wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Taal Actief 8 Thema 7: zinsontleding

Total questions: 15

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.

Afgelopen maandag heb ik een heerlijk ontbijt gemaakt.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

2.

De buurvrouw gaf haar buurman een mooie bos rozen.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

3.

De minister president deelde de nieuwe maatregelen met het volk.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

4.

De kinderen zijn blij dat zij weer naar school mogen.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

5.

Wie had ooit gedacht dat de scholen zouden sluiten?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

6.

Elke zaterdag bakt mijn vader pannenkoeken.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

7.

De directeur vertelt aan de leerlingen dat ze hun handen vaak moeten wassen.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

8.

Ik heb mijn toetsen extra goed geleerd.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

9.

Kom je vandaag buiten spelen?

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

10.

De vluchtelingen varen in kleine bootjes over de zee.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

11.

Ik kreeg een supergrote lolly voor mijn verjaardag.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

12.

Mijn ouders lenen geen tuinstoelen meer aan de buren.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

13.

De meneer van het museum vertelde veel over de Bataviawerf.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

14.

Ik mailde mijn zusje de mooie foto van onze vakantie.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp

15.

De uitgever heeft het nieuwe boek van Jochem Meyer uitgegeven.

Welk zinsdeel is gekleurd?

a)

gezegde

b)

onderwerp

c)

lijdend voorwerp

d)

meewerkend voorwerp