Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

taalverzorging spelling H6 / klas 3 / NN6

Total questions: 12

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

Waar of niet waar?

'Omdat' is een voegwoord.

a)

waar

b)

niet waar

2.

Waar of niet waar?

Een samengestelde zin is een zin met één persoonsvorm.

a)

waar

b)

niet waar

3.

Waar of niet waar?

Tussen twee persoonsvormen moet je een komma plaatsen.

a)

waar

b)

niet waar

4.

Waar of niet waar?

Een citaat begin je met een kleine letter.

a)

waar

b)

niet waar

5.

Waar of niet waar?

Een citaat plaats je tussen aanhalingstekens.

a)

waar

b)

niet waar

6.

Hoeveel lidwoorden kennen we in het Nederlands?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

7.

Welke woorden schrijf je altijd met een hoofdletter? Je mag meerdere antwoorden kiezen.

a)

zondag

b)

juni

c)

haarlem

d)

noord-holland

e)

zuiden

8.

Tussen welke twee woorden moet de komma?

Ik had goed geleerd maar ik snapte er niks van.

(a)  

9.

Welk woord moet met een hoofdletter?

Mijn moeder zei: 'je moet in juni nog even goed je best doen.'

(a)  

10.

Wat is het voegwoord in de volgende zin?

Het vervallen gebouw wordt gerestaureerd, zodat het gebouw niet instort.

(a)  

11.

Wat voor fout staat er in de volgende zin?

De leerlingen uit klas 3 moeten eind juni nog school examens maken.

a)

werkwoordspelling

b)

hoofdletter vergeten

c)

woorden moeten aan elkaar in plaats van los

12.

Wat voor fout staat er in de volgende zin?

Deze jongen verhuisd volgende maand naar een andere provincie.

a)

werkwoordspelling

b)

hoofdletter vergeten

c)

woorden moeten aan elkaar in plaats van los