wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Thema planten lj1

Total questions: 22

Worksheet time: 11mins

Name
Class
Date
1.

Planten zijn meercellige organismen.

a)

Juist

b)

Onjuist

2.

Organen van planten zijn;

a)

Hart - stengel - wortel

b)

Maag - hart - longen

c)

Long - maag - stengel

d)

Stengel - wortel - blad

3.

Hoe noem je cellen van mensen en dieren?

a)

Bloedcellen

b)

Dierlijke cellen

c)

Cellen

4.

Hoe heet het blaasje in een plantaardige cel dat gevuld is met vocht.

a)

Celkern

b)

Vacuole

c)

Bladgroenkorrel

5.

Hoe noem je de cellen van een plant?

a)

Bladgroenkorrels

b)

Plantaardige cellen

c)

Organen

d)

Weefsel

6.

Een plantaardige cel heeft een celwand en een dierlijke cel heeft geen celwand.

a)

Juist

b)

Onjuist

7.

Fotosynthese vindt plaats in de:

a)

Vacuole

b)

Celkern

c)

Bladgroenkorrels

d)

Cytoplasma

8.

Wat zit er om de plantaardige cel heen?

a)

de celkern

b)

de vacuole

c)

het weefsel

d)

de celwand

9.

Bij een winterpeen eet je de:

a)

Stengel

b)

Bloem

c)

Wortel

d)

Bladeren

10.

Bij een ijsbergsla eet je de:

a)

Bladeren

b)

Stengel

c)

Wortel

11.

Varens en mossen zijn:

a)

Sporenplanten

b)

Zaadplanten

12.

Alle zaadplanten hebben bloemen

a)

Juist

b)

Onjuist

13.

Hoe noemen we de stengels van een boom

a)

Takken

b)

Gewoon stengels

c)

Stam

d)

Wortels

14.

Sporenplanten planten zich voort met:

a)

Zaadjes

b)

Sporen

c)

Nectar

15.

Zaadplanten planten zich voort met:

a)

Zaadjes

b)

Sporen

c)

Vruchten

16.

Hoe noemen we onderdeel 3?

a)

Cytoplasma

b)

Celkern

c)

Vacuole

d)

Celwand

17.

Hoe noemen we onderdeel 4?

a)

Celkern

b)

Cytoplasma

c)

Vacuole

d)

Bladgroenkorrels

18.

Hoe noemen we onderdeel 5?

a)

Celkern

b)

Cytoplasma

c)

Vacuole

d)

Bladgroenkorrels

19.

Wat doen stengels?

a)

Vervoeren water + voedingstoffen

b)

Zorgen voor stevigheid, waardoor de plant rechtop blijft staan

c)

Allebei

20.

Reservestoffen worden opgeslagen in de

a)

Stengel

b)

Bladeren

c)

Wortel

21.

Door fotosynthese maakt een plant

a)

Glucose en zuurstof

b)

Alleen glucose

c)

Alleen zuurstof

d)

CO2

22.

Om fotosynthese uit te voeren heeft een plant:

a)

Alleen water nodig

b)

Licht en koolstofdioxide nodig

c)

Water en Koolstofdioxide nodig

d)

Water, Co2 en licht nodig