wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Planten

Total questions: 40

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.

De buitenkant van een plantencel heet

a)

vacuole

b)

celwand

c)

celkern

d)

celmembraan

2.

een dierencel heeft geen vacuole

a)

waar

b)

niet waar

3.

Dit onderdeel van een plantencel is "het vlies om het cytoplasma". Wat is de naam van dit onderdeel?

a)

celwand

b)

celmembraan

c)

celvlies

d)

celhuid

4.

In dit onderdeel van een plantencel zit een stroperige vloeistof, hierin zitten de bladgroenkorrels en de celkern:

a)

cytoplasma

b)

celvocht

c)

vacuole

d)

celspanning

5.

Het blaasje middenin de plantencel heet

(a)  

6.

De groene bolletjes in de plantencel heten

(a)  

7.

De bastvaten van een plant zitten...

a)

...aan de buitenkant van de stengel

b)

...aan de binnenkant van de stengel

8.

Je ziet hier de doorsnede van een bloem. Wat is de naam van nummer 1?

a)

stamper

b)

meeldraad

c)

bloembodem

d)

helmknop

9.

Je ziet hier de doorsnede van een bloem. Wat is de naam van nummer 8?

a)

meeldraad

b)

kelkblad

c)

kroonblad

d)

helmdraad

10.

Je ziet hier de doorsnede van een bloem. Wat is de naam van nummer 4?

a)

meeldraad

b)

stamper

c)

stijl

d)

helmdraad

11.

Je ziet hier de doorsnede van een bloem. Wat is de naam van nummer 5?

a)

kroonblad

b)

kelkblad

c)

helmknop

d)

meeldraad

12.

Je ziet hier de doorsnede van een

a)

bol

b)

knol

13.

Je ziet hier een bol. De naam van onderdeel 2 is...

a)

rok

b)

ui

c)

neus

d)

blad

14.

Een goed voorbeeld van een bol is een

a)

aardappel

b)

ui

15.

Een goed voorbeeld van een knol is een...

a)

aardappel

b)

ui

16.

Een plant die een andere plant gebruikt om te leven heet een

a)

gastheerplant

b)

parasiet

c)

profiteur

d)

vacuole

17.

Je ziet hier de formule van de fotosynthese. Welk woord hoort er op de stippellijn te staan?

koolstofdioxide + (a)   + zonlicht --> zuurstof + glucose

18.

Je ziet hier de formule van de fotosynthese. Welk woord hoort er op de stippellijn te staan?

koolstofdioxide + water + zonlicht --> (a)   + glucose

19.

Deze stoffen nemen planten met hun wortels op:

a)

water

b)

mineralen

c)

zuurstof

d)

koolstofdioxide

e)

glucose

20.

Waarvoor gebruikt een plant de glucose die er gemaakt wordt?

a)

als reservevoedsel

b)

als vulling voor de huidmondjes

c)

als voeding voor dier en mens

d)

voor het maken van nieuwe wortels

21.

Als je een boom omzaagt zie je jaarringen. Wat is waar?

a)

het aantal jaarringen is het aantal jaren van de boom

b)

in het voorjaar zijn de houtcellen kleiner dan in het najaar

c)

een jaarring geeft de lengtegroei van de boom aan

22.

De functies van zaadlobben zijn:

a)

reservevoedsel

b)

de eerste bladeren om zonlicht op te vangen

c)

diktegroei bevorderen

d)

vruchten maken voor de plant

23.

De vaatbundels die voedingsstoffen door de stengel naar boven vervoeren heten de

a)

houtvaten

b)

bastvaten

24.

De vaatbundels die stoffen naar beneden vervoeren door de stengel heten de

a)

houtvaten

b)

bastvaten

25.

Als het droog is, zijn de huidmondjes

a)

open

b)

dicht

c)

open of dicht

d)

geen van beide

26.

Wat doet een plant met de wortelharen?

a)

de grond vasthouden

b)

water opnemen

c)

zorgen voor stevigheid

d)

bladmoes aanmaken

27.

Huidmondjes zitten vooral

a)

aan de bovenkant van het blad

b)

aan de onderkant van het blad

c)

aan beide kanten evenveel

d)

in de vaatbundels van het blad

28.

Je ziet hier een boon, wat is de naam van onderdeel 3?

a)

kiem

b)

poortje

c)

navel

d)

zaadhuid

29.

Je ziet hier een boon afgebeeld. Wat is de naam van nummer 4?

a)

naveltje

b)

poortje

c)

zaadlobje

d)

kiempje

30.

Goede voorbeelden van mineralen die een plant uit de grond haalt zijn:

a)

stikstof

b)

ijzer

c)

fosfor

d)

kalk

e)

zetmeel

31.

Je ziet hier een doorgesneden stengel van een plant. Welke letter geeft de bastvaten aan?

a)

A

b)

B

c)

C

32.

Je ziet hier een doorgesneden stengel van een plant. Welke letter geeft de houtvaten aan?

a)

A

b)

B

c)

C

33.

Welk gas produceert een plant?

a)

koolstofdioxide

b)

zuurstof

c)

koolstofmonoxide

d)

stikstof

34.

In de formule van de fotosynthese staat dat een plant glucose maakt. Wat is glucose?

a)

een soort plantensap

b)

een gas wat planten uitademen

c)

een soort suiker

d)

een gas wat planten inademen

35.

voorbeelden van mineralen die in de bodem zitten zijn

a)

koolstofdioxide en water

b)

kalk en zuurstof

c)

water en stikstof

d)

ijzer en kalk

36.

Hoeveel zaadlobben heeft een boon?

(a)  

37.

Welke onderdelen van een plant zitten er al in een boon?

a)

bladeren, reservevoedsel, wortel

b)

reservevoedsel, bloem en vrucht

c)

wortel, bloem en vrucht

d)

stengel, bloem en bladeren

38.

Als het droog is, dan zijn de huidmondjes in het blad

a)

open

b)

dicht

39.

Een houtachtige plant is zo stevig omdat

a)

de cellen vol zitten met water, net als een ballon

b)

de celwanden verhout zijn

c)

de vaatbundels heel dik zijn geworden

d)

de bladgroenkorrels hout zijn geworden

40.

Het zachte gedeelte van een blad heet

a)

rabarbermoes

b)

mispoes

c)

bladmoes

d)

appelmoes