wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Huizenproject Opdracht 1

Total questions: 22

Worksheet time: 6hrs 30mins

Name
Class
Date
1.

Hoe heet dit figuur?

a)

Balk

b)

Bol

c)

Cilinder

d)

Kubus

e)

Piramide

2.

Hoe heet dit figuur?

a)

Balk

b)

Bol

c)

Cilinder

d)

Kegel

e)

Piramide

3.

Hoe heet dit figuur?

a)

Prisma

b)

Bol

c)

Cilinder

d)

Kegel

e)

Piramide

4.

Hoe heet dit figuur?

a)

Prisma

b)

Bol

c)

Cilinder

d)

Kegel

e)

Piramide

5.

Hoe heet dit figuur?

a)

Prisma

b)

Bol

c)

Cilinder

d)

Kegel

e)

Piramide

6.

Hoe heet dit figuur?

a)

Prisma

b)

Bol

c)

Cilinder

d)

Kegel

e)

Piramide

7.

Hoe heet dit figuur?

a)

Prisma

b)

Bol

c)

Cilinder

d)

Kegel

e)

Piramide

8.

Hoe heet dit figuur?

a)

Prisma

b)

Bol

c)

Cilinder

d)

Kegel

e)

Piramide

9.

Hoe heet dit figuur?

a)

Prisma

b)

Bol

c)

Cilinder

d)

Kegel

e)

Piramide

10.

Van welk figuur is dit de uitslag?

a)

Prisma

b)

Bol

c)

Kubus

d)

Balk

e)

Piramide

11.

Van welk figuur is dit de uitslag?

a)

Cilinder

b)

Bol

c)

Kubus

d)

Balk

e)

Kegel

12.

Van welk figuur is dit de uitslag?

a)

Cilinder

b)

Bol

c)

Kubus

d)

Balk

e)

Kegel

13.

Van welk figuur is dit de uitslag?

a)

Cilinder

b)

Piramide

c)

Kubus

d)

Balk

e)

Prisma

14.

Van welk figuur is dit de uitslag?

a)

Cilinder

b)

Piramide

c)

Kubus

d)

Balk

e)

Prisma

15.

De eigenschappen van een kubus zijn:

a)

Heeft alleen rechthoeken als zijvlak. Grondvlak en bovenvlak kunnen verschillende vormen hebben.

b)

Alle zijvlakken zijn vierkanten

c)

Heeft één gebogen zijvlak en één zijvlak is een cirkel (=grondvlak)

d)

Alle zijvlakken zijn rechthoeken (twee zijvlakken mogen ook vierkanten zijn)

e)

Heeft driehoeken als opstaande zijvlakken, die in de top bij elkaar komen. Grondvlak is een veelvlak, bijvoorbeeld een driehoek of vierkant

16.

De eigenschappen van een balk zijn:

a)

Heeft alleen rechthoeken als zijvlak. Grondvlak en bovenvlak kunnen verschillende vormen hebben.

b)

Heeft één gebogen zijvlak en twee zijvlakken die een cirkel zijn (= grondvlak en bovenvlak)

c)

Heeft één gebogen zijvlak en één zijvlak is een cirkel (=grondvlak)

d)

Alle zijvlakken zijn rechthoeken (twee zijvlakken mogen ook vierkanten zijn)

e)

Heeft driehoeken als opstaande zijvlakken, die in de top bij elkaar komen. Grondvlak is een veelvlak, bijvoorbeeld een driehoek of vierkant

17.

De eigenschappen van een cilinder zijn:

a)

Heeft alleen rechthoeken als zijvlak. Grondvlak en bovenvlak kunnen verschillende vormen hebben

b)

Heeft één gebogen zijvlak en twee zijvlakken die een cirkel zijn (= grondvlak en bovenvlak)

c)

Heeft één gebogen zijvlak en één zijvlak is een cirkel (=grondvlak)

d)

Heeft alleen één gebogen zijvlak

e)

Heeft driehoeken als opstaande zijvlakken, die in de top bij elkaar komen. Grondvlak is een veelvlak, bijvoorbeeld een driehoek of vierkant

18.

De eigenschappen van een kegel zijn:

a)

Heeft alleen rechthoeken als zijvlak. Grondvlak en bovenvlak kunnen verschillende vormen hebben

b)

Heeft één gebogen zijvlak en twee zijvlakken die een cirkel zijn (= grondvlak en bovenvlak)

c)

Heeft één gebogen zijvlak en één zijvlak is een cirkel (=grondvlak)

d)

Heeft alleen één gebogen zijvlak

e)

Heeft driehoeken als opstaande zijvlakken, die in de top bij elkaar komen. Grondvlak is een veelvlak, bijvoorbeeld een driehoek of vierkant

19.

De eigenschappen van een bol zijn:

a)

Heeft alleen rechthoeken als zijvlak. Grondvlak en bovenvlak kunnen verschillende vormen hebben

b)

Heeft één gebogen zijvlak en twee zijvlakken die een cirkel zijn (= grondvlak en bovenvlak)

c)

Heeft één gebogen zijvlak en één zijvlak is een cirkel (=grondvlak)

d)

Heeft alleen één gebogen zijvlak

e)

Heeft driehoeken als opstaande zijvlakken, die in de top bij elkaar komen. Grondvlak is een veelvlak, bijvoorbeeld een driehoek of vierkant

20.

De eigenschappen van een piramide zijn:

a)

Heeft alleen rechthoeken als zijvlak. Grondvlak en bovenvlak kunnen verschillende vormen hebben

b)

Heeft één gebogen zijvlak en twee zijvlakken die een cirkel zijn (= grondvlak en bovenvlak)

c)

Heeft één gebogen zijvlak en één zijvlak is een cirkel (=grondvlak)

d)

Heeft alleen één gebogen zijvlak

e)

Heeft driehoeken als opstaande zijvlakken, die in de top bij elkaar komen. Grondvlak is een veelvlak, bijvoorbeeld een driehoek of vierkant

21.

De eigenschappen van een prisma zijn:

a)

Heeft alleen rechthoeken als zijvlak. Grondvlak en bovenvlak kunnen verschillende vormen hebben

b)

Heeft één gebogen zijvlak en twee zijvlakken die een cirkel zijn (= grondvlak en bovenvlak)

c)

Heeft één gebogen zijvlak en één zijvlak is een cirkel (=grondvlak)

d)

Heeft alleen één gebogen zijvlak

e)

Heeft driehoeken als opstaande zijvlakken, die in de top bij elkaar komen. Grondvlak is een veelvlak, bijvoorbeeld een driehoek of vierkant

22.

Kijk nu voor de zekerheid je antwoorden na met het nakijkblad op magister. Staat het nu goed in je werkboek?

a)

ja

b)

nee