WorksheetsWerkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?
Total questions: 15
Worksheet time: 8mins
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
De sport raften kan zeer spectaculair zijn.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
Je aan de coronamaatregelen houden is belangrijk gebleken.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
Tijdens de wedstrijd wordt iedereen uitvoerig beoordeeld.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
We kunnen dit jaar met ons hockeyteam kampioen worden.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
Gisteren ben ik na de training snel naar huis gefietst.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
Meestal is er wel een klusje in huis te doen.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
Het weer lijkt gunstig voor een zeiltochtje.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
Sommige wiskundesommen blijven lastig.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
Gisteren bleek zijn fiets onbruikbaar.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
De zon schijnt fel mijn slaapkamer in.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
Het schijnt een mooie dag te worden.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
We blijven voorlopig nog op afstand van elkaar.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
In mijn pauze heb ik een kopje thee gedronken.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
Mijn nieuwe tandarts lijkt een aardige man.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
Is er in de zin sprake van een werkwoordelijk of naamwoordelijk gezegde?:
Ik word elke dag door een onbekend nummer gebeld.
werkwoordelijke gezegde
naamwoordelijk gezegde
