wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Arm en Rijk Havo 4. Hoofdstuk 3 en 4

Total questions: 23

Worksheet time: 15mins

Name
Class
Date
1.

Er zijn verschillende soorten koloniën. Australië en de Verenigde Staten zijn voorbeelden van:

(a)  

2.

Er zijn verschillende soorten koloniën. India en Indonesië zijn voorbeelden van:

(a)  

3.

In de grote steden van Brazilië ligt het inkomen hoger dan in de rest van het land. Dit is een voorbeeld van:

a)

Verstedelijking

b)

Verstedelijkingsgraad

c)

Regionale ongelijkheid

d)

Nationale ongelijkheid

4.

De HDI kent verschillende kenmerken. Kies de juiste kenmerken (er kunnen meerdere antwoorden goed zijn) :

a)

Analfabetisme

b)

Sociale ongelijkheid

c)

Regionale ongelijkheid

d)

BNP per inwoner

e)

Levensverwachting

5.

Type de juiste dimensie. De HDI bestaat uit verschillende kenmerken die we kunnen koppelen aan dimensies.

Het BNP per inwoner is een voorbeeld van een (a)   dimensie.

6.

Type de juiste dimensie. Het HDI bestaat uit verschillende kenmerken die we kunnen koppelen aan dimensies. De levensverwachting is een voorbeeld van een (a)   dimensie.

7.

Type de juiste dimensie. Het HDI bestaat uit verschillende kenmerken die we kunnen koppelen aan dimensies. Het analfabetisme is een voorbeeld van een (a)   dimensie

8.

De samenstelling van de beroepsbevolking is een indicator voor ontwikkeling. In deze sector zijn veel mensen werkzaam wanneer het land arm is:

a)

Landbouw

b)

Industrie

c)

Diensten

9.

De samenstelling van de beroepsbevolking is een indicator voor ontwikkeling. In deze sector zijn veel mensen werkzaam wanneer het land rijk is:

a)

Landbouw

b)

Industrie

c)

Diensten

10.

Welke benamingen hebben we voor de landen in het wereldsysteem? Kies de juiste vakjes:

a)

Periferie

b)

Ruilvoet

c)

Semiperiferie

d)

Centrum

e)

Koopkracht

11.

Kies het juiste antwoord. In ontwikkelingslanden heb je vaak:

a)

Hoog geboorte-en sterftecijfer

b)

Hoog geboorte, maar lager sterftecijfer

c)

Laag geboorte, maar hoger sterftecijfer

d)

Laag geboorte-en sterftecijfer

12.

In het boek schrijf men dat het bevolkingsdiagram van Nederland een granaat is. Dit is niet zo. Dit is eigenlijk een: (vul de juiste vorm in)

(a)  

13.

De overgang van een hoog geboorte-en sterftecijfer naar een laag geboorte-en sterftecijfer noemen we de:

(a)  

14.

Nederland zit in fase .... van het demografisch transitiemodel:

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

e)

5

15.

De verhouding tussen het economisch productieve en het economisch niet-productieve deel van de bevolking noemen we ook wel de:

(a)  

16.

Globalisering is mogelijk dankzij ontwikkelingen in (er kunnen meerdere antwoorden goed zijn):

a)

Transport

b)

Techniek

c)

Communicatie

17.

Het in elkaar persen van tijdsduur en afstand noemen we ook wel:

(a)  

18.

De wereldhandel verplaatst zich steeds meer van de Atlantische Oceaan naar de Stille Oceaan, dit proces noemen we:

(a)  

19.

De onderdelen van een spijkerbroek worden in verschillende landen gemaakt. Dit proces van het opknippen van de productieketen noemen we:

a)

Global Shift

b)

Internationale arbeidsverdeling

c)

Nieuwe internationale arbeidsverdeling

d)

Vrijhandel

20.

Cultuurgebieden hebben een aantal gemeenschappelijke kenmerken. Voorbeelden daarvan zijn (er kunnen meerdere antwoorden goed zijn) :

a)

Taal

b)

Godsdienst

c)

Landschap

d)

Muziek

e)

Beroepssectoren

21.

Het verspreiden van verschillende cultuurelementen noem je:

(a)  

22.

In sommige landen hebben ze verschillende (streek) talen. Om toch goed met elkaar te communiceren hebben ze één taal die de hoofdtaal is bij bijvoorbeeld overheidsinstanties en scholen. Zo'n taal noemen we een:

(a)  

23.

Een stad die op economisch, cultureel en politiek gebied veel invloed heeft in de wereld noemen we een:

(a)