wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Rocksolid Corona Bijbelquiz

Total questions: 60

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Het verhaal over de schepping lezen we in het bijbelboek .......

a)

Numeri

b)

Genesis

c)

Leviticus

d)

Exodus

2.

Op de 1e dag schiep God .....

a)

De Mens

b)

Het Licht

c)

De Planten

3.

Op de 2e dag kwam er scheiding tussen .......

a)

Zee en Lucht

b)

Zee en Land

c)

Licht en Duisternis

4.

God rustte op de .......

a)

5e dag

b)

6e dag

c)

7e dag

5.

De eerste mensen op aarde heten .......

a)

Abram en Saraï

b)

Jozef en Maria

c)

Adam en Eva

6.

Metuselach werd ......

a)

69 jaar oud

b)

96 jaar oud

c)

969 jaar oud

7.

Het regent ontzettend. Hoe lang ?

a)

7 dagen

b)

40 dagen

c)

6 weken

8.

God sluit met Noach een verbond met als teken .........

a)

Een standbeeld

b)

Een gedenknaald

c)

Een regenboog

9.

Vroeger spraken alle mensen ......

a)

Engels

b)

Hebreeuws

c)

Dezelfde taal

10.

Het woord Babel (in het Hebreeuws) betekent: ........

a)

Grote stad

b)

Grote toren

c)

Spraakverwarring

11.

Waar is Abram geboren ?

a)

Kanaän

b)

Egypte

c)

Ur der Chaldeeën

12.

Hoe heette de vader van Abram ?

a)

Noach

b)

Lot

c)

Terach

13.

Hoe heette de vrouw van Abram ?

a)

Rebekka

b)

Rachel

c)

Saraï

14.

Saraï blijft onvruchtbaar. Wie wordt Abrams 2e vrouw ?

a)

Hagar

b)

Rachel

c)

Zilpa

15.

Abram en Hagar krijgen een zoon. Ze noemen hem .........

a)

Lot

b)

Isaak

c)

Ismaël

16.

Abraham en Sara krijgen eindelijk een zoon. Abraham is dan ......

a)

80 jaar

b)

90 jaar

c)

100 jaar

17.

Hoeveel kinderen kreeg Sara?

(a)  

18.

Waar moet Abraham Isaak offeren ?

a)

Op de berg Sinaï

b)

Op de berg Karmel

c)

Op de berg Moria

19.

Hoeveel kamelen had Eliëzer bij zich?

(a)  

20.

Door het nageslacht van Abraham zullen alle volken ............

a)

in Europa gezegend worden

b)

op aarde gezegend worden

c)

in Afrika gezegend worden

21.

Jakob vlucht naar Haran. Daar woont ............

a)

Noach

b)

Laban

c)

Abimelek

22.

Jakob keert terug naar Kanaän. Hij krijgt een andere naam. Welke ?

a)

Efraïm

b)

Gideon

c)

Israël

23.

Hoeveel zonen had Jakob?

(a)  

24.

Hoe heette de oudste zoon van Jakob ?

a)

Issakar

b)

Ruben

c)

Zebulon

d)

Naftali

25.

De zonen van Rachel heten:

a)

Ruben en Simeon

b)

Levi en Juda

c)

Jozef en Benjamin

d)

Nick en Simon

26.

Jozef wordt verkocht aan .......

a)

Potifar

b)

Farao

c)

Jetro

27.

Jozef trouwt met Asnat. Hun twee zonen heten ......

a)

Jakob en Esau

b)

Mozes en Aäron

c)

Efraïm en Manasse

28.

De broers van Jozef reizen naar Egypte. Waarom ?

a)

Ze gaan er heen met vakantie

b)

Ze gaan er koren kopen

c)

Ze willen Jozef terugkopen

29.

De hele familie van Jakob gaat wonen in ......

a)

Raämses

b)

Pitom

c)

Gosen

30.

De Hebreeën worden slaven. Ze moeten voorraadsteden bouwen.

a)

Pitom en Raämses

b)

Raämses en Sukkot

c)

Pitom en Gosen

d)

Gosen en Sukkot

31.

In de woestijn heeft Mozes een ontmoeting met God .......

a)

bij de berg Horeb

b)

bij de berg Sinaï

c)

bij de Schelfzee

32.

De Farao weigert het volk Israël te laten vertrekken. Er komen dan ........

a)

7 rampen/plagen

b)

10 rampen/plagen

c)

12 rampen/plagen

d)

14 rampen/plagen

33.

Wanneer mogen de Israëlieten vertrekken ?

a)

Na 3 dagen lang geen zonlicht

b)

Na de sprinkhanenplaag

c)

Als de eerstgeborenen dood zijn

34.

Hoeveel geboden heeft God gegeven?

(a)  

35.

Hoeveel jaar zwierven de Israëlieten door de woestijn?

(a)  

36.

Wie is de opvolger van Mozes?

a)

Kaleb

b)

Jozua

c)

David

d)

Gideon

37.

Jozua stuurt 2 spionnen naar de stad ...........

a)

Jeruzalem

b)

Bethlehem

c)

Jericho

d)

Samaria

38.

De meest bekende richters zijn .................

a)

Saul, David en Salomo

b)

Gideon, Simson en Samuël

c)

Jefta, Debora en Barak

39.

Gideon verjaagt met .......... een groot leger van de Midianieten.

a)

duizend man

b)

honderd man

c)

driehonderd man

d)

vijfhonderd man

40.

Israëls eerste koning heet ...........

a)

Herodes

b)

David

c)

Saul

41.

Waar is Jezus geboren?

a)

Nazaret

b)

Jeruzalem

c)

Bethlehem

d)

Kafarnaüm

42.

Hoeveel wijzen kwamen uit het oosten om Jezus te aanbidden?

(a)  

43.

Waar is Jezus opgegroeid?

a)

Nazaret

b)

Kafarnaüm

c)

Jeruzalem

d)

Bethlehem

44.

Wat was Johannes de Doper van Jezus ?

a)

Broer

b)

Oom

c)

Kennis

d)

Neef

45.

Hoe vaak probeerde de duivel Jezus te verzoeken?

(a)  

46.

Hoe heet een samenkomstgebouw van de Joden ?

a)

Gebedshuis

b)

Synagoge

c)

Kerk

d)

Moskee

47.

Hoeveel discipelen had Jezus?

(a)  

48.

Waarop moet je je levenshuis bouwen ?

a)

Rots

b)

Zand

c)

Berg

d)

Kleigrond

49.

Jezus genas 2 bezetenen in Gadara. Waarin gingen de boze geesten ?

a)

De Zee

b)

Andere Mensen

c)

De Omstanders

d)

Zwijnen

50.

Waarmee voedde Jezus 5000 mannen plus vrouwen en kinderen ?

a)

Manna en kwakkels

b)

5 broden en 2 vissen

c)

3 broden en 3 visjes

d)

10 dadelkoeken

51.

Wie spraken met Jezus op de berg ?

a)

Het Sanhedrin

b)

Mozes en Elia

c)

Jozef en Maria

d)

Judas en Petrus

52.

Hoe groot moet volgens Jezus ons geloof zijn ?

a)

Als een mosterdzaad

b)

Als een berg

c)

Als een ceder op de Libanon

d)

Als een rots

53.

Hoe vaak moeten we elkaar vergeven ?

a)

7 maal

b)

70 x 7 maal

c)

3 maal

d)

100 maal

54.

Wat deden de dwaze maagden fout ?

a)

Geen extra olie

b)

Geen lampen

c)

Ze vielen in slaap

d)

Geen geld genoeg

55.

Hoeveel jaar heeft Jezus gepreekt?

(a)  

56.

Wat kreeg Judas voor zijn verraad ?

a)

20 zilverlingen

b)

een zak goud

c)

30 zilverlingen

d)

een akker

57.

Welke twee dingen zijn van belang bij het (laatste) avondmaal ?

a)

Brood en wijn

b)

Zout en licht

c)

Water en zeep

d)

Bittere kruiden en een ei

58.

Wie werd vrijgelaten voor Jezus in de plaats ?

a)

Judas

b)

Stefanus

c)

Simon de Zeloot

d)

Barabbas

59.

Hoeveel doden heeft Jezus opgewekt?

(a)  

60.

Wat zei Jezus bij zijn hemelvaart ?

a)

Tot weerziens

b)

Ik ga naar mijn vader in de hemel

c)

Maak alle volken tot mijn discipelen

d)

God zegene u