wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Thema voedsel blok 3 + 4

Total questions: 27

Worksheet time: 14mins

Name
Class
Date
1.

Welke rivier ligt in Egypte waardoor ze in de woestijn toch aan landbouw konden doen?

a)

Maas

b)

Nijl

c)

Rijn

2.

Hoe noem je het laagje vruchtbare grond dat achterblijft als de rivier in Egypte overstroomt is?

a)

Slib

b)

Slip

c)

Modder

3.

Kon je in heel Egypte aan landbouw doen?

a)

Ja, waarom niet?

b)

Ja, maar alleen in het regenseizoen

c)

Nee, alleen bij de rivier

4.

Wat betekent irrigatie?

a)

Water naar het land brengen

b)

Water opslaan

c)

Water wegbrengen

5.

Wat hadden de Egyptenaren bedacht om op meer plaatsen en langer aan landbouw te kunnen doen?

a)

Ze hadden dijken gemaakt

b)

Ze hadden kanalen gegraven naar hun stuk land

c)

Ze hadden een lange rij met mensen gemaakt om water door te geven

6.

Wie was de baas in de tijd van het oude Egypte?

a)

De farao

b)

De keizer

c)

De koning

7.

Waarom konden ze zich gaan specialiseren in het oude Egypte?

a)

Omdat ze dat zelf wilden

b)

Omdat de farao dat wilde

c)

Omdat er genoeg voedsel was

8.

Hoe moesten de boeren belasting betalen aan de farao?

a)

In graan

b)

In geld

c)

In werk

9.

Hoe betaalde de farao de mensen die voor hem werkten?

a)

In geld

b)

In graan

c)

In goudstukken

10.

Hoe heet het schrift van de oude Egyptenaren?

a)

Spijkerschrift

b)

Hiërogliefen

c)

Braille

11.

Hoe noemen we de tijd voor het schrift?

a)

Preschrift

b)

pregeschiedenis

c)

prehistorie

12.

Voor wie bouwden de oude Egyptenaren tempels?

a)

Voor de goden

b)

Voor de farao's

c)

Voor de keizers

13.

Waar werden farao's in begraven?

a)

In tempels

b)

In Pyramides

c)

In de woestijn

14.

Wat aten de Nederlanders vroeger vooral?

a)

Brood, aardappelen, eieren en kaas.

b)

Spaghetti, gehakt, tomatensaus

c)

Vlees, groenten en rijst

15.

Toen de mensen uit Nederlands-Indië naar Nederland kwamen namen zij eten mee, welk eten?

a)

Couscous

b)

Rijst

c)

Nasi en Bami

16.

Je wil mango's naar Nederland halen vanuit Thailand. Hoe kun je dat het beste doen?

a)

Met de boot

b)

Met de vrachtwagen

c)

Met het vliegtuig

17.

Wat kon je in Nederland vroeger kopen bij een kruidenier?

a)

Medicijnen

b)

Lang houdbare producten

c)

Groenten

18.

Hoe is een supermarkt ingedeeld?

a)

Dat maakt niet uit, mag iedereen zelf weten

b)

Eerst de gezonde dingen en daarna pas ongezond

c)

Eerst ongezond zodat mensen dit overslaan

19.

Zijn er tegenwoordig meer supermarkten of speciaalzaken

a)

supermarkten

b)

speciaalzaken

c)

allebei evenveel

20.

Wat is gemaksvoedsel?

a)

Goedkoop voedsel

b)

Voedsel waar je niet veel meer aan hoeft te doen

c)

Voedsel wat niet bewerkt is

21.

Vroeger was er altijd een duidelijke rolverdeling tussen mannen en vrouwen. Welke zin klopt?

a)

Mannen moeten boodschappen doen

b)

Vrouwen koken

c)

Vrouwen werken

22.

Is er tegenwoordig ook nog sprake van een duidelijke rolverdeling in Nederland tussen mannen en vrouwen?

a)

Ja, vrouwen maken nog steeds schoon en koken

b)

Nee, vrouwen werken tegenwoordig ook gewoon

c)

Ja, mannen verdienen het geld

23.

Waarom worden conserveermiddelen toegevoegd aan een product?

a)

Om het product lekkerder te maken

b)

Om het product langer houdbaar te maken

c)

Om het product een bepaalde kleur te geven

24.

Waar in het schap staan de producten waar een supermarkt het meest aan kan verdienen?

a)

Helemaal bovenaan

b)

In het midden

c)

Helemaal onderaan

25.

Wat betekent het beter leven keurmerk?

a)

Dat de boeren goed betaald krijgen voor de producten

b)

Dat de dieren een goed leven hebben gehad

c)

Dat het een gezond product is

26.

Wat is een voedselwet voor Moslims?

a)

Geen varkensvlees eten

b)

Geen rundvlees eten

c)

Geen vis eten

27.

Er worden steeds meer mensen veganistisch omdat dat beter is voor het milieu. Wat eet je niet als je veganistisch bent?

a)

Je eet geen vlees

b)

Je eet geen vis

c)

Je eet niks waar dierlijke producten inzitten