Font size
Worksheetstoets U2
Total questions: 42
Worksheet time: 12mins
Vul het juiste bezittelijk vnw. in
Philippe a téléphoné à (a) mère. (zijn)
Vul het juiste bezittelijk vnw. in
Quelles sont (a) passions, Madame? (uw)
Vul het juiste bezittelijk vnw. in
(a) parents ont 45 ans. (mijn)
Vul het juiste bezittelijk vnw. in
Zut, (a) arbitre a du retard. (onze)
Vul het juiste bezittelijk vnw. in
Vous avez (a) planches? On va à la plage (jullie)
Vervoeg het werkwoord pouvoir op de juiste manier.
zij kan/mag
(a)
zij kunnen/mogen
(a)
u kunt/mag
(a)
jij hebt gekund/gemogen
(a)
zij hebben gekund/gemogen
(a)
jij bent
(a)
jullie zijn
(a)
ik ben geweest
(a)
wij hebben
(a)
u heeft
(a)
hij heeft gehad
(a)
vertaal in het Nederlands
elle a été
(a)
elle a eu
(a)
vertaal
de afspraak
(a)
vangen
(a)
de vrijetijdsbesteding
(a)
fietsen
(a)
de overwinning
(a)
het drumstel
(a)
we zien elkaar
(a)
de streek
(a)
Hoe laat is het?
(a)
het is drie uur
(a)
het is half vijf
(a)
het is kwart voor twee
(a)
het is twaalf uur 's nachts
(a)
wat is er?
(a)
koken
(a)
laten zien
(a)
neemt u me niet kwalijk
(a)
want
(a)
ongeveer
(a)
onvergetelijk
(a)
welkom
(a)
een advertentie
(a)
Vertaal de volgende zin:
Hun trainer kan onze tegenstander verslaan.
Ik ben benieuwd hoe deze toets ging? Wat vond je van de manier van toetsen?
