WorksheetsKlas 3 H5 Lezen en woordenschat
Total questions: 29
Worksheet time: 14mins
Wat betekent: vermijden
een uitdaging aangaan
uit de weg gaan
bang zijn
verdrietig zijn
Wat betekent: er niet mee te koop lopen
het niet willen verkopen
het alleen voor het beste bod willen verkopen
in de war zijn
het niet aan iedereen laten merken
Wat betekent: verward zijn
onwetend zijn
van elkaar verschillen
onterecht boos zijn
door elkaar halen
Wat betekent: waarnemen
zien, horen, voelen, ruiken, proeven
heel erg houden van de natuur
heel onervaren zijn
opmerken
Vanochtend was ik doodziek.
ironie
overdrijving
'Wat heb jij een prachtige jurk aan!'
ironie
overdrijving
Ik sterf van de honger.
ironie
overdrijving
'Eet nog meer chocola, dat is goed voor je.'
ironie
overdrijving
'Een voldoende voor rekenen? Dat gaat nog jaren duren!'
ironie
overdrijving
'Je wordt bedankt!'
ironie
overdrijving
'Ik heb huizenhoge schulden.'
ironie
overdrijving
'Jij bent de beste.'
ironie
overdrijving
'Jij bent het allerliefste kind dat ik ooit heb meegemaakt!'
ironie
overdrijving
'Af en toe ben ik stekeblind.'
ironie
overdrijving
Een feitelijk argument is
waar
juist
controleerbaar
het beste
Om verband aan te brengen tussen de argumenten gebruik je
signaalwoorden
feiten
voorbeelden
Om verband aan te brengen tussen de argumenten gebruik je
signaalwoorden
feiten
voorbeelden
Doordat, daardoor, zodat en waardoor horen bij het verband:
concluderend verband
oorzaak-gevolg
tegenstellend
voorbeeldgevend
Welke functie heeft de inleiding van een tekst meestal?
(a)
Een tekst is vaak opgebouwd uit
begin, midden, eind
inleiding, middenstuk (kern) en slot
stelling, argument, conclusie
onderwerp en plaatjes
Welk tekstdeel is het grootst?
Inleiding
Middenstuk
Slot
Bij een mening
vertel je feitelijkheden
vertel je wat je van iets vindt
geef je een onderbouwing
signaalwoorden van een mening zijn:
omdat, doordat, daarom
ten slotte, verder, tot slot
ik vind, volgens mij, ik denk
kortom, met andere woorden, dus
Wat is een argument
uitleg waarom je iets vindt
uitleg waarom je iets denkt
uitleg waarom je iets ziet
Aan welk signaal woord herken je géén argument
want
namelijk
immers
vervolgens
Wanneer volgt een conclusie
tot slot van alle argumenten
tot slot van alle meningen
tot slot van alle feiten
geen van de drie
Welk signaalwoord hoor NIET bij een conclusie
concluderend
dus
dat betekent
en
