wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Smeersystemen (week 9)

Total questions: 20

Worksheet time: 14mins

Name
Class
Date
1.

Wat zijn de taken van olie?

a)

Smeren

b)

Koelen

c)

Afdichten

d)

Reinigen

e)

Geluid dempen

2.

Hoe noemen we de soort smering waarbij de materialen elkaar nog net kunnen raken?

a)

Droge smering

b)

Grenssmering

c)

Volledige smering

d)

Oliefilm

3.

Welk plaatje geeft de mengsmering aan?

a)
b)
c)
d)
4.

Welke motor is hier afgebeeld met een dry-sump systeem?

a)
b)
5.

Wanneer het oliefilter verstopt zit, slaat de olie het filter over via ...

a)

het overdrukventiel

b)

het kortsluitventiel

c)

de terugslagklep

d)

de grondplaat

6.

Welke olie is het dikste?

a)

SAE 5

b)

SAE 10

c)

SAE 20

d)

SAE 30

7.

Olie die gemaakt wordt in een laboratorium noemen we ...

a)

Compound

b)

Mineraal

c)

Plantaardig

d)

Synthetisch

8.

Welke olie heeft een viscositeit van 30 wanneer deze warm is?

a)

SAE 30W

b)

SAE 10

c)

SAE 5W30

d)

SAE 10W40

9.

Welke pomp is dit?

a)

Schottenpomp

b)

Tandwielpomp

c)

Rotorpomp

d)

Sikkelpomp

e)

Halvemaanpomp

10.

Wat is het voordeel van een warmtewisselaar?

a)

Warmt de olie sneller op.

b)

Duurt langer voor de olie op temperatuur is.

c)

Deze is een stuk duurder dan een oliekoeler.

d)

Je kunt 'm overal plaatsen waar je maar wilt.

11.

Een overdrukventiel bewaakt de ...

a)

hoeveelheid rondgepompte olie.

b)

oliedruk in het carter.

c)

hoeveelheid olie in de motor.

d)

oliedruk in de motor.

12.

Hoe heet het systeem dat de lekgassen (blow-by-gassen) uit het carter haalt?

(a)  

13.

Wat moet je mengen om white sludge (witte slijk) te krijgen?

a)

Water

b)

Olie

c)

Remvloeistof

d)

Zeep

14.

Na het vervangen van de olie zet je het peil ...

a)

op het minimum.

b)

op het maximum.

c)

tussen het minimum en maximum.

15.

Tussen de twee merktekens op de peilstok zit ongeveer ...

a)

1 liter.

b)

0,5 liter.

c)

1,5 liter.

d)

0,1 liter.

16.

Hoe noemen we deze olieniveauschakelaar/-sensor?

a)

Reed-schakelaar.

b)

Elektrische geleider.

c)

Potentiometer.

d)

Capacitieve sensor.

17.

Welke gegevens verzameld een oliekwaliteitssensor?

a)

oliepeil

b)

olietemperatuur

c)

viscositeit

d)

kleur

18.

Het lampje van deze oliedruksensor gaat branden wanneer ... (2 antwoorden zijn goed)

a)

de auto op contact gezet wordt.

b)

de oliedruk te laag is.

c)

de oliedruk te hoog is.

d)

er te veel olie in de motor zit.

19.

De olieafscheiders van het carterventilatiesysteem werken niet goed. Hierdoor komt er olie in de motor en wordt daar verbrandt. Dit is een vorm van ...

a)

olielekkage.

b)

olieverbruik.

20.

Wat kan de oorzaak zijn van een te hoge oliedruk?

a)

Oliepomp defect

b)

Te weinig olie in de motor

c)

Oliefilter is vervuild

d)

Overdrukventiel defect