Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

resusfactor

Total questions: 5

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.

De resusfactor is een kenmerkend antigeen van rode bloedcellen. Hoe noem je bloed met dit antigeen?

a)

resuspositief

b)

resusnegatief

2.

Marianne is rhesus-negatief en was twee weken geleden van haar eerste kind bevallen. De artsen waren door onderzoeken erachter gekomen dat het kind rhesus-positief is. Marianne kreeg daarom tijdens haar 30ste week van haar zwangerschap de rhesus-prik en ook na de geboorte is de rhesusprik nogmaals toegediend.

Marianne wil graag nog een tweede kind maar is bang dat haar tweede kind ernstig ziek zal worden tijdens de zwangerschap of zelfs komt te overlijden. De artsen leggen aan Marianne uit dat dit niet het geval zal zijn omdat ze tijdens de eerste zwangerschap de rhesusprik heeft gehad.

Wat voor effect heeft de rhesusprik gehad en hoe is dit tot werking gekomen?

a)

De rhesusprik heeft bij Marianne ervoor gezorgd dat ze bij een tweede zwangerschap beter tegen rhesus-positieve bloed van haar tweede kind kan. Dit is een vergelijkbaar proces als wat er met een virus of bacterie gebeurt.

b)

Door toedienen van de rhesusprik herkennen de B- en T-cellen dat zij het rhesus-positieve bloed niet als iets van buitenaf. De B- en T-cellen hebben dit rhesus-positieve bloed lichaamseigen leren herkennen.

c)

Door het toedienen van de rhesusprik is er bloedplasma van andere mensen ingespoten die zorgen dat het rhesus-positieve bloed kapot wordt gemaakt voordat de moeder eigen B- en T-cellen aan kan maken. Marianne komt dus niet in contact met het rhesus-positieve bloed en maakt dus geen B- en T-cellen aan.

d)

Door het toedienen van de rhesusprik zal Marianne rhesus-positief bloed krijgen in plaats van rhesus-negatief bloed.

3.

Mag een resuspositief persoon bloed geven aan een resusnegatief persoon?

a)

Ja

b)

Nee

4.
a)

A

b)

B

c)

C

5.

a)

A

b)

B

c)

C

d)

D

e)

E