wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

OefenQuizizz - SO+ - Thema 4 en 6

Total questions: 25

Worksheet time: 16mins

Name
Class
Date
1.

Welke functie heeft het spierstelsel?

a)

Ervoor zorgen dat je rechtop kunt staan

b)

Het beschermen van kwetsbare ingewanden

c)

Stevigheid geven aan je lichaam

2.

Hoe heet de plaats waar een pees vastzit aan het bot?

a)

Spierschede

b)

Spierbundel

c)

Aanhechtingsplaats

3.

In de afbeelding zijn de beenderen en enkele spieren in de achterpoot van een kikker schematisch getekend.


Als een kikker opspringt, strekt hij zijn achterpoten.

Welke spieren trekken zich dan samen?

a)

Spier 1

b)

Spier 2

c)

Spier 3

d)

Spier 4

4.

Als iemand zijn biceps aanspant dan wordt de spier ...

a)

Langer en dunner

b)

Korter en dikker

c)

Langer en dikker

d)

Korter en dunner

5.

Welke spieren zijn een antagonistisch paar? (2 antwoorden)

a)

Armtrekspier

b)

Buikspier

c)

Rugspier

d)

Voorste dijspier

6.

Welk spierweefsel kan de meest kracht geven?

a)

Dwarsgestreept spierweefsel

b)

Glad spierweefsel

c)

Hartspierweefsel

7.

Met welk deel zit een spier vast aan het bot?

a)

Aanhechtingsplaats

b)

Pees

c)

Spiervezels

d)

Kraakbeen

8.

Op de afbeelding zie je schematische tekening van een arm.


Welk onderdeel van de arm wordt korter als de onderarm wordt opgetild?

a)

P

b)

Q

9.

Welke twee spieren zijn een antagonistisch paar? (2 antwoorden)

a)

Achterste dijspier

b)

Buikspier

c)

Voorste dijspier

d)

Voorste scheenbeenspier

10.

*VWO vraag

In welk weefsel liggen de eiwitten (actine en myosine) niet netjes gerangschikt?

a)

Dwarsgestreept spierweefsel

b)

Glad spierweefsel

c)

Hartspierweefsel

11.

Wat is een voorbeeld van bewuste spierbewegingen?

a)

Eten kauwen

b)

Kippenvel krijgen

c)

Hartslag

d)

Maagbewegingen

12.

Wat is een voorbeeld van onbewuste spierbewegingen?

a)

Eten kauwen

b)

Praten

c)

Knipperen

13.

Welke type weefsel wordt weergegeven in de afbeelding?

a)

Kraakbeenweefsel

b)

Botweefsel

c)

Spierweefsel

14.

Welke kleur hebben kelkbladeren?

a)

Groen

b)

Wit

c)

Rood

d)

Geel

15.

Met welk nummer is een kroonblad aangegeven?

a)

4

b)

5

c)

6

d)

7

16.

Hoe heet deel 1?

a)

Stijl

b)

stempel

c)

helmdraad

d)

vruchtbeginsel

17.

Welke delen vormen de stamper van een bloem?

a)

Helmdraad en helmknopjes

b)

Stempel en vruchtbeginsel

c)

Stempel, stijl en vruchtbeginsel

d)

Stempel, stijl en zaadbeginsel

18.

In welk deel worden eicellen gevormd?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

19.

Wat is de functie van kroonbladeren?

a)

Het beschermen van de knop tegen uitdroging en kou

b)

Het lokken van insecten

c)

Het afstoten van insecten

20.

Hoe heet het mannelijk voortplantingsorgaan van een plant?

a)

Kelkbladeren

b)

Kroonbladeren

c)

Stampers

d)

Meeldraden

21.

Kunnen vruchtbeginsels meerdere zaadbeginsels hebben?

a)

Ja dat kan

b)

Nee, dat kan niet

22.

In welk deel worden de mannelijke geslachtscellen gevormd?

a)

deel 3

b)

deel 4

c)

deel 5

d)

deel 6

23.

Welke nummers vormen samen de stamper?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

24.

Welke functie hebben kelkbladeren?

a)

Het lokken van insecten

b)

Het vormen van eicellen in de zaadbeginsels

c)

Het beschermen van de knop tegen uitdroging en kou

25.

Hoe heten de vrouwelijke voortplantingsorganen van een plant?

a)

Stampers

b)

Kelkbladeren

c)

Meeldradaen

d)

Kroonbladeren