Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

BioQuiz - thema 2 - bs 7

Total questions: 12

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

Hoe wordt het eencellige diertje die op de afbeelding te zien is genoemd?

a)

amoebe

b)

ameube

c)

pantoffeldiertje

d)

amoebbe

2.

Op de afbeelding hiernaast is een amoebe weergegeven die zich voedt.


Wat wordt er aangegeven met de letter A?

a)

celmembraan

b)

cytoplasma

c)

voedingsvacuole

d)

bacterie

e)

schijnvoetje

3.

Op de afbeelding hiernaast is een amoebe weergegeven die zich voedt.


Wat wordt er aangegeven met de letter B?

a)

celmembraan

b)

cytoplasma

c)

voedingsvacuole

d)

bacterie

e)

schijnvoetje

4.

Op de afbeelding hiernaast is een amoebe weergegeven die zich voedt.


Wat wordt er aangegeven met de letter C?

a)

celmembraan

b)

cytoplasma

c)

voedingsvacuole

d)

bacterie

e)

schijnvoetje

5.

Op de afbeelding hiernaast is een amoebe weergegeven die zich voedt.


Wat wordt er aangegeven met de letter D?

a)

celmembraan

b)

cytoplasma

c)

voedingsvacuole

d)

bacterie

e)

schijnvoetje

6.

Op de afbeelding hiernaast is een amoebe weergegeven die zich voedt.


Wat wordt er aangegeven met de letter E?

a)

celmembraan

b)

cytoplasma

c)

voedingsvacuole

d)

bacterie

e)

schijnvoetje

7.

Op de afbeelding hiernaast is een amoebe weergegeven die zich voedt.


Wat wordt er aangegeven met de letter F?

a)

celmembraan

b)

cytoplasma

c)

voedingsvacuole

d)

bacterie

e)

verteerde stoffen

8.

Hoe beweegt een amoebe zich voort?

a)

De amoebe heeft trilhaartjes op het celmembraan die helpen bij voortbewegen.

b)

De vacuole wordt een bepaalde richting op geduwd en daardoor beweegt een amoebe zich voort.

c)

Het cytoplasma wordt verplaatst, waardoor een amoebe zich kan voortbewegen.

d)

Een amoebe heeft een soort van voetjes (schijnvoetjes). Daarmee loopt de amoebe, dus voortbewegen.

9.

Hoe neemt een amoebe voeding (andere eencellige diertjes) waar?

a)

Een amoebe heeft net als wij ogen waarmee hij een ander eencellig diertje kan zien.

b)

Een amoebe heeft een soort van neus waarmee hij een ander eencellig diertje mee kan ruiken.

c)

Een amoebe kan met zijn celmembraan een ander eencellig diertje voelen.

10.

Een voedingsvacuole van een amoebe is vergelijkbaar met de vacuole in plantencellen.

a)

juist

b)

onjuist

11.

Hoe scheidt een amoebe afvalstoffen uit?

a)

De afvalstoffen worden via het celmembraan verwijdert.

b)

De voedingsvacuole met afvalstoffen smelt samen met het celmembraan en verwijdert daarmee de stoffen uit de cel.

c)

De afvalstoffen worden gewoon afgebroken in de amoebe.

d)

De amoebe doet niet aan uitscheiding.

12.

Hoe denk je dat een amoebe ademhaalt?

a)

Een amoebe heeft een celorganel die vergelijkbaar is met de longen van een zoogdier.

b)

Een amoebe haalt geen adem.

c)

Een amoebe haalt adem door stoffen uit te wisselen via het celmembraan.

d)

Een amoebe heeft een ademhalingsvacuole waarin stoffen waarin bijvoorbeeld zuurstof wordt aangeleverd.