Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Thema 3 - 4T en 4BIO

Total questions: 13

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

Duid drie organismen aan die behoren tot de eukaryoten.

a)

archaea

b)

planten

c)

bacteriën

d)

dieren

e)

schimmels

2.

Duid het juiste antwoord aan.

Welk celonderdeel komt voor bij de Archaea?

a)

bladgroenkorrels

b)

celkern

c)

celwand

3.

Duid het juiste antwoord aan.

Welke van de volgende celonderdelen ontbreekt bij de darmbacterie?

a)

celmembraan

b)

cytoplasma

c)

celkern

d)

celwand

4.

Hebben een wortelcel en een schimmelcel een celwand?

a)

Ja, ze hebben allebei een celwand.

b)

Alleen de schimmelcellen hebben een celwand.

c)

Alleen de wortelcellen hebben een celwand.

d)

Nee, geen van beiden.

5.

Duid het juiste antwoord aan.

Welke bewering over de fotosynthese is juist?

a)

Bij fotosynthese worden energierijke, anorganische stoffen omgezet in een energiearme, organische stof.

b)

Bij fotosynthese worden energiearme, anorganische stoffen omgezet in een energierijke, organische stof.

c)

Bij fotosynthese worden energierijke, organische stoffen omgezet in een energiearme, anorganische stof.

d)

Bij fotosynthese worden energiearme, organische stoffen omgezet in een energierijke, anorganische stof.

6.

Duid het juiste antwoord aan.

Wat zijn de indelingscriteria van bacteriën, archaea, schimmels, planten en dieren?

a)

het bezit van een celwand en een celkern, de celgrootte, de voedingswijze

b)

het aantal cellen, de celgrootte, het bezit van chloroplasten, een vacuole en een celwand

c)

het aantal cellen, de celgrootte, het bezit van organellen en een celwand, de voedingswijze

d)

het bezit van een celwand en organellen, de celgrootte, het aantal cellen, de aanwezigheid van een skelet

7.

Duid het juiste antwoord aan.

Welk celonderdeel komt voor in dierlijke cellen?

a)

bladgroenkorrels

b)

celwand

c)

celkern

8.

Duid het juiste antwoord aan.

Wie heeft gelijk?

Katrien:

Er is sprake van twee nieuwe soorten als twee groepen organismen niet meer in staat zijn zich onderling voort te planten.


Marion:

Bij het ontstaan van een nieuwe soort moet er steeds een groep organismen geïsoleerd raken van een andere groep soortgenoten.

a)

Alleen Marion heeft gelijk.

b)

Alleen Katrien heeft gelijk.

c)

Beiden hebben gelijk.

d)

Beiden hebben ongelijk.

9.

Welk cel is dit?

a)

bacteriële cel

b)

schimmelcel

c)

dierlijke cel

d)

plantaardige cel

10.

Welke cel is dit?

a)

bacteriële cel

b)

schimmelcel

c)

dierlijke cel

d)

plantaardige cel

11.

Welke cellen zijn dit?

a)

bacteriële cel

b)

schimmelcel

c)

dierlijke cel

d)

plantaardige cel

12.

Welke cellen zijn dit?

a)

bacteriële cel

b)

schimmelcel

c)

dierlijke cel

d)

plantaardige cel

13.

Welke unieke stof is enkel terug te vinden in het rijk van de schimmels, meer bepaald in hun celwand?

(a)