wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Taal Thema 6 les 5

Total questions: 20

Worksheet time: 40mins

Name
Class
Date
1.

Welk woord is afleiding in de zin?

Ik vind jouw jurk echt beeldig!

a)

vind

b)

jouw

c)

jurk

d)

beeldig

2.

Welk woord is afleiding in de zin?

Mijn mobieltje ligt nog in de auto.

a)

mijn

b)

mobieltje

c)

ligt

d)

auto

3.

Welk woord is afleiding in de zin?

Mijn broer is een stuntelaar.

a)

mijn

b)

broer

c)

is

d)

een

e)

stuntelaar

4.

Welk woord is afleiding in de zin?

Hij moet zijn plan herzien.

a)

Hij

b)

moet

c)

zijn

d)

plan

e)

herzien

5.

Welk woorden zijn afleidingen in de zin?

Dit filmpje is onecht.

a)

dit, filmpje

b)

filmpje, is

c)

is, onecht

d)

filmpje, onecht

e)

dit, onecht

6.

Welk stukje is een voor- of achtervoegsel in dit woord?

beeldig

a)

beeld

b)

dig

c)

ig

d)

bee

e)

beel

7.

Welk stukje is een voorvoegsel in dit woord?

heropenen

a)

her

b)

openen

c)

open

d)

herop

e)

en

8.

Welk stukje is een voorvoegsel in dit woord?

geblaf

a)

ge

b)

geb

c)

geblaf

d)

laf

e)

blaf

9.

Welk stukje is een voorvoegsel in dit woord?

ondiep

a)

on

b)

diep

c)

iep

d)

ond

e)

ep

10.

Welk stukje is een achtervoegsel in dit woord?

netheid

a)

ne

b)

net

c)

heid

d)

eid

e)

id

11.

Een enkelvoudige zin heeft ......

a)

twee persoonsvormen

b)

een persoonsvorm

c)

drie persoonsvormen

12.

Een samengestelde zin heeft ......

a)

een persoonsvorm.

b)

meer persoonsvormen.

13.

Wat zijn voegwoorden?

a)

Dat zijn woorden waarmee je zinnen aan elkaar voegt.

b)

Voegwoorden zijn woorden die een zin vragend maken.

14.

De parkietjes kijken graag naar buiten, want daar gebeurt tenminste iets.

Enkelvoudige of samengestelde zin?

a)

enkelvoudig

b)

samengesteld

15.

De voegwoorden waar je op moet letten zijn:

a)

want, maar, en, of

b)

zodat, doordat, omdat, of, maar

c)

zodat, doordat, omdat, totdat, dat

16.

Als ik ga fietsen, dan neem ik een regenjas mee.

Is dit een enkelvoudige of een samengestelde zin?

a)

enkelvoudig

b)

samengesteld

17.

Vorige week ben ik door een hond gebeten in mijn kuit.

Is dit een enkelvoudige of een samengestelde zin?

a)

enkelvoudige zin

b)

samengestelde zin

18.

Ik spring op en neer, maar ze ziet mij niet.

Samengesteld of enkelvoudig?

a)

enkelvoudig

b)

samengesteld

19.

Ze heeft oordopjes in.

a)

enkelvoudig

b)

samengesteld

20.

Daar komt mama aan en ze heeft haast.

a)

enkelvoudig

b)

samengesteld