoering D-Mark in BRD

7.

Wat zijn het onderwerp en de mening van de maker van deze bron?

a)

Marshallplan, negatief

b)

Trumandoctrine, negatief

c)

Volksdemocratieën, positief

d)

Invloedsferen, negatief

8.

Welke man is hier afgebeeld?

a)

Chroetsjov

b)

Brezjnev

c)

Stalin

d)

Gorbatsjov

9.

Wat was de oorzaak voor de bouw van de Berlijnse muur?

a)

De communisten wilde niemand in hun land.

b)

Vluchtelingen tegenhouden die van oost naar west wilden.

c)

Vluchtelingen tegenhouden die van west naar oost wilden.

d)

Oost Berlijn wilde West-Berlijn definitief maken.

10.
Hoe heet de zwarte lijn die je ziet lopen over de kaart?
a)
Berlijnse Muur
b)
Blokkade van Berlijn
c)
IJzeren Gordijn
d)
Scheiding Oost en West Europa
11.
Waarom is de Koude Oorlog ''koud''?
a)
Omdat het in die periode erg koud was
b)
Er waren wel conflicten maar er werd nooit direct gevochten
c)
Omdat de Verenigde Staten de Sovjet Unie koud vond
d)
Omdat de Sovjet Unie de Verenigde Staten Koud vond
12.

Welk land was niet aangesloten tot het Warschaupact?

a)

Sovjet-Unie

b)

Polen

c)

Frankrijk

d)

Tsjechoslowakije

13.
Welk woord/begrip hoort niet in dit rijtje thuis?
a)
Planeconomie
b)
Sovjet-Unie
c)
Democratie
d)
Gelijkheid
14.
Welk woord/begrip hoort niet in dit rijtje thuis?
a)
DDR
b)
Navo
c)
BRD
d)
Amerika
15.
Welk begrip hoort bij de afbeelding?
a)
Wapenwedloop
b)
Cuba Crisis
c)
Containment
d)
Koude Oorlog
16.
Bij het communisme beslist de overheid wat voor werk werknemers moeten doen
a)
Juist
b)
Onjuist
17.

Tijdens de Koude Oorlog gebruikte Amerika en de Sovjet-Unie geen direct geweld.

a)

Juist

b)

Onjuist

18.
Duitsland werd in 1949 opgedeeld. Welk deel kreeg de Sovjet-Unie?
a)
West-Duitsland, Oost-Berlijn
b)
Oost-Duitsland, West-Berlijn
c)
Oost-Duitsland, Oost-Berlijn
d)
West-Duitsland, West-Berlijn
19.
Wanneer was de bouw van de Berlijnse Muur?
a)
1989
b)
1945
c)
1946
d)
1961
20.
De BRD, Bondsrepubliek Duitsland hoort bij West-Duitsland
a)
Juist
b)
Onjuist
21.
Tik het Juiste aan:
Door de regering wordt bepaald wat er en hoeveel er door de boeren en fabrieken moet worden geproduceerd. 
a)
Vrijemarkteconomie 
b)
Planeconomie
22.
Welk begrip hoort bij deze afbeelding?
a)
Koude Oorlog
b)
Kolonisatie
c)
Dekolonisatie
d)
Nederlands Indie
23.
Welke gebeurtenissen staan in de juiste volgorde?
a)
Berlijnse Muur, Blokkade van Berlijn, start Koude Oorlog, Glasnost
b)
Blokkade van Berlijn, Berlijnse Muur, Glasnost, start Koude Oorlog
c)
Start Koude Oorlog, Glasnost, Blokkade van Berlijn, Berlijnse Muur
d)
Start Koude Oorlog, Blokkade van Berlijn, Berlijnse Muur, Glasnost
24.
Voor wie komt de tekenaar van deze afbeelding op?
a)
Voor de Sovjet-Unie want de tekenaar laat zien dat de Sovjet-Unie gaat winnen
b)
Amerika want de tekenaar laat zien dat de Sovjet-Unie gewelddadig is
c)
De tekenaar heeft geen mening maar geeft de feiten weer van de strijd tussen Amerika en de Sovjet-Unie
d)
Dat is aan de hand van deze afbeelding niet te zien
25.
Uit welk jaar komt deze afbeelding?
a)
1961 bij de bouw van de Berlijnse Muur
b)
1961 bij de val van de Berlijnse Muur
c)
1989 bij de bouw van de Berlijnse Muur
d)
1989 bij de val van de Berlijnse Muur
26.
Het IJzeren Gordijn - gemaakt in Moskou
"Sluit me niet in!"
Uit welk land komt de maker van deze bron?
a)
Sovjet-Unie
b)
Nederland
c)
Verenigde Staten
d)
BRD
27.
Waarover gaat deze bron?
a)
Communisme
b)
Dominotheorie
c)
Korea-oorlog
d)
NAVO vs. Warschaupact
28.
"Ik kan alles wat jij bouwt groter bouwen!""
- "Nietes!"
"Welles!"
- "Dan bouw ik er meer van!"
Waarover gaat deze bron?
a)
NAVO vs. Warschaupact
b)
Berlijnse Muur
c)
BRD vs. DDR
d)
Vietnam-oorlog
29.

Van wanneer tot wanneer was (ongeveer) de Koude Oorlog?

a)

1933-1963

b)

1945-1991

c)

1949-2003

d)

1964-1972

30.

Welke van deze 4 was geen leider van de Sovjet-Unie?

a)

Stalin

b)

Chroesjtsjov

c)

Breznjev

d)

Reagan

31.

Wat betekende vanaf 1947 een economische impuls voor West-Europa?

a)

De Praagse Lente

b)

De Breznjevdoctrine

c)

De atoombom op Hiroshima

d)

Het Marshallplan

32.

De Berlijnse Muur werd gebouwd in...

a)

1945

b)

1948

c)

1961

d)

1973

33.

Wat was het doel van de Praagse Lente in Tsjecho-Slowakije (1968)?

a)

meer communisme

b)

uitbreiding van het leger

c)

meer vrijheid

d)

afschaffing van media

34.

De leider van de Verenigde Staten tijdens de Cubacrisis was...

a)

Truman

b)

Johnson

c)

Nixon

d)

Kennedy

35.

Containment komt voort uit...

a)

De Trumandoctrine

b)

De Breznjevdoctrine

c)

glasnost

36.

Van welk land was India anno 1945 een kolonie?

a)

Frankrijk

b)

Groot-Brittannië

c)

India was nooit gekoloniseerd

d)

India was al direct na de Eerste Wereldoorlog onafhankelijk geworden

37.

Welke rol speelde Japan in de dekolonisatie van Azië?

a)

Japan zette de koloniale mogendheden onder druk hun koloniën onafhankelijkheid te verlenen

b)

Japan steunde nationalistische bewegingen in de koloniën met geld en wapens

c)

Japan was de eerste Aziatische kolonie die zich los wist te maken van het moederland en was daarmee een voorbeeld voor andere koloniën

d)

Japan had laten zien dat westerse koloniale mogendheden echt wel verslagen konden worden

38.

In 1945 riep Soekarno de Indonesische onafhankelijkheid uit. Hoe reageerde Nederland?

a)

Er werden troepen gestuurd in een poging Indonesië voor Nederland te behouden

b)

De gouverneur-generaal liet Soekarno arresteren en vervolgens gevangen zetten in de binnenlanden van Nieuw-Guinea om verder verzet de kop in te drukken

c)

De Molukse KNIL-militairen en hun gezinnen werden naar Nederland overgebracht

d)

Om te voorkomen dat Indonesië in de Russische invloedssfeer terecht zou komen verleende Nederland Indonesië de onafhankelijkheid

39.

Wanneer werd Suriname onafhankelijk?

a)

1949

b)

1960

c)

1975

d)

1980

40.

Waar of niet waar?

De Nederlandse kolonies lagen allemaal in hetzelfde werelddeel.

a)

Waar

b)

Niet waar

41.

In welk jaar erkent Nederland de onafhankelijkheid van Indonesië?

a)

1947

b)

1948

c)

1949

d)

1950

42.

De inwoners van de koloniën streefden naar...

a)

betere relaties met het moederland.

b)

uitbreiding van hun grondgebied.

c)

onafhankelijkheid en een eigen regering.

d)

betere handelsbetrekkingen met hun buurlanden

43.

Welk begrippen past het beste bij de afbeelding?

a)

Segregatie

b)

Integratie

c)

Apartheid

d)

Kolonisatie

44.

In de 20e eeuw kende Nederland een lange periode van ongekende economische groei. Deze ‘gouden jaren’ duurden van...

a)

1948-1973

b)

1948-1975

c)

1950-1973

d)

1950-1975

45.

De Nederlandse regering zette na de Tweede Wereldoorlog vooral in op...

a)

De opbouw van de industrie

b)

De verdere ontwikkeling van Nederland als doorvoerland

c)

De commercialisering van de landbouw

d)

De trans-Atlantische handel met de Verenigde Staten

46.

De consumptie van koffie, thee en bier nam tussen 1950 en 1970...

a)

Af

b)

Niet toe

c)

Toe

d)

Enorm toe

47.

Welk begrip past niet bij de sociaal-culturele veranderingen van de jaren 1960?

a)

Voorbehoedsmiddelen

b)

Gezagsgetrouw

c)

Ontkerkelijking

d)

‘Hokken’

48.

De komst van de anticonceptiepil past bij...

a)

De seksuele revolutie

b)

Individualisering

c)

Vrouwenemancipatie

d)

Ontkerkelijking

49.
Waar of niet waar?
De belangrijkste reden voor de VS om Marshallhulp te geven was omdat ze een grotere afzetmarkt voor Amerikaanse producten wilden.  (5.1)
a)
Waar
b)
Niet waar
50.
Welk begrip past het beste bij de afbeelding? (5.1)
a)
Marshallhulp
b)
Containment
c)
Invloedssfeer
d)
Ijzeren Gordijn
51.
Welk begrip wordt hier omschreven?
"Een politiek van de VS om er voor te zorgen dat het communisme zich niet zou uitbreiden." (5.1)
a)
Invloedssfeer
b)
Containment
c)
satelietstaat
d)
kapitalisme
52.
De groene landen horen bij de NAVO en de oranje landen bij het Warschaupact. (5.1)
a)
Juist
b)
Onjuist
53.
Een race om wie de beste en meeste wapens heeft.(5.2)
a)
Marshallplan
b)
Warschaupact
c)
Wapenwedloop
d)
Wederopbouw
54.
Het moment dat er een kernoorlog dreigde tussen de VS en de Sovjet-Unie. Dit was het  gevaarlijkste moment in de Koude Oorlog. (5.2)
a)
Vietnamoorlog
b)
Cuba-crisis
c)
Navo
d)
Zesdaagse oorlog
55.
Een oorzaak van de Cubacrisis was? (5.2)
a)
Amerika had raketten op Cuba geplaatst.
b)
De Sovjet-Unie had raketten geplaatst op Cuba.
c)
Chroetsjov had een sigaar gestolen van Kennedy
d)
Amerika wilde geen communisten op 150 km van Miami
56.
Wie is de rechtse man en wie de linkse? (5.2)
a)
Rechts: Kennedy Links: Chroetsjov
b)
Rechts: Chroetsjov Links: Kennedy
57.
De Koude oorlog duurde tot ongeveer 1990. (5.2)
a)
Juist
b)
Onjuist
58.
'De planeconomie functioneerde niet meer' Dit was een probleem in de jaren '80 in de Sovjet-Unie. (5.2)
a)
Juist
b)
Onjuist
59.
Perestrojka betekent dat er meer openheid komt in de samenleving. (5.2)
a)
Juist
b)
Onjuist
60.
Door Gorbatsjov werd de relatie tussen de SU en de VS slechter. (5.2)
a)
Juist
b)
Onjuist
61.
Wanneer werd Duitsland weer één? (5.2)
a)
1990
b)
1991
c)
1989
62.
Wat is de belangrijkste taak van de Verenigde Naties? (5.3)
a)
Met elkaar afspraken maken over verdeling van grond en macht
b)
Zorgen dat het communisme niet verspreid wordt
c)
Toezien op vrede en veiligheid in de wereld
d)
Militair bondgenootschap dat elkaar beschermt
63.
De VN had een grote rol in conflicten tijdens de Koude Oorlog. (5.2 en 5.3)
a)
Juist
b)
Onjuist
64.
Welk begrip past bij de afbeelding? (5.4)
a)
harmoniemodel
b)
wederopbouw
c)
bevrijdingsdag
d)
verzuiling
65.
In welke periode in uit de 20e eeuw ontstond de jongerencultuur? (5.4)
a)
Jaren '50
b)
Jaren '60
c)
Jaren '70
d)
Jaren '80
66.
Wat is geen sociaal grondrecht? (5.4)
a)
Recht op vrijheid geloof
b)
Recht op werk
c)
Recht op gezondheidszorg
d)
Recht op bewoonbaarheid van het land.
67.
Na de Tweede Wereldoorlog werd er hard gewerkt om de oorlogsschade te herstellen. Welke begrip hoort hierbij?
a)
Opknappingsperiode
b)
Restauratie-tijd
c)
Opbouwìng
d)
Wederopbouw
68.
Wat is een verzorgingsstaat?
a)
Land waarvan de overheid zorgt dat iedere burger een inkomen heeft.
b)
Land waarvan de overheid zorgt dat iedere burger een verzekering heeft.
69.
Wat was géén gevolg van de loonexplosie in de jaren '60? 
a)
Jongeren werden steeds mobieler. Door brommers en fietsen konden jongeren elkaar makkelijker opzoeken. 
b)
Jongeren gingen langer naar school. Steeds meer jongeren gingen studeren. 
c)
Steeds meer jongeren gingen in dorpen wonen. De sociale controle begon steeds groter te worden op jongeren.  
d)
Jongeren kregen steeds meer te besteden. Vrijetijdsbesteding kreeg een grotere rol in het leven van jongeren. 
70.

In welk jaar kwam de EGKS tot stand?

a)

1962

b)

1957

c)

1951

d)

1953

71.

Na welke oorlog gingen Europese landen samenwerken?

a)

Eerste Wereldoorlog

b)

Tweede Wereldoorlog

c)

Koude Oorlog

d)

Krimoorlog

72.

De samenwerkingen van de EEG ging vooral om ...

a)

economie / handel

b)

onderwijs

c)

gezondsheidszorg

d)

veiligheid

73.

Vanuit welke stad wordt de EU bestuurd?

a)

Brussel

b)

Amsterdam

c)

Parijs

d)

Oslo

74.

Welke van de volgende dingen heeft de EU niet voor gezorgd?

a)

Open Grenzen

b)

Gratis bellen in Europa

c)

Euromunten

d)

6 weken zomervakantie

75.

De EU begon met een aantal landen. In het begin had de Europese Unie een andere naam. Welke was dit?

a)

EGKS ( Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal)

b)

EUKS ( Europese Unie voor Kolen en Staal)

76.
Wat is nationalisme? 
a)
Trots zijn op je eigen land 
b)
Erg denken vanuit het land en niet vanuit je hart 
c)
Het ontstaan van Europa
d)
Het ontstaan van Indonesië 
77.

Bij de Soevereiniteitsoverdracht van 27 december 1949

a)

Werden Nederland en Indonesië samen officieel een federale staat (VSI)

b)

Werd er voor het eerst een volksraad in Indonesië opgericht

c)

Was er officieel geen enkele relatie meer tussen Nederland en Indonesië

d)

Erkende Nederland de soevereiniteit van Indonesië

78.

Waarom konden de Amerikanen de Nederlanders na de tweede politionele actie onder druk zetten?

a)

Omdat de Amerikanen bijna heel Azië na de veroveringen op Japan bestuurde en ze makkelijk Indonesië zouden kunnen controleren

b)

Omdat de Nederlanders Marshall hulp kregen van de Amerikanen die deze hulp konden intrekken

c)

Omdat de Amerikanen alleen in de VN-veiligheidsraad zaten en daarom de Nederlanders militair onder druk konden zetten

d)

Omdat de Amerikanen anders de Marshall hulp zouden geven aan de Indonesiërs

79.

Wat bedoelen we met de politionele acties in Indonesië?

a)

Acties waarbij er politie orde ging herstellen in Indonesië

b)

Grote militaire operaties tegen het Indonesisch nationalisme

c)

Geheime missies om Soekarno te verslaan

d)

Grote militaire acties tegen de bezetting van Indonesië door Japan

80.

Welke immigranten komen naar Nederland in de jaren 1940-1950?

a)

Surinamers

b)

Gastarbeiders

c)

Indonesiërs en Molukkers

d)

Oost-Europeanen

81.

Welke immigranten komen naar Nederland in de jaren 1960?

a)

Surinamers

b)

Gastarbeiders

c)

Indonesiërs en Molukkers

d)

Oost-Europeanen

82.

Welk begrip past bij deze uitspraak: Ik vind dat de overlegeconomie moet plaatsmaken voor een economie met minder overleg.

a)

individualisering

b)

verzorgingsstaat

c)

poldermodel

d)

multiculturele samenleving

83.

Welk begrip past bij deze uitspraak: In mijn buurt wonen mensen uit zestig verschillende landen, reuze gezellig, maar toch wel een beetje te veel van het goede.

a)

individualisering

b)

verzorgingsstaat

c)

poldermodel

d)

multiculturele samenleving

84.

In de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties zitten landen die het vetorecht hebben. Welke landen hebben het vetorecht?

a)

alle landen van de Veiligheidsraad

b)

de landen die de Verenigde Naties hebben opgericht

c)

de vijf permanente leden van de Veiligheidsraad

d)

het grootste land van elk werelddeel

85.

Wat wilde de Tweede Femistische golf NIET?

a)

Kiesrecht

b)

Recht of abortus

c)

Gelijke scholing

d)

Recht op deeltijdwerk

86.

Wat is het poldermodel?

a)

besturen en besluiten door middel van overleg

b)

staat waarin de overheid zorgt voor de sociaal zwakken

c)

economie waarbij veel overleg is tussen werkgevers, werknemers en overheid

d)

politiek systeem waarbij de bevolking een gekozen volksvertegenwoordiging heeft

87.

Wie is deze man?

a)

Geert Wilders

b)

Willem Drees

c)

Pim Fortuyn

d)

Soukarno

88.

De Duitse schrijver Schiller vond het noemenswaardig, dat er in Nederland sprake was van grote mate van verdraagzaamheid in een land waar zo veel mensen van "verschillende sociale klassen, godsdiensten en levensstijlen en samenleefden". Dit fenomeen noemen we een...

a)

pluriforme samenleving

b)

multiculturele samenleving

c)

tolerante samenleving

d)

chaotische samenleving

89.

Waarom namen veel mensen in Nederland de levensstijl van de Amerikanen over in de jaren 50 en 60?

a)

De Nederlanders wilden kosten wat het kost niet met de Nazi's verward worden

b)

De Nederlanders waren bevrijd door de Amerikanen en wilden zich aan hen binden

c)

De Nederlanders vonden hun eigen levensstijl saai

90.

Wat is Amerikanisering?

a)

Het proces waarbij landen minder op Amerika gaan lijken

b)

Het proces waarbij landen de Amerikaanse manier van leven overnemen

c)

Het idee dat Amerika slecht is

d)

Het idee dat Amerika het beste land ter wereld is

91.

Welke van de onderstaande groepen was geen deel van de jongerenculturen?

a)

Provo's

b)

Hippies

c)

Nozems

d)

Amerikanen

92.

Wat is de tweede feministische golf?

a)

Een golf van vrouwen die voor de 2de keer een winkelcentrum bestormen

b)

Een golf waarin vrouwen strijden voor gelijke rechten

c)

Een speciale golf in het golfslagbad

93.

Door wie werd het Marshallplan ingevoerd?

a)

Nederland

b)

De Sovjet-Unie

c)

De Verenigde Staten

d)

Engeland

94.

Welke politieke stroming zet zich vaak af tegen de regerende partijen?

a)

Liberalisme

b)

Sociaaldemocratie

c)

Christendemocratie

d)

Populisme

95.

Een referendum is

a)

Een Volkstelling

b)

Een volksraadpleging (over een onderwerp)

c)

Een volksraadpleging (over meerdere onderwerpen)

d)

Samenwerking van oppositiepartijen

96.

Welke Nederlandse politieke leider wordt vaak een populist genoemd?

a)

A. Jacobs

b)

H. Colijn

c)

P. Fortuyn

d)

W. Drees

97.

Hieronder staan drie grondwetsartikelen uit drie periodes:

 1948: Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat uit Nederland, Indonesië, Suriname en de Nederlandse Antillen.

 1963: Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat uit Nederland, Suriname en de zes eilanden van de Nederlandse Antillen.

 2010: Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat uit Nederland en drie eilanden van de Nederlandse Antillen.

a)

afname van het aantal satellietstaten

b)

dekolonisatie

c)

ontzuiling

d)

toename van het aantal gastarbeiders

98.

Brief aan de ministerraad (1973)

Zeer Geachte Mevrouw, Zeer Geachte Heren, Wij willen dat u snel een nationale organisatie opricht om de verhouding tussen vrouwen en mannen te verbeteren. Wij verwachten van de ministerraad dat u ons gaat ondersteunen en samen met ons strijdt tegen de discriminatie van de vrouw.

a)

jongerencultuur

b)

kiesrecht

c)

toenemende consumptie

d)

Tweede Feministische Golf

99.

Welke volgorde is juist?

1 invoering van de vrijheid van onderwijs

2 invoering van het actief kiesrecht voor vrouwen

3 invoering van het Kinderwetje van Van Houten

4 invoering van het recht op werk

5 invoering van het stelsel van evenredige vertegenwoordiging

a)

1 - 3 - 5 - 2 - 4

b)

3 - 1 - 4 - 5 - 2

c)

3 - 5 - 2 - 4 - 1

100.

In de jaren '60 werkten Nederland en West-Duitsland met elkaar samen.

Noem de naam van het militaire bondgenootschap en van de economische organisatie. (2antwoorden)

a)

Navo - VN

b)

Navo - EU

c)

Navo - EGKS

d)

Navo - EEG