wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

BEV BVO WK 1

Total questions: 40

Worksheet time: 30mins

Name
Class
Date
1.

Bij doelen van een organisatie is beveiligen een .....

a)

Hoofddoelstelling

b)

Nevendoelstelling

2.

Materiele beveiliging bestaat uit: Bouwkundige hulpmiddelen, technische hulpmiddelen en .....

a)

administratieve hulpmiddelen

b)

elektronische hulmiddelen

c)

alarmsystemen

3.

In het Wetboek van strafrecht staat niet:

a)

Wat is strafbaar

b)

Wie is strafbaar

c)

Welke straf

d)

wie mag vervolgen

4.

Welk van de volgende strafbare feiten is een overtreding?

a)

mishandeling

b)

vernieling

c)

betreden bij verboden toegang

5.

Integer betekend:

a)

doortastend zijn

b)

flexibel zijn

c)

niet omkoopbaar zijn

d)

proactief zijn

6.

wat is geen belangrijke vaardigheid van een beveiliger :

a)

inschatten

b)

samenwerken

c)

vlot kunnen babbelen

d)

dienst verlenen

7.

Opzet is willens en wetens iets doen. Wat is geen opzet:

a)

inbreken in een woning

b)

een peuk weggooien waardoor brand ontstaat

c)

iemand slaan

8.

als je een bank van het balkon gooit zonder dat er iemand beneden staat om te kijken of er niemand aankomt is dat...

a)

opzet

b)

schuld

9.

Bij overtredingen wordt uitgegaan van

a)

opzet of schuld

b)

geen van beide

c)

opzet

d)

schuld

10.

Indirecte dienstverlening is:

a)

dienstverlening die je door een ander laat doen

b)

dienstverlening die even moet wachten

c)

dienstverlening die niet direct met beveiligen te maken heeft

11.

Een beveiliger brengt een bezoeker naar de ruimte waar hij een afspraak heeft. Dit is.....

a)

directe dienstverlening

b)

indirecte dienstverlening

12.

Bij een poging tot een misdrijf is de straf...

a)

een derde van de hoofdstraf

b)

de helft van de hoofdstraf

c)

een derde minder dan de hoofdstraf

13.

Poging eenvoudige mishandeling is

a)

strafbaar

b)

niet strafbaar

14.

Wim wil een raam van een woning inklimmen om in te breken. Hij ziet een voorbijganger aankomen en gaat snel de bosjes in. Is dit een strafbare poging?

a)

Nee, hij stop uit zichzelf

b)

Ja

15.

Welke hoort er niet in thuis? Je kunt iemand discrimineren op grond van...

a)

ras

b)

geloof

c)

kleding

16.

Security awareness is..

a)

Je bewust zijn van de beveiligingsmaatregelen

b)

je bewust zijn van de veiligheidsrisico's

17.

Specifieke instructies geven .....

a)

instructies bij bijzondere gebeurtenissen

b)

instructies die tijdelijk zijn

c)

een gedetailleerde beschrijving van algemene instructies

18.

een poging tot overtreding is....

a)

wel strafbaar

b)

niet strafbaar

c)

soms strafbaar

19.

Observeren is....

a)

goed rondkijken

b)

herkennen van een ongewenste situatie

c)

gericht waarnemen

20.

Bewaken is.....

a)

goed opletten

b)

gericht waarnemen

c)

een persoon of object voortdurend in de gaten houden

21.

Een medepleger is iemand die....

a)

behulpzaam is bij een strafbaar feit

b)

een belangrijk deel van het strafbare feit op zich neemt

22.

Een medepleger krijgt hoeveel straf?

a)

een derde van de hoofdstraf

b)

de zelfde straf als de dader

c)

een derde minder dan de dader

23.

Bij een risicoanalyse van een object let je (nog) niet op....

a)

wat voor bedrijfsactiviteiten het bedrijf heeft

b)

de ligging van het object

c)

de hoogte van het object

d)

maatregelen die genomen moeten worden

24.

Bij risico's voor een bedrijf is een onderverdeling in 3 categorieën. categorie 1 is:

a)

van belang

b)

van zeer groot belang

c)

van vitaal belang

25.

een intellectuele dader is een dader die:

a)

niet strafbaar is

b)

het misdrijf uitvoert

c)

het misdrijf bedenkt

26.

De uitlokker is degene die....

a)

een ander onder druk zet

b)

een ander overhaalt het feit te plegen

27.

de materiele dader bij doenplegen is...

a)

strafbaar

b)

niet strafbaar

c)

strafbaar maar krijgt een derde minder straf

28.

Een brand en sluitronde loop je...

a)

als iedereen vertrokken is

b)

een half uur nadat de werktijd voorbij is

c)

een half uur nadat de laatste persoon vertrokken is

d)

een uur na sluiting

29.

Compartimentering is....

a)

een vorm van samenwerken

b)

een deel doen van een ronde

c)

het verdelen van een grote ruimte in kleine ruimtes

30.

Bij visitatie mag je...

a)

iemand fouilleren

b)

iemand aanraken

c)

bagage, tassen en voertuigen doorzoeken

31.

een minderjarige wordt niet vervolgd tot de leeftijd van...

a)

12 jaar

b)

13 jaar

c)

14 jaar

32.

hoeveel gevangenisstraf krijgt een minderjarige maximaal?

a)

6 maanden

b)

1 jaar

c)

2 jaar

33.

Als je bij een inbraak op de uitkijk staat ben je.....

a)

medepleger

b)

medeplichtige

c)

doenpleger

34.

Manbeveiliging is....

a)

het beveiligen van een persoon

b)

het beveiligen tegen een persoon

c)

het beveiligen door mensen

35.

Wat is geen technisch hulpmiddel?

a)

mechanische hulpmiddelen

b)

elektrische hulpmiddelen

c)

communicatieve hulpmiddelen

d)

hulpmiddelen die onlosmakelijk aan een gebouw vast zitten

36.

Een strafuitsluitingsgrond is een reden van de rechter om je niet te straffen omdat.....

a)

het feit niet is bewezen

b)

de verdachte niet strafbaar is

37.

Bij noodweer is de verdachte niet strafbaar omdat...

a)

het onweerde

b)

de verdachte niet anders kon

c)

de verdachte zichzelf verdedigde en niet makkelijk weg kon lopen

38.

Als de politie hond bij een aanhouding een zich heftig verzettende verdachte bijt, kan de agent een beroep doen op....

a)

overmacht

b)

noodweer

c)

wettelijk voorschrift

39.

Wat is geen identiteitsbewijs?

a)

rijbewijs

b)

perskaart

c)

identiteitskaart

d)

verblijfsdocument

40.

Verduistering is.....

a)

Inbraak in een woning tussen 24:00 en 06:00 uur

b)

het wegnemen van een goed van een ander in de nacht

c)

een goed van een ander dat je al bij je had voor jezelf blijven houden.