wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Thema 3 - bloedsomloop - v2

Total questions: 22

Worksheet time: 4hrs 40mins

Name
Class
Date
1.

Koolstofdioxide wordt door het bloed afgevoerd naar de longen. Welk deel van het bloed vervoert koolstofdioxide?

a)

bloedplaatjes

b)

Bloedplasma

c)

Fibrinogeen

d)

witte bloedcellen

2.

Door welke eigenschap kunnen witte bloedcellen hun functie ook buiten de bloedvaten vervullen?

a)

geen celkern

b)

ze zijn erg klein

c)

grote aantallen in het bloed

d)

ze kunnen van vorm veranderen

3.

Uit welke deel bestaat het bloed voor het grootste gedeelte?

a)

rode bloedcellen

b)

bloedplaatjes

c)

bloed-plasma

d)

vaste bestanddelen

4.

Meestal heeft bloed een rode kleur, maar inktvissen hebben blauw bloed. Welk bestanddeel van het bloed is anders bij inktvissen?

a)

bloedplaatjes

b)

bloedplasma

c)

fibrinogeen

d)

Hemoglobine

5.

welke bestanddeel van het bloed vervoert zuurstof?

a)

bloedplaatjes

b)

bloedplasma

c)

hemoglobine

d)

witte bloedcellen

6.

Welke bloeddeeltjes spelen een belangrijke rol bij de bestrijding van ziekteverwekkers?

a)

rode bloedcellen

b)

bloedplaatjes

c)

witte bloedcellen

d)

hemoglobine

7.

Welk bestanddeel van het bloed is verantwoordelijk voor het vervoer van voedingsstoffen?

a)

rode bloedcellen

b)

vaste bestanddelen

c)

bloed-plasma

d)

witte bloedcellen

8.

Welk bestanddeel van het bloed is verantwoordelijk voor de stolling van het bloed?

a)

witte bloedcellen

b)

rode bloedcellen

c)

bloedplaatjes

d)

mineralen

9.

Drie typen bloedvaten zijn aders, haarvaten en slagaders.

Bij welk van deze drie typen bloedvaten heeft de spierpomp een functie?

a)

slagaders

b)

haarvaten

c)

aders

10.

Welk type bloedvat heeft de dikste wand?

a)

slagader

b)

haarvaten

c)

aders

11.

Het bloed in deze ader is zuurstofarm en koolstofdioxiderijk. Ook bevat het bloed in deze ader weinig voedingsstoffen maar veel meer afvalstoffen.

Welke ader voldoet aan deze omschrijving?

a)

De poortader

b)

de onderste holle ader

c)

de nierslagader

d)

de longader

12.

In welk van deze bloedvaten is het bloed zuurstofarm?

a)

longader

b)

leverslagader

c)

longslagader

d)

nierslagader

13.

Het bloed dat de kuitspier verlaat, is zuurstofarm.

In welk van de volgende bloedvaten is dit bloed voor het eerst zuurstofrijk?

a)

de beenslagader

b)

de longader

c)

de longslagader

14.

In de afbeelding is een doorsnede van het hart met aansluitende bloedvaten schematisch getekend.

Via welk bloedvat komt zuurstofrijk bloed het hart binnen?

a)

bloedvat 1

b)

bloedvat 2

c)

bloedvat 3

d)

bloedvat 4

15.

In de afbeelding is een doorsnede van het hart met aansluitende bloedvaten schematisch getekend. De delen van het hart zijn genummerd.

Welk deel van het hart pompt bloed in de aorta?

a)

deel 5

b)

deel 6

c)

deel 7

d)

deel 8

16.

In de afbeelding zie je enkele hardlopers. Door te trainen wordt het hart van hardlopers sterker.

Welk deel van het hart is vooral sterk bij hardlopers?

a)

linkerboezem

b)

linkerkamer

c)

rechterboezem

d)

rechterkamer

17.

In de afbeelding is een doorsnede van het hart met aansluitende bloedvaten schematisch getekend.

Via welk bloedvat komt zuurstofarm bloed het hart binnen?

a)

bloedvat 1

b)

bloedvat 2

c)

bloedvat 3

d)

bloedvat 4

18.

In de afbeelding is een doorsnede van het hart met aansluitende bloedvaten schematisch getekend. De delen van het hart zijn genummerd.

Welk deel van het hart pompt het bloed in de longslagader?

a)

deel 5

b)

deel 6

c)

deel 7

d)

deel 8

19.

Bij de werking van het hart zijn drie fasen te onderscheiden. Tussen de boezems en de kamers bevinden zich kleppen.

Tijdens welke fase staan deze kleppen dicht?

a)

Tijdens de hartpauze

b)

Tijdens het Samentrekken van de boezems

c)

Tijdens het samentrekken van de kamers

20.

Door welke bloedvaten kunnen witte bloedcellen en vocht heen?

a)

aders

b)

haarvaten

c)

slagaders

21.

Drie typen bloedvaten zijn aders, haarvaten en slagaders.

Bij welk van deze drie typen bloedvaten heeft de spierpomp een functie?

a)

aders

b)

slagaders

c)

haarvaten

22.

In de afbeelding is de bloedsomloop van een ara schematisch getekend.

Bevat bloedvat Q zuurstofarm of zuurstofrijk bloed?

a)

zuurstofarmbloed

b)

zuurstofrijkbloed