wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

3 VMBO BK - Tekstverbanden en Signaalwoorden

Total questions: 15

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.

Signaalwoorden die een reden of argument aangeven:

a)

maar, toch, hoewel, echter

b)

ook, en, verder, daarnaast

c)

want, omdat, immers, namelijk

d)

vergeleken met, net zoals

2.

Signaalwoorden die een opsomming aangeven:

a)

want, omdat, daarom, immers

b)

door, zodat, daardoor, doordat

c)

vergeleken met, net zo als

d)

en, ook, verder, daarnaast, bovendien

3.

Signaalwoorden die een tegenstelling aangeven:

a)

vroeger, later, toen, nu, eerst

b)

toch, hoewel, maar, echter

c)

en, ook, verder, ten eerste

d)

want, omdat, immers, daarom

4.

Signaalwoorden die een oorzaak-gevolg aangeven:

a)

want, omdat, immers, daarom

b)

maar, toch, hoewel, echter

c)

waarmee, om te, door middel van

d)

door, zodat, daardoor, doordat

5.

Signaalwoorden die een voorbeeld aangeven:

a)

zoals, bijvoorbeeld, ter illustratie

b)

maar, toch, hoewel, echter

c)

waarmee, om te, door middel van

d)

door, zodat, daardoor, doordat

6.

Signaalwoorden die een vergelijking aangeven:

a)

zoals, bijvoorbeeld, ter illustratie

b)

vergeleken met, net zo als

c)

waarmee, om te, door middel van

d)

door, zodat, daardoor, doordat

7.

Signaalwoorden die een conclusie aangeven:

a)

zoals, bijvoorbeeld, ter illustratie

b)

maar, hoewel, echter, integendeel

c)

dus, kortom, concluderend

d)

met als gevolg, zodat, daardoor, doordat

8.

Signaalwoorden die een tijdsvolgorde aangeven:

a)

zoals, bijvoorbeeld, ter illustratie

b)

maar, hoewel, echter, integendeel

c)

dus, kortom, concluderend

d)

eerst, daarna, vervolgens, later

9.

Signaalwoorden die een doel-middel aangeven:

a)

als ... dan, indien

b)

waarmee, om te, door middel van

c)

dus, kortom, concluderend

d)

eerst, daarna, vervolgens, later

10.

Signaalwoorden die een voorwaarde aangeven:

a)

als... dan, indien

b)

waarmee, om te, door middel van

c)

dus, kortom, concluderend

d)

eerst, daarna, vervolgens, later

11.

Ik vind veel geld verdienen erg belangrijk.

Hier is sprake van het tekstverband

a)

conclusie

b)

argument

c)

mening

d)

tijdsvolgorde

12.

Ik vind veel geld verdienen erg belangrijk, want dan weet ik zeker dat ik geen geld van mijn vrienden hoef te lenen.

Hier is sprake van het tekstverband

a)

conclusie

b)

argument

c)

mening

d)

tijdsvolgorde

13.

Een andere woord voor het tekstverband 'tijdsvolgorde' is:

a)

argument

b)

tegenstelling

c)

opsomming

d)

chronologisch

14.

Uit alles wat ik geschreven heb, blijkt dus dat ik veel geld verdienen belangrijk vindt, want dan kan ik goed voor mezelf zorgen.

De signaalwoorden in deze zin zijn:

a)

dus / want / ik vind

b)

dus / belangrijk / goed

c)

dus / goed / ik

d)

goed / ik / want

15.

Uit alles wat ik geschreven heb, blijkt dus dat ik veel geld verdienen belangrijk vindt.

De tekstverbanden in deze zin zijn:

a)

mening / argument

b)

mening / conclusie

c)

conclusie / voorbeeld

d)

iets anders