NEW
Font size
S
M
L
XL
WorksheetsSpelling - Deel 2
Total questions: 10
Worksheet time: 5mins
Name
Class
Date
1.
Noteer het meervoud van het woord: repetitie.
a)
repetities
b)
repetitie's
2.
Noteer het meervoud van het woord: fotograaf.
a)
fotograven
b)
fotografen
3.
Noteer het meervoud van het woord: klamboe.
a)
klamboe's
b)
klamboes
4.
Noteer het meervoud van het woord: dommerik.
a)
dommerikken
b)
dommeriken
5.
Noteer het meervoud van het woord: cowboy.
a)
cowboy's
b)
cowboys
6.
Kies welk woord juist gespeld is.
a)
kapitein
b)
kapitijn
7.
Kies welk woord juist gespeld is.
a)
strijden
b)
streiden
8.
Kies welk woord juist gespeld is.
a)
allerlei
b)
allerlij
9.
Kies welk woord juist gespeld is.
a)
onmiddellijk
b)
onmiddelleik
c)
onmiddelijk
d)
onmiddeleik
10.
Kies welk woord juist gespeld is.
a)
marsepein
b)
marsepijn
Reset
