wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Thema 1 BS 4 - 5 - 6 KGT 2 Ademhaling

Total questions: 27

Worksheet time: 13mins

Name
Class
Date
1.
Deze afbeelding is een schematische tekening van
a)
een longlaasje
b)
een luchttakje
c)
een bronchie
d)
de luchtpijp
2.
Nummer 2 is
a)
de luchtpijp
b)
een bronchie
c)
een longblaasje
d)
de huig
3.
Nummer 5 is
a)
de luchtpijp
b)
een bronchie
c)
een longblaasje
d)
de huig
4.
Nummer 6 is
a)
de luchtpijp
b)
een bronchie
c)
het strotklepje
d)
de huig
5.
Nummer 7 is
a)
de luchtpijp
b)
een bronchie
c)
een longblaasje
d)
de huig
6.
Het gas dat bedoelt wordt met pijl A heet
a)
zuurstof
b)
koolstofdioxide
c)
stikstof
d)
edelgassen
7.
Welke doorsnede hoort bij een astma-aanval
a)
de linker
b)
de rechter
c)
allebei
d)
geen van twee
8.
Wat is juist?
a)
De huig sluit de luchtpijp af
b)
Het strotklepje sluit de luchtpijp af
c)
De huig sluit de neusholte en de luchtpijp af
d)
Het strotklepje sluit de neusholte en luchtpijp af
9.
Wat is waar?
a)
In uitgeademde lucht zit meer zuurstof dan ingeademde lucht
b)
in ingeademde lucht zit meer koolstofdioxide dan uitgeademde lucht
c)
In ingeademde lucht zit meer zuurstof dan uitgeademde lucht
d)
In ingeademde lucht zit evenveel zuurstof als uitgeademde lucht
10.
De longen en de luchtwegen zijn samen ....
a)
de ademhaling
b)
de bovenste luchtwegen
c)
de onderste luchtwegen
d)
het ademhalingsstelsel
11.
Wat is niet waar?
a)
Als ik ga bewegen gaat het hart sneller kloppen
b)
Als ik ga bewegen gaat mijn ademhaling sneller
c)
Als ik ga bewegen heb ik meer koolstofdioxide nodig
d)
Als ik ga bewegen heb ik meer zuurstof nodig
12.
Hoe heet een groep organen die samenwerken?
a)
Verteringstelsel
b)
Organenstelsel
c)
Organen met zelfde bouw
13.
Welk gas heb ik nodig bij verbranding?
a)
koolstodioxide
b)
zuurtsof
c)
stikstof
d)
geen van de 3 genoemde
14.
Welke 2 stoffen komen altijd vrij bij de verbranding van een kaars?
a)
zuurstof en water 
b)
kaarsvet en koolstofdioxide
c)
water en koolstofdioxide
d)
water en zuurstof 
water en kaarsvet
15.
Welke weg ,legt de ingeademde lucht af in het ademhalingsstelsel?Wat is het juiste antwoord?
a)
Neusholte-strottenhoofd-keelholte-luchtpijp-bronchie
b)
neusholte-bronchie-strottenhoofd-keelholte-luchtpijp
c)
neusholte-keelholte-strottenhoofd-luchtpijp-bronchie
d)
keelholte-neusholte-strottenhoofd-luchtpijp-bronchie
16.
Wat is juist?
a)
De huig sluit de luchtpijp af
b)
Het strotklepje sluit de luchtpijp af
c)
De huig sluit de neusholte en de luchtpijp af
d)
Het strotklepje sluit de neusholte en luchtpijp af
17.
Het is beter om door je neus in te ademen omdat.....
a)
De lucht hierdoor gezuiverd wordt van stof en bacteriën en warm en droger wordt
b)
De lucht hierdoor gezuiverd wordt van stof en bacteriën, kouder en vochtiger wordt
c)
De lucht hierdoor warmer ,vochtiger en geroken wordt
d)
De lucht hierdoor gezuiverd,droger en kouder wordt
18.

Gaswisseling kan snel plaats vinden in de longblaasjes omdat?

a)

ze een heel groot oppervlakte samen hebben

b)

ze een dikke wand hebben

c)

ze makkelijk glucose kunnen uitwisselen

d)

ze makkelijk water kunnen uitwisselen

19.

Wat is de stand van de huig en strottenklep bij inademen?

a)

open, open

b)

dicht,open

c)

open, dicht

d)

beide dicht beide dicht

20.

Welk nummer stelt de huig voor?

a)

1

b)

10

c)

2

d)

8

21.

Wat is de formule van verbranding?

a)

Glucose + zuurstof --> water + koolstofdioxide + energie

b)

Water + koolstofdioxide + energie --> glucose + zuurstof

22.

Wat is de naam van onderdeel 3?

a)

Neusholte

b)

Mondholte

c)

Keelholte

d)

Strottenhoofd

e)

Luchtpijp

23.

Wat is de naam van onderdeel 6?

a)

Keelholte

b)

Luchtpijp

c)

Long

d)

Bronchie

e)

Longblaasje

24.

Bloed dat bij het longblaasje wegstroomt is ... en ...

a)

Zuurstof rijk

b)

Zuurstof arm

c)

Koolstofdioxide rijk

d)

Koolstofdioxide arm

25.

Bloed dat naar het longblaasje toestroomt is .... en ....

a)

Zuurstof rijk

b)

Zuurstof arm

c)

Koolstofdioxide rijk

d)

Koolstofdioxide arm

26.

Wat is de naam van onderdeel 3?

a)

Wervelkolom

b)

Rib

c)

Long

d)

Hart

e)

Borstbeen

27.

Wat is de naam van onderdeel 5?

a)

Wervelkolom

b)

Rib

c)

Long

d)

Hart

e)

Borstbeen