wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Voedingstechnologie

Total questions: 20

Worksheet time: 40mins

Name
Class
Date
1.

Als specialist is het belangrijk om kennis te hebben van voeding

a)

Ja

b)

Nee

2.

Bij voedingsleer spreken we van macro, midi en micro -nutriënten

a)

Ja

b)

Nee, macro en midi -nutriënten

c)

Nee, macro en micro -nutriënten

d)

Nee, midi en micro -nutriënten

3.

Welke van onderstaande nutriënten vallen onder de macronutriënten?

a)

Koolhydraten

b)

Water

c)

Vetten

d)

Vitamines

4.

Voorbeelden van koolhydraten zijn;

a)

Vezels

b)

Suikers

c)

Allebei: vezels én suikers

d)

Geen van beiden

5.

Wat doen enzymen?

a)

Niets

b)

Stoffen plitsen

c)

Allergische reactie opwekken

6.

Welke van de onderstaande nutriënten vallen onder de micronutriënten

a)

Eiwitten

b)

Water

c)

Mineralen

d)

Vitamines

7.

Wat is volgens het voedingscentrum de aanbevolen hoeveelheid groente per dag?

a)

100

b)

150

c)

200

d)

250

8.

Er zijn 15 allergenen

a)

Waar

b)

Niet waar

9.

Er wordt vastgesteld of je ondergewicht of overgewicht hebt door middel van BMI

a)

Waar

b)

Niet waar

10.

Goed kauwen is beter voor:

a)

De genotwaarde

b)

Verzadiging

11.

Als je op dieet bent, doe je dit altijd om af te vallen

a)

Waar

b)

Niet waar

12.

Additieven zitten per ongeluk in mijn voeding

a)

Waar

b)

Niet waar

13.

De oudst bekende conserveertechniek is:

a)

Drogen

b)

Zouten

c)

Vacumeren

d)

Koelen

14.

Welke vitamines zijn vet oplosbaar?

a)

A en D

b)

B en C

c)

A en C

d)

B en D

15.

Micro-organismen zijn altijd schadelijk

a)

Waar

b)

Niet waar

16.

Kunnen schimmels goed tegen een zure omgeving?

a)

Nee

b)

Ja

17.

Gisten groeien het best op:

a)

Organische stoffen

b)

Suikers

c)

Voedingsmiddelen

d)

Zetmeel

18.

Welke van onderstaande zijn 'toxine-vormende micro-organismen?'

a)

Clostridium botulinum

b)

Salmonella

c)

Aspergillus

d)

Staphylococcus

e)

Bacillus Aureus

19.

Een flexitariër eet nooit vlees of vis

a)

Ja, dat klopt

b)

Nee, een flexitariër eet soms vlees

c)

Nee, een flexitariër eet geen vlees, maar wel vis

d)

Nee, een flexitariër eet alleen geen varkensvlees

20.

Onverzadigde vetten zijn gezonder dan verzadigde vetten

a)

Waar

b)

Niet waar